Ga je mee kleine beer

 

Vertelpantomime voor groep 1-2

 

Doelen:

Ø      De leerlingen leren zich in te leven en zich te verplaatsen in de wereld van de beer.

Ø      De leerlingen kunnen met hulp van de leerkracht een verhaal vertellen en uitbeelden, in de vorm van een vertelpantomime

 

In de vertelpantomime is het van belang fantasie en beleving van de kinderen te stimuleren. Dit zijn voorwaarde om tot een spel te komen. Leerlingen hebben ideeën en deze moeten worden omgezet in een vormgeving.

Bijvoorbeeld:

Het lopen als grote beer of als kleine beer.

Hoe valt sneeuw

 

Inleiding: ( 5 minuten)

 

Ik laat de kinderen dagelijkse handelingen nadoen in pantomime. Ik doe ze voor.

-         haren kammen; paraplu open  maken; drinken, eten etc. 

 

We zitten in de kring, en gaan samen iets bedenken bij de plaatjes die we zien. Ik vertel het verhaal zo uitgebreid mogelijk

 

Kern: ( 20 minuten)

 

Ik laat steeds een prent zien en de kinderen vertellen om beurten hun verhaal hierbij. Wie kan vertellen wat je op deze plaat ziet? Als er voldoende is verteld, dan ga ik door na de volgende en vraag ik Wat gebeurde er toen? Ik laat ze tevens uitbeelden wat kleine beer deed .

Ik probeer de kinderen te stimuleren door te zeggen dat hun bijdrage goed is. Ik probeer te stimuleren dat ze ook hun fantasie moeten gebruiken en niet alleen vertellen wat ze daad werkelijk zien. Als het niet meer zo goed loopt vertel ik zelf een prent. Dit is dan weer een nieuwe prikkel voor de kinderen, en een stimulans om verder te gaan. De kinderen beelden diverse dingen uit zoals: Sloffen, spitsen van oren, druppelen van het ijs, ploffen van de sneeuw, waaien van de wind en kraken van de takken. Ze mogen gebruik maken van diverse materialen uit de speelzaal o.a. pittenzakken voor vallen van de sneeuw; stokken voor het druppelen van het ijs; plastic voor de wind; kranten voor krakende takken. Etc.

Verwerking: ( 10 minuten)

 

Ik vertel het verhaal van kleine beer en de kinderen gaan spelen/uitbeelden wat ik vertel.  Ze kunnen de platen nog wel zien, maar de bedoeling is dat het nu vanuit hun zelf komt. Ik let op de mate van inleven bij de kinderen, dit met het oog op  een latere les.

 

Afsluiting: ( 5 minuten)

 

Grote beer en kleine beer zijn nu in slaap gevallen. Ik maak ze wakker doormiddel van het aanraken van de kinderen. Ze nemen nu plaats in de kring en verlaten we de speelzaal