Hoofdstuk 7

'Men vraagt en wij draaien!'


Maar nu eerst mijn tweede nieuwe activiteit in 1935, het jaar waarin dus ’Men vraagt en wij draaien!’ werd geboren, het eerste Nederlandse verzoekplatenprogramma. Het wasdít programma, dat mij van al mijn bezigheden de grootste bekendheid en in tweeërlei opzichten de grootste voldoening heeft geschonken.
Inderdaad, in tweeërlei opzichten. Toen het door publicaties in het VARA-blad en in andere media bekend werd dat ik in het nieuwe seizoen 1935-1936 geen deel meer zou uitmaken van het VARA-toneel, stak er een storm van protesten op, zowel in brieven aan het VARA-bestuur als op de VARA-ledenvergaderingen.

Al deze protesten resulteerden in een telefoontje aan mij van de toenmalige programmaleider Eli Bomli, met het verzoek om die avond bij hem thuis een gesprek te hebben. En het was tijdens dit gesprek dat Eli Bomli mij voorstelde om voor de VARA een verzoekplatenprogramma te gaan presenteren. Dat was een kolfje naar mijn hand en met vreugde accepteerde ik dit aanbod, terwijl ik toen nog niet vermoeden kon dat dit programma het bijna veertigjaar zou uithouden, een unicum in de Nederlandse radiowereld.

  • Frans Nienhuys op 30-jarige leeftijd in 1935, het jaar waarin het fameuze verzoekplatenprogramma 'Men vraagt en wij draaien!' van start gaat.


En tijdens dit gesprek bedacht ik ook de naam ’Men vraagt en wij draaien!’ En zo ontstond in 1935 het eerste Nederlandse verzoekplatenprogramma. En de tweede reden waarom ik dit programma van mij, van al mijn bezigheden in die lange reeks van vijftig jaren, de grootste voldoening in mijn leven heeft geschonken, zal ik u verderop gaan vertellen.

In Hilversum begon dus mijn persoonlijke victorie in 1935 met twee activiteiten waar ik mij met al mijn energie en liefde op wierp.Enerzijds dus met mijn radioprogramma Men vraagt en wij draaien! en anderzijds met mijn Nederlands Cabaret Ensemble.

In dat jaar was mijn dochtertje Nelleke één jaar geworden en omdat mijn vrouw immers in mijn cabaretgezelschap meewerkte en dus vele avonden per week met mij overal in het land moest optreden, trokken wij in Hilversum in bij een al wat ouder echtpaar, dat voortreffelijk voor ons dochtertje heeft gezorgd. Maar het ging steeds beter met mijn Nederlands Cabaret Ensemble. De opdrachten voor het verzorgen van feestavonden werden steedsveelvuldiger en uitgebreider.

  • Frans en dochter Nelleke in 1938 aan het Noordzeestrand.

Aangezien de meeste artiesten die ik moest engageren in Amsterdam woonden – en die ik voor de voorstelling met mijn auto moest ophalen en naafloop weer naar Amsterdam moest terugbrengen, waarna wij weer naar Hilversum moesten rijden – besloot ik in 1938 weer naar Amsterdam terug te gaan. En ik ben daar de rest van mijn leven blijven wonen. En veel, bijzonder veel is er gebeurd tussen dat jaar 1938 en het jaar waarin ikdit levensverhaal heb opgetekend, 1976.