Alleen

 

De zon, de zee, een heldere lucht,
zo zou mijn leven moeten zijn,
een boom met een rijpe vrucht,
niet te groot en niet te klein
Maar ik voel me zo alleen,
ook met jou,
Want we kunnen niet praten,
overal in onze relatie
zitten wel een paar gaten.
Ik voel steeds weer,
hoe het me ook spijt,
dat keer op keer,
mijn hand weer uit de jouwe glijdt.
Precies kan ik het je niet zeggen,
er zijn geen woorden voor,
om alles uit te leggen.
Maar het gebeurt,
heel langzaamaan.
En jij weet wat ik bedoel,
De regen wordt sneeuw,
de wind een orkaan,
dat is wat ik voel.
Dus laat me gaan.......

 

 

Andere wereld

 

 

Je ogen kijken me aan,
zo leeg, zo oud, zo moe,
Én soms denk ik,
ik zie een traan.
Praten gaat niet meer.
Ook al probeer je het telkens weer.
Je zoekt mijn hand,
je raakt me aan
Kon ik je maar begrijpen,
kon ik je maar verstaan.
Je leeft in een andere wereld,
een wereld hier ver vandaan
Ik ziet geen lichtjes meer in je ogen,
ze staan zo flets en onbewogen.
Ik zie alleen je staar,
weet je wie ik ben,
Ach wist ik het maar.

 

 

Bekentenis

 

Bij het ruisen van de waterval,

nam ik een besluit,

dat ik je nu vertellen zal,

eens was ons vlammetje uit.

Ik was jou schat, niet altijd trouw,

eens was er ook een andere vrouw.

Het deed me ook verdriet en pijn,

maar de liefde besloot heel even,

om ook voor een ander daar te zijn.

Maar het ruisen van de wind,

was ons goed gezind,

want met de donkere lucht,

ging deze liefde weer op de vlucht.

Het is en zal, nee nooit meer zijn,

ik beloof, ik doe je nooit meer pijn.

het is voor altijd voorbij,

er is alleen nog ik en jij.

 

 

Buitenleven

 

Aan de rand van het kleine meer,
bij het spetterend water,
gaan ze te keer,
de spelende kinderen,
zo vrolijk en blij,
niets kan hen hinderen.
De zomer komt er weer aan,
de bomen worden weer groen,
in onze lange Lindelaan.
Het zachte gezoem van een bij.
geeft me een zomers gevoel,
een gevoel van samen zijn, ik en jij.
Ik vlij neer in het lange gras,
en wenste dat je bij me was.
Ik drink de warmte van de zon,
er denk eraan hoe het begon.
Hoe ik je in mijn netten ving,
een lieve zoete herinnering.
De zwoele wind speelt door mijn haar,
ach mijn liefste was je er maar,
zodat we samen konden genieten,
van dit mooie buitenleven,
ook al was het maar heel even.

 

 

De Boom

 

Toen de roodborstjes zongen,
kwam jij lieve jongen.
Heel onverwachts was je daar,
met je kleine wipneus ,
en je zilveren haar.
Ik wil je laten weten,
dit moment zal ik
nooit meer vergeten..
En heus het is echt,
ik heb toen gezegd,
ik zal een boom voor je planten,
een gedicht voor je schrijven,
in alle kranten.
Deze boom,een hazelaar,
die is nog steeds daar.
Die boom van liefde en vrede,
die ik toen plantte,
jaren geleden.
Het gedicht in de krant,
smeedde tussen jou en mij,
die speciale band.
Waarmee ik je zeggen wou,
mijn kind wat hou ik veel van jou

 

 

De eerste keer

 

De groene linde in de laan,
toonde zijn volle pracht,
De gordijnen danste voor het raam,
de zon die door het venster scheen,
beloofde, dit wordt een dag als geen.
Een beetje van het zonnige licht,
toverde een schaduw
op je kleine lieve gezicht.
Mijn kindje van verlangen,
met je zachte roze wangen,
je ogen als een oceaan.
Op die mooie lentedag,
toen bij jij gaan staan.

 

 

De eindeloze tijd

 

Bloemen, bomen, velden, wegen,
zo groen, zo kleurig en zo bont.
Je komt ze overal wel tegen,
de winterse sneeuw, zo koud,
een grote dikke eik,
wel honderden jaren oud.
De zomerzon, die zich weer meld,
en die jou dan vertelt,
dat ergens eens,
het leven begon,
Tastbaar, voelbaar,
een stukje van de aarde,
dat vertelt je allemaal,
Ja het vergezelt je,
steeds opnieuw maar weer,
in hun eigen lange verhaal
het verhaal van de eindeloze tijd
jaren lang voor jou bereid,
om over na te denken,
wat God jou hiermee wil schenken.
Het paradijs van het leven,
voor jou gemaakt,
aan jou gegeven.

 

 

December

 

De maand van bidden voor vrede,
de maand van winterse kou.
Waarin we onze denkwijze verbreden,
en waar de wapenwet,
slechts twee dagenlang,
word stopgezet.
Christus word opnieuw geboren,
ieder jaar opnieuw,
zullen we dit horen.
We leven in een waan,
en denken niet na,
over een andere wereld,
en hun bestaan.
Een wereld waar armoe is en pijn,
oorlog en ziektes,
het zou niet mogen zijn.
Waarom steeds vechten,
waarom honger en nood.
Waarom gaan er steeds maar,
zoveel mensen dood.
Ze sterven te vroeg,
voor ze hebben geleefd.
Een mens, een kind,
dat ooit naar geluk heeft gestreefd.
Soms nog maar net geboren,
moest het weer gaan,
heeft zijn leven verloren,
zonder te weten,
van ons aardse bestaan.
Is het dit alles wel waard,
bommen, kannonnen, geweren,
komt er ooit vrede op deze aard.

 

 

Dichtbij……

 

Voor mij geen vaarwel
' t is niet de laatste keer.
Nu nog even wel…..
maar de stilte wordt steeds meer.
Enorm verdriet,
maar er is iets in het verschiet….
’ t  is niet voorbij
maar juist heel dichtbij,
Want 's avonds laat,
als de zon weer ondergaat,
dan komt de schemering,
en brengt me de herinnering.
Dan hoor ik je stem,en ' t is net,
of je heel dicht bij me bent.
Er rolt een traan,
en ' k laat me gaan.
In de maneschijn,
dat is de plek,
om heel dicht bij jou te zijn.
Soms zie ik dan,
jou gezicht,
in het heldere sterrenlicht.
De eenzaamheid ,
die langzaam verdwijnt,
als golven in de zee.
en gaat mijn gevoel,
oneindig met je mee.
Er is dan nog alleen,
die leegte om me heen,
De tastbaarheid,
die ben ik voor altijd kwijt..
Maar overal,waar ik ook ben,
Ben jij heel dicht bij mij.

 

 

Dolly……

 

Als wij wandelen in de zomerwind,
jij en ik mijn lieflijk kind,
luisterend naar de vogels in de bomen,
terwijl jij me verteld over jou dromen,
kijkend naar de lammeren in de wei,
dan voel ik me o zo blij.
We horen de koetjes loeien,
je ruikt aan de bloemen die bloeien,
bekijkt een steen op de grond,
en aait een vrolijk blaffende hond.
De zon streelt je eigenwijze snoet,
de koesterend zomerwarmte,
die doet je zo goed,
O wat is het  fijn,
om oma van zo'n dolly te mogen zijn.

 

 

Dromen

 

Dromen heeft een ieder mens,
ze ontstaan heel vaak,
uit een lang vervlogen wens.
Dromen van liefde,
dromen van geluk,
waarvan je soms denkt,
dit kan nooit meer stuk.
Dromen uit jou gedachten bereid,
maar ja, dan komt weer de realiteit.
Soms denk je dan toch,
zie je wel weer.
Dromen zijn toch bedrog.

 

 

Een gedicht

 

Een gedicht,

woorden en gedachten,

waarin een boodschap ligt.

uit je hart geschreven,

soms met geluk, soms met verdriet,

met emoties die geen ander ziet.

Dingen die bij je blijven,

probeer je van je af te schrijven,

Je geluk, je woede, het ontlaad,

de pijn maar ook soms de haat.

Dingen die je niet kunt vergeten,

die je anders had opgevreten,

dat jou verstand heeft ontwricht,

dat werk je uit, in een gedicht.

Het maakt je vrij,

de rust vloeit langzaam in je terug,

ook al is het niet voorbij,

maar toch voor heel even,

heb jij het van je afgeschreven.

 

 

Een gezicht

 

Het gezicht van een mens
liefdevol en intens,
boosaardig en kwaad,
vragend om raad,
eenzaam en vol verdriet,
wat je niet altijd ziet.
Achter dat gezicht,
schuilt altijd een bericht,
geluk, pijn of zorgen,
achter een gezicht,
blijft het verborgen.

 

 

Een kleine erfenis

 

 

Een baby,een kind,
nog maar net geboren,
s' morgens heel vroeg,
in het ochtendgloren.
Het eerste,een meisje wat fijn,
voor mijn moeder,
ondanks haar pijn,
haar ziek zijn,de smart,
die er ook was,
heel diep in haar hart.


Emoties die ik nog voor me zie,
van haar ziekte,haar leukemie.
Mijn moeder,een Oma
die zo graag leven wou,
die wilde genieten,
wat hield ze van jou.
Ze kon je niet op zien groeien
alleen voor je zingen,
maar niet met je stoeien.
Maar wat heeft ze je nog verwend,
in die korte tijd,
dat ze jou heeft gekend.


Je was nog maar net een jaar,
toen is ze gegaan,
en was niet meer daar.
Een Oma, een schat van een vrouw,
en soms zie ik dingen,
van haar weer in jou.
Raak deze dingen nooit kwijt,
die kleine erfenis,
is voor jou lieve meid..
Een foto,een herinnering,
is alles wat ik je kan geven
en mijn verhaal,
Het verhaal van haar leven.

 

Mama

 

 

Een lach en een traan

 

Een lach,

een traan,
soms van verdriet,

soms van geluk.
Kom laat jezelf maar gaan.

 


Emoties van het leven,
huil maar, lach maar,
steeds opnieuw beleven.
Soms geeft het kracht.

 

Emoties komen altijd op tijden

op momenten

dat het  nodig hebt

maar niet verwacht.

 

 

Een vriend…..

 

Een vriend die altijd vrolijk is en lacht,

en die me zoveel vreugde bracht.

Want had ik een probleem,

dan was jij er meteen.

Jij die er altijd voor me was,

en de wensen van mijn lippen las,

en die het niet kon laten,

om uren lang met me te praten.

Een vriend zo attent en trouw,

wat hou ik toch veel van jou,

Die vriend, ja dat ben jij,

en wat ben ik blij,

dat je dit allemaal wilde doen,

zo’n vriend vind je maar eens op ’n miljoen.

 

 

Einde

 

 Een tijd van stilte,
van weemoed en verdriet,
van denken aan de reden,
waarom jij mij verliet
Was onze relatie dan zo verkeerd,
was het schip waarin wij vaarden,
soms niet goed afgemeerd.
Nu is er die stilte,
maar in mijn gedachten,
blijf jij steeds opnieuw maar komen.
soms in mooie en in fijne,
maar ook in verdrietige,
en in boze dromen.
steeds is er weer die herinnering,
en zijn er de gedachten,
waarom het niet goed met ons ging.
Het maakt me verdrietig en boos,
en ik voel me zo eenzaam,
en o zo machteloos.
Ik ben je kwijt,
je bent gegaan,
dit is het einde van ons bestaan.
Maar voor alles is een reden,
en ik hoop we vinden weer opnieuw geluk,
en vergeten het verleden

 

 

Emoties

 

Wat je emoties ook zijn,
ze komen vaak voort,
uit jou verdriet of jou pijn.
Iets zit er dan,
van binnen vastgeroest.
Iets wat er van jou dan,
naar buiten moest.
Je wist niet of je,
zou schreeuwen of huilen.
Maar je wilde het toch ook niet,
met een ander ruilen.
Dat was iets alleen van jou,
iets zat je dwars,
en wat eigenlijk niet wou.
Dat gebeurde dan toch,
en ook al wilde je niet,
en dat iemand anders die emoties ziet.
Maar het maakte je vrij,
en nu ben je blij.
En je denkt o wat een zegen,
het is weer voorbij,
en ik kan er weer tegen.

 

 

Samen

 

Samen bij het vallen van de nacht,
kijkend naar de sterrenpracht,
samen in het ochtenddauw,
slaak ik een diepe zucht,
samen met jou,
niet meer alleen,
niet meer op de vlucht.


Samen in de morgenzon,
zoekend naar de stralen,
die ons hart verwarmen
en de dag gaan binnenhalen..
De dag dat jij moet weten,
dat het verdriet in mij,
voor eens en altijd is versleten.

 

 

Glimlach

 

Als ik naar jou staar,
dan denk ik heel even,
vriendschap en liefde,
horen bij elkaar.
De zilveren glimlach,
op jou gezicht,
maakt iedere dag opnieuw,
alles weer goed,
en geeft mijn dag weer licht.

 

 

Pagina 1   Pagina 2   Pagina 3   Pagina 4   Pagina 5