Rasbeschrijvingen
Op deze pagina staan een aantal rassen nauwkeurig
beschreven. Ik zal proberen zo veel mogelijk rassen beschreven te krijgen. Mocht
u een ras kennen waarvan u zegt dat het zonde is dat het hier niet beschreven
staat, mail mij dan even, dan zal ik kijken wat ik kan doen, als u zelf veel
verstand hebt van een bepaald ras, dan mag u mij een stukje tekst mailen, dan
zal ik kijken of ik het op mijn site kan zetten. Dit allemaal omdat ik niet van
alle rassen genoeg verstand heb om overal een stukje tekst over te schrijven.
Onder het stukje tekst staat de naam van de persoon die het geschreven heeft,
die personen wil ik hier hartelijk voor bedanken.
Nederlandse-baardkuifhoenders.
De Nederlandse baardkuifhoenders zijn jarenlang door het leven
gegaan als Padua's, een naam die nog wel eens wordt
gebruikt, vooral in het buitenland. Deze naam is omstreeks
1600 ontstaan op basis van de beschrijving van de Italiaan
Aldrovandi. Niettemin, sinds 1925 gebruiken wij de naam Nederlandse Baardkuifhoenders.
De jaartallen bevestigen in ieder geval dat wij met een zeer
oud ras te maken hebben. Zoals de naam al aangeeft heeft het baardkuifhoen
een kuif en baard. De kuif is qua vorm vergelijkbaar met die van
de kuifhoenders. Wel oogt de kuif meestal iets platter, en is deze iets kleiner
en steviger De baard vervangt de bij hoenders gebruikelijke kinlellen. De baardkuifhoenders zijn minder contrastrijk gekleurd, maar
worden zondermeer in een aantal opvallende kleurslagen
gefokt. Dit geldt zowel voor de grote hoenders als de
baardkuifkrielen. Eenkleurige dieren kennen we in wit,
zwart en blauwgezoomd. Daarnaast bestaan de zeer aansprekende koekoek,
goudzwart-, zilverzwart- en geelwitgezoomden. Baardkuifhoenders
zijn rustige dieren die een redelijke leg kennen. Ze worden
bijna nooit broeds. Ook in krulveer zijn deze rassen
aanwezig, vooral de krielen daarvan mogen zich in een
groeiende belangstelling verheugen. Deze groeiende
belangstelling is evenwel nog lang niet voldoende. Het aantal fokkers
is nog te bescheiden om het voortbestaan van dit ras te garanderen. Dit
geldt in het bijzonder voor de grote baardkuifhoenders, en vooral in de moeilijke,
gezoomde, kleurslagen. Baardkuifhoenders en
baardkuifkrielen verdienen om dezelfde redenen als de kuifhoenders
veel meer belangstelling.
Koekoekkleurige
baardkuifhoenhaan.
Zilver-zwart gezoomde (krulveer)
baardkuifhoenders, haan en een hennetje.
Deze foto's en het stukje tekst met dank aan de heer Luuk
Hans, van de Nederlandse kuif en baardkuifhoenclub (nkbc).
De Chabo wordt in veel andere landen vaak Japanese bantam
genoemd, wate betekend Japanse kriel. Deze naam had dit ras vroeger in
Nederland ook. Terecht heeft men later de naam gewijzigd in Chabo. Er zijn
namelijk meerdere soorten krielen die hun oorsprong in Japan hebben. Dus Chabo
is de beste naam.
Hoewel de Chabo ingedeeld wordt bij de Japanse rassen heeft het
dier z'n oorsprong in Indo-China.
De Japanners hebben van de Chabo echter een heel ander
type-dier gemaakt. Zoals de Japanners omgaan met de Bonsaï bomen gaan ze ook
met de Chabo's om. Ongebruikelijke vormen aan een plant of een dier. Zo is de
Japanner er door jarenlang fokken in geslaagd een ras te fokken met korte
benen, grote kopversierselen en een grote, sierlijke staart. Dit geheel maakt
van de Chabo een clownesk diertje.
In de 16e eeuw zijn er door de kooplieden welke met Japan
handel voerden dieren meegenomen naar Nederland. Vandaaruit is het ras
zeer snel over Nederland verspeidt. Op het schilderij 'De Hoenderhof' van Jan
Steen staat al een Chabo afgebeeld.
Het nu
De Chabo behoort tegenwoordig tot de populairdere rassen. Het
ras is dan ook bij uitstek geschikt om op een kleine ruimte te houden. Een
paar vierkante meter is al voldoende voor een toom Chabo's. Daarnaast is het
karakter van de Chabo's zeer rustig en zijn ze eigenlijk altijd handtam.
Rasbeschrijving
De Chabo is een oorspronkelijk krielras. Een goede Chabo valt
direct al op doordat de loopbenen niet goed te zien zijn. Deze zijn zo kort
dat het lijkt alsof het diertje op rolletjes loopt. Bij de hanen zijn
vervolgens de kammen, oorlellen en staart zeer opvallend. Naar verhouding
tot het lichaam zijn deze extreem groot. (echter nooit zo extreem dat het dier
er last van heeft). De Chabo heeft een ronde, volle borst welke opgericht
gedragen wordt. Hierdoor lijkt het alsof de hals iets teruggetrokken is. De
zeer korte ruglijn loopt in een U-vorm tussen hals en staart.
De Chabo zal in het voorjaar gemiddeld zo'n 3 tot 4 eieren per
week leggen. In het overige jaar zal de leg wat teruglopen. Chabo's
worden regelmatig broeds. Het zijn goede broedsters en ook is de verzorging
van de kuikens uitstekend.
Kleurslagen en variëteiten
Bij de Chabo's zijn een groot aantal kleurslagen erkend. De
meestvoorkomende kleuren zijn: zwart witgepareld, wit zwartstaart, geel
zwartstaart, koekoek, zwart en wit. De overige kleurslagen zie je overigens
ook regelmatig.
Er is verder geen enkel ras in Nederland te bedenken waar zo
veel verschillende variëteiten in zijn te vinden. Zo zijn er naast de
gewone Chabo's ook nog een krulvederige (Frisé), bolstaartige,
zijdevederige, kortstaartige, grootkammige en gebaarde Chabo's erkend.
Combinaties van voorstaande zijn natuurlijk ook mogelijk.
Tot slot
De Japanners hebben met de creatie van de Chabo een zeer apart
krielras ontwikkeld. Hiervoor is veel, heel veel geduld nodig geweest.
Wij mogen de Japanners daar dankbaar voor zijn. De gemiddelde kwaliteit van de
Chabo's op tentoonstellingen ligt behoorlijk hoog. Hier komt dan ook veel
fokkerskunst bij kijken. Gelukkig is er een speciaalclub om de fokkers van de
Chabo's te helpen en ondersteunen. De Chabo Liefhebbers Club heeft een eigen
pagina op het internet. U kunt hier nog veel meer informatie verkrijgen.
Neem eens een kijkje op www.chabo.myweb.nl
Tekst met dank aan de heer Jan Ubels van de Chabo
liefhebbersclub.
(naar boven)
De zijdehoenders
Onder de kippen nemen zijdehoenders een speciale plaats in, zij zien er namelijk nogal apart uit omdat zij zijdeachtige harige veren
hebben. Ik heb wel eens iemand horen zeggen dat het
"poedel" kippen waren. Het zijn geen grote
dieren, de grote soort is eigenlijk een halfkriel maar er
bestaan ook echte krielen. Zijdehoenders hebben in elk
geval een kuif en bevederde benen en er bestaan gebaarde
en ongebaarde dieren. Als bijzonderheid hebben zij verder nog 5 tenen
i.p.v. 4 en is het vlees blauw van kleur (niet bij de koekoekkleur). Er
zijn verschillende kleuren zijdehoenders, erkend zijn: wit, zwart, patrijs,
zilverpatrijs, blauw, buff, koekoek, rood en parelgrijs. De
hennen staan bekend als levende broedmachines, ook eieren van andere dieren kunnen zij goed uitbroeden. Ondanks die broedsheid
leggen zij nog een redelijk aantal eieren die niet zulke
grote afmetingen hebben. Zijdehoenders kunnen niet goed
vliegen, dat kan handig zijn want een laag hekje
is voldoende om hen in de tuin te houden. Door hun bevederde poten zullen
zij ook niet veel schade toebrengen aan de tuin als zij daarin los mogen
lopen. Verder is het een rustig ras wat heel
vertouwelijk kan zijn.
Buff-kleurige
zijdehoenhen.
Buff-kleurige zijdehoenhen
op de voorgrond en op de achtergrond 2 koekkoek-kleurige zijdehoen hennen.
Dit stukje tekst en foto's met dank aan
mevrouw Joke Osinga.
(naar boven)
Twee Oud - Nederlandse rassen ,
De KRAAIKOP , UILENBAARD en de waarvan de voorouders zijn onstaan in de
Middeleeuwen en ons pluimveebestand kwamen versterken. Vermoedelijk
zijn de voorouders in de vroege Middeleeuwen door Hollandse zeevaarders
meegenomen uit het Oostzee grenzend gebied zoals RUSLAND en POLEN
. Indertijd bestond er het Hanze - verbond , een
overkomst tussen een aantal landen waarbij ook Nederlandse
steden waren aangesloten. Nederlandse kooplieden voerden
uit Novgorod graan, hout, honing en pelzen aan. Gezien het
agrarische karakter van deze producten is de kans groot dat ook
pluimvee bij de handelswaar behoorde. Hierbij realiseerde men men dat deze
soorten vermoedelijk een luxe- artikel was. Het is dan ook niet verwonderlijk
dat deze dieren door zeventiende-eeuwse schilders nadrukkelijk worden
afgebeeld. De "gewone landhoenders ontbraken of kregen een plaatsje op
de achtergrond.In de rij van deze rassen komt de Kraaikop het eerst voor bij
de Nederlandse HoenderClub afgekort
in het vervolg (N.H.C). ontbraken. Op deze show is geen aandacht aan het uiterlijk besteed.
Kenmerken van het ras
Alvorens alle soorten wetenswaardigheden van de Kraaikop te
vermelden, eerst een korte beschrijving van het ras ,
zodat verwarring met andere rassen is uitgesloten. De
Kraaikop is de reus onder de oud- Nederlandse hoenderrassen, Vergeleken
met de andere rassen die in het verleden de hoenderhof bevolkten, is
de grootte van de dieren het eerste kenmerk. De houding
van de Kraaikop is opgericht , fors, maar slank met een enigszins aflopende
rug en vrij hoog gesteld. Het ras komt voor in zwart, wit, koekoek en gezoomd-blauw. De Kraaikop heeft een aantal typische
kenmerken waarmee het ras zich onderscheidt van ander
hoenderrassen. De naam hebben ze te danken aan de snavel
en de kop, die veel gelijkenis vertonen met die van een Kraai. Het opvallende
aan deze kop is het volledig ontbreken van een kam. In plaats hiervan
is sprake van een een kleine schedelverhoging waarop een aantal stijve,
haarachtige, naar achteren groeiende veertjes is geplaatst. Kenmerkend
zijn daarnaast de opengespalkte neusgaten, die zich laten zien in de
vorm van een hoornachtige, zadelvormige verhevenheid, veroorzaakt door de recht opstaande randen boven de snavel. Naast
de kop vallen als eigenschappen op de hoge beenstelling, voetbevedering
en gierhakken. Gierhakken zijn schuin naar beneden,
achterwaarts groeiende ver aan het dijbeen. Naam-
aanduidingen in andere Europese landen zijn;
Frans talige landen - Poule de Breda of Poule Bec
Duits talige landen - Breda Hunh.
DE NEDERLANSE STANDAARD ;
Algemene indruk en eigenschappen
Een fors, vrij hoog gesteld hoen van het landhoentype met
opgerichtehouding, opvallende gierhakken en typische kuif- en kamloze kop.
Ernstige fouten Smalle en sterk aflopende lichaamsbouw, te geringe grootte, te
lage of te hoge beenstelling, te sterk afhangende
vleugels, te laag of te hoog gedragen staart, te losse of
te krappe en te korte bevedering, kam vorming. Fouten
Bovenstaande ernstige fouten in mindere mate voorkomend.
Gewicht ; Haan 2,5 - 3 kg. Hen : 1,75 - 2,25 kg.
Kleurslagen
Zwart: Kleur van haan en hen mag niet glanzend zijn doch wel
diepzwart. Snavel zwartachtig hoornkleurig. Loopbenen en
tenen donker leiblauw met donkere gloed op de schubben bij
jonge dieren. Wit : Kleur van haan en hen schoon wit zilverachtig. Snavel
hoornkleurig wit. Loopbenen en tenen lichtgrijs tot wit.
Gezoomd blauw : Blauweveer met een donkere
zoming. Snavel donker hoornkleurig. Loopbenen en tenen
donker leiblauw.
Koekoek :Kleur bevedering wit en zwart
V-vormig om en om getekend. Snavel hoornkleurig wit.
Loopbenen en tenen wit met enige zwarte vlekken tot lichtgrijs.
De Bantam Kraaikop; Is ontstaan in de jaren 1930. Opnieuw "geintroduceert" in het jaar 1982 door Albert
Jansen en Jan Kraan ,de laatst genoemde fokte al de grote
Kraaikoppen met succes en wilde voor zijn dochters de
krielen fokken. Er waren op dat moment nog 6 krielen bij
een fokker te verkrijgen maar er was een strakke inteelt
gepleegd , er waren 5 dieren zonder nagels , 1 wit haantje
bleef er over die waarschijnlijk nog wat kwaliteit in huis had om te gebruiken
voor verdere fok. Albert Jansen schafte een zwarte
sabelpoot en een zwart Nederlands Uilebaard bantam aan en
fokte hier al de 50% Kraaikop bantam uit deze kruiste wij met
het witte haantje en na ongeveer 3 jaar hadden wij de bantams nog enigszins
met goud in de halsbevedering. Nu zijn er ongeveer 10
fokkers in Nederland die zwart- wit- gezoomdblauw en koekoek
fokken. Ikzelf fok al enige jaren met succes de zwarte en de koekoek kleur
. Nu ben ik van plan om buff- koekoek te gaan fokken.
De Nederlandse standaard voor de Bantams. Algemene
indruk, eigenschappen, vormbeschrijving , verschillen tussen haan en
hen , ernstige fouten , fouten en de kleurslagen zijn precies zoals bij de grote Kraaikoppen. De bantans hebben 1/3 van de grootte van de
Kraaikoppen(groot)
.
Gewicht : Haan : 900-1000 gram. Hen : 700-800 gram. De
hanen zijn absoluut geen vechters , ze zijn zelfs vriendelijk. De
hennen leggen gemiddeld 200 eieren per jaar de grote kraaikoppen 55 gram
, de kraaikop bantams 45 gram Zijn geen zelf broeders.
Geschiedenis van de Ned.Uilebaard
Herkomst:Behoren ook tot Nederlands oudste rassen, zij kwamen
reeds in de 16e en 17e eeuw al voor. Net
als voor veel andere Nederlandse rassen, zag het er aan het eind van 19e eeuw
somber uit voor de Ned.Uilebaarden. De oudste afbeelding van dit ras vind
men in het boek over hoenders van R.F.Maitland (1882). Het is een zeer goede
afbeelding van de zilver-zwartgeloverde kleurslag. Het was
ook nu weer Dhr.Houwink die zijn schouders onder het ras zette voor herstel.
Hij begon op twee manieren. Omstreeks 1897 begon hij met de fokkerij
hiermee. Hij zocht tussen rasloze hoenders naar dieren die nog een 2
hoornige kam hadden. Het resultaat van dit speurwerk waren 10 dieren waarmee
hij de 2 doornige-kam wilde vast leggen. Waar deze niet ras-zuivere dieren
vandaan kwamen, is niet bekend. Wel meldt dhr. Vries in 1942/1943 dat in
het verleden op Groningse boeren bedrijven nog wel eens " Oelebaorden" voorkwamen, die in de jaren 40 van deze eeuw helemaal waren
verdwenen. Eventuele verschillen tussen haan en hen. Behoudens secundaire geslachtskenmerken geen verschillen van
betekenis, kamhoorntjes bij de hen ¾ a 1 cm.
Ernstige fouten.
Te weinig baard ontwikkeling, gespleten of te sterk ingesnoerde
baard,duidelijk zichtbare oor- en kinlellen, ontbreken van 1 of 2 kamdoorntjes, sterke kamvlees ontwikkeling voor de hoorntjes, kuifvorming.
Fouten; Bovenstaande ernstige fouten in mindere mate
voorkomend, rijke vederkroes achter de kamdoorntjes, grove
of iets misvormde hoorntjes.
Gewicht: Haan 2,2 - 2,5 kg. Hen 1,6 - 1,8 kg.
Kleurslagen
VEERKLEUR /BAARDKLEUR/ SNAVEL/ BEENKLEUR
Zwart zwart Donker hoornkleurig
Wit wit Licht hoornkleurig
Gezoomd blauw blauw gezoomd Donker hoornkleurig
Koekoek koekoek Wit Zwart hoornkleurig
Goudzwart geloverd zwart Donker hoornkleurig
Zilverzwartgeloverd zwart Licht hoornkleurig
Geelwitgeloverd geel Licht hoornkleurig
Goudpel goud Donker hoornkleurig
Moorkop zwart Licht - bij de zilver- Donker
hoornkleurig goud varianten.
Zilver parelgrijs geloverd ( alleen bantams ) parelgrijs Donker
hoornkleurig.
De geschiedenis van de Nederlandse Uilebaardkrielen
De eerste Nederlandse Uilebaardkriel werd geexposeerd op de
25-jarige jubileumshow bij Avicultura
.Hoe hij dit dier heeft gefokt en hoe het eruit zag is onbekend. Het
opvallend dat de UILEBAARD Kriel als laatste in rij B.K.U.
krielrassen kwam, rond 1935. Dhr. Etteger zou een groot
aandeel in hebben gehad, n.l. om ANTWERPSE BAARD krielen te kruisen met
NEDERLANDSE BAARDKUIF krielen. Het doel was om BRABANTER krielen te fokken. Door deze manier van fokken was het niet zo verwonderlijk dat er
ook UILEBAARDEN te voorschijn
kwamen. Alle kleuren van de grote zijn ook erkent bij de
bantams, hieraan kan de zilver-parelgrisgeloverd aan
toegevoegd worden. Inplaats van een zwarte lovering bij de
zilver-zwartgeloverd is dit vervangen door parel-grijs. Nieuwe
kleur bij de bantams In het jaar1989 maakte ik een start
om de kleur"ZILVER_PARELGRIJSGELOVERD" te gaan Fokken. Er waren enige parelgrijze jonge dieren tevoorschijn
gekomen uit een stam, deze heb ik gebruikt om ermee door
te gaan. Deze heb ik gekruist met zilver-zwartgeloverd
weliswaar 2 foklijnen. Hieruit kwamen allen zilver-
parelgrijs uit, dus dat betekende voor mij dat de kleur
fokzuiver (homozygoot)was . De lovering werd na een paar
jaar wat te klein . Toen heb ik een HOLLANDS-HOEN haan gebruikt, (ook
weleens HAMBURGERS genoemt), deze had kleine kam en kinlellen en een mooie
sikkels. Maar de oogkleur is bij HOLLANDSHOEN te donker, dus ik moest via
selectie daar uit zien te komen, de sikkels en de lovering leverde een verbetering
op. In het jaar 1997 stuurde ik 2 jonge-hanen en hennen
voor het eerst in op de Noordshow tevens Bondsshow in
Zuid-Laren in om verder te kunnen moest je minimaal G
(goed) gehaald hebben. Twee dieren kregen een ZG (zeer
goed ) en 2 kregen er een G. Dus reden genoeg om door te
gaan. In 1998 moest je 1 oude haan , 1 oude hen en 4 jonge
dieren ieder van ander een geslacht. Ook
hier haalde ik voldoende punten mee om door te gaan. Het jaar 2000 had ik
als streven om het jubileumhoen in te zenden en erkent te krijgen, dat lukte
mij met goed resultaat. Ze zijn erkent door de standaard commissie van de
Bond ( N.H.D.B. ) Er moet nog wel wat verbeterd worden ,
zoals de staart waar ik een lovering op wil hebben, bij de
hennen is het al enige jaren , maar bij de hanen moet het
nog. Ook de baard mag wat groter en de veerstructuur is bij parelgrijs wat
losser dus werk genoeg. Algemene indruk, eigenschappen,
vormbeschrijving, verschillen tussen haan en hen, ernstige
fouten, fouten en kleurslagen zijn precies zoals bij de grote UILEBAARDEN.
Gewicht : Haan : 700 - 800 gram. Hen : 600 - 700 gram.
Deze tekst (over Kraaikop+
Uilebaard) met dank aan de heer J. Kraan. (zie links voor zijn site)
(Naar boven)
Het Drents hoen
Dit ras komt al meer dan 200 jaar voor in Nederland, van
oorsprong, hoe kan het ook anders uit Drenthe. Het Drents hoen is het oudste nederlandse ras. Dit mooie ras is sterk en weet
zich goed te handhaven in de vrije natuur (los in de tuin) maar ook een
hok voldoet goed voor deze mooie landhoender.
Drentse hoenders eten in vergelijking met hun goede leg van witte eieren
weinig. Net als de meeste Nederlandse rassen is dit ras een landhoen, een
landhoen is een kip die niet erg vol is, met strak aanliggende bevedering en
vaak vrij weinig dons, ook zijn de landhoenders vaak actieve kippen. Het ras
is dus erg beweeglijk, maar daar moet ik bij zeggen dat het een ras is wat met
een beetje zorg en liefde hand tam te krijgen is, hoewel dit per kleurslag
verschilt. Het ras is in de staart variant en in een bolstaart variant erkend.
Bij een bolstaart ontbreekt kort beschreven gewoon het staartbotje.De staart
variant is erkend in 17 kleurslagen (voor elk wat wils) en de Bolstaarten
zelfs in 10 kleurslagen meer. Ook van dit ras is er een dwergvorm (kriel)
erkend en ook in allebei de varianten.
Standaardgewichten:
Drents hoen groot: haan: 1,7- 1,9 kg Hen 1,3- 1,5
kg
Drentse kriel: haan: 700-800 gram hen:600-700gram.
.
Drentse
Bolstaart, haan, Patrijskleurig
Drentse
bolstaart, hen,zilver patrijs
Drents
hoen, hen, met staart, patrijs
Drents hoen tekst+ foto's
met dank aan de heer C. Giesberts (zie mijn links voor zijn site)
(naar boven)
De Brahma en de Brahma kriel
De Brahma is een oorspronkelijk ras van aziatische oorsprong en komt uit de
koudere streken getuige hiervan de rijke bevedering, de bevederde benen en
voeten en de vrij kleine kamvorm die praktisch geen problemen geeft bij
vrieskou. Het is een van de grootste hoenderrassen en heeft verwantschap met
de Cochin en de Langshan. Omstreeks 1850 zijn de eerste laten we maar zeggen
"ruwe" exemplaren van bovengenoemde rassen naar Amerika en Europa
gekomen, door selectie zijn de genoemde rassen naar voren gekomen. De Brahma
staat aan de basis van veel rassen die rond 1900 zijn ontstaan zoals in
Amerika de Wyandotte en Plymouth Rock, in Nederland laten de Barnevelder en
Welsumer duidelijk zien dat dit ook het geval is.
De Brahma is een fors en fier ras met een opgerichte houding en een in
verhouding tot het lichaam kleine kop en korte snavel. Door de relatief brede
schedel vormen zich de duidelijk zichtbare wenkbrauwen waardoor een enigszins
brutale kopuitdrukking. Door hun vertrouwelijk karakter kunnen het zeer
aanhankelijke dieren worden. Ze leggen een redelijke hoeveelheid eieren,
broedsheid komt van nature voor en het zijn goede moeders voor hun kuikens.
Het ras komt in meerdere kleuren voor in de patrijs- en columbia kleurslagen
terwijl er ook berkenkleurige en eenkleurige dieren in zwart en blauw zijn.
De Brahmakriel is een verkleinde (30%) uitgave van de grote Brahma en is
ontstaan in Europa rond 1900 en gefokt uit te kleine grote Brahma's en diverse
oorspronkelijke dwergrassen zoals Sabelpoot en Chabo. In alles is het streven
naar een verkleinde uitgave van de grote Brahma, ook wat het karakter betreft,
dit is al heel goed gelukt in de oudste columbia kleurslagen.
Door het rustige karakter van de zowel de grote als de kriel zijn ze bij
uitstek geschikt om ze rond het huis te houden ook op een beperkte ruimte.
Dit stukje is geschreven door B.Beekhuis,
ook het plaatje is met dank aan B.Beekhuis.
De Wyandotte
De wyandotte is een Amerikaans ras dat samen met hun krielen
veruit het populairste ras is. de naam Wyandotte is eigenlijk afkomstig van een Am.
Indianen stam, deze naam zag de heer Houdlette op een boot staan en zo komt dit ras aan zijn naam wyandotte na
eerst verschillende andere namen te hebben gedragen onder andere American sebrights de eerste kleur was de zilver
zwart gezoomde later kwamen de witte en div. andere kleuren maar het zijn vooral de Engelse en Duitse fokkers
geweest die de meeste kleurslagen bij vooral de wyandottekrielen hebben gecreeerd.
Het is een rustig en vertrouwd ras dat wel makkelijk broeds word
dit broeds worden ligt ook nog wel aan de kleurslag patrijs krielen bv zijn veel sneller broeds dan gestreepten
ook zijn er kleine karakter verschillen bij de verschillende kleurslagen. gestreepten bv zijn niet voor je
schoenen weg te krijgen terwijl patrijs weer wat meer opzich zelf
zijn maar als regel geld wel dat als men zich veel met de jonge kuikens bemoeit, en oppakt dus veel contact
onderhoud met de jonge dieren deze als zeer mak kunnen worden beschouwd, de leg is over het algemeen zeer goed
immers de wyandotte werd vroeger door veel fokkers gehouden voor de leg die dan naar de eiermarkten trokken om hun
waar te verkopen, hanen werden weer afgemest voor hun vlees ,.
Er zijn vele kleurslagen reeds ontstaan en tevens nu nog worden
gecreeerd
zo kennen wij de getekende rassen zoals de meerzomig patrijs,
blauw patrijs zilverpatrijs en Am.roodpatrijs de gestreepten de
columbia en bufcolumbia zowel zwart als blauwgetekend, zalmkleurig ,rood porcelein ,zwart wit gepareld en enkele
nieuwe nog niet erkende kleurslagen zijn bv koekoek patrijs ,zilver en goudberken, parelgrijs
gezoomden zijn erkent in zilverzwart gezoomd goud zwart en goud
blauw gezoomd, geelwitgezoomd en verder bij de enkelkleurige de zwarte ,blauwe ,witte en buff kleurige
en ook de rode enkel gekleurde verder kent de Wyandotten club een competitie op de shows waar de club hun
clubshow de districtshow en jongdieren clubshow houd om de fel begeerde eigenslag medailles te winnen. de
jongdieren clubshow word altijd in Utrecht op Ornithophilia gehouden, de clubshow en districtshows wisselen op
verschillende shows de clubshow wisseld onder drie shows te weten de Exeptionele loosdrecht
Oneto Enschede en de Noordshow te Zuidlaren.
Een
gestreepte wyandotte hen.
Een
rode wyandotte hen, rood is een nieuwe (weinig voorkomende) kleurslag bij dit ras.
Een
zilver-zwart gezoomde wyandotte hen.
Een span (1haan met 1 hen) zilverpatrijskleurige wyandottes
Dit stukje tekst en de foto's met dank aan Dhr. H.M.
Griekspoor.
Het Friese hoen
Dit licht gebouwde hoen liep in het begin van de 20e eeuw bij veel
boeren op de erven rond, voornamelijk in Friesland, maar ook wil in een aantal andere provincies. Het
ras heeft een brede goed afgeronde en hoog gedragen borst, een korte ruglijn, door de opgerichte houding bevinden
kop en staart zich ongeveer op dezelfde hoogte. De laatst genoemde factoren onderscheiden de Friese hoenders aan
de Drentse hoenders. De hennen van dit ras hebben een goede leg van vrij grote eieren. Het ras prefereert een
grote vrije uitloop maar is ook goed te houden in kleinere hokken. Het ras is erkent in maar liefst 11
verschillende kleurslagen namelijk:
geelwitpel-zilverpel-goudpel-citroenpel-roodpel-roodbont-wit-zwart-blauw-koekoek en in zwartbont, dankzij een
aantal actieve fokkers van dit ras zijn de grote Friese hoenders sinds kort ook erkent in de kleur zandgeel, dus
voor elk wat wils is er wel een mooie kleurslag.
Deze foto komt van een Duitse website over het ras.
Dit stukje tekst is met dank aan Dhr. K. v/d Hoek.
DE BRAKELS
De " Brakel " is het oudste nog in stand gehouden Vlaams ( Belgisch )leghoenderras.Het
is een mooi, vitaal, klimaat- en weersbestendig landhoen van het lichtetype dat geroemd werd om zijn sterke
legkracht. De leg van 200 witschaligeeieren met een gewicht van om en bij de 60 gr betekent dan ook wel wat.De
dieren verlangen een grote uitloop en kunnen makkelijk handtam gekregenworden.Toch is het raadzaam dat diegene die
zich met het ras wil bezighouden errekening mee houdt dat de ren zeker twee meter hoog dient afgespannen teworden
en in sommige gevallen liefst ook nog overspannen wordt met eennylonnet.Jonge hanen bevruchten reeds vanf januari
en de kuikens zijn makkelijk op tefokken.De soort bestaat in 8 variëteiten van het grote type en twee
krielvormen: degoud- en zilverbrakel. De overige kleurslagen bij de grote variëteit zijn:de witgeelgebande of ook
wel chamoiskleurige brakel genoemd, de effenblauwe, de blauw gezoomde, de zwarte, de witgebloemde en de effen
witte.Er bestaat een speciaalclub voor het Brakehoen.(klik
op de naam om op de website te komen). Voor verdere inlichtingen kan u steeds terecht bij P. Golsteyn. Tel
011-252850 of op e-mail peter.golsteyn@skynet.be
Dit stukje tekst is met dank aan Peter Golsteyn op mijn website verschenen.
De Antwerpse Baardkriel
Het is een van de kleinste dwergrassen
Herkomst is Belgie, ontstaan plm. 1880
Klein, gedrongen type twee derde voor de poten, volle baard en halsbehang,
heeft een roze kammetje. Gewicht van de hanen is 600-700 gram, hennen 500-600 gram.
Het zijn makke krielen in het fokseizoen brengen de hanen je nog wel eens
naar de uitgang van het hok, de leg is matig indien goed verzorgt is, de bevruchting goed.
Jong geboren kuikens zijn teer , denk om de juiste behandeling. de hennen
kunnen zelf ook best broeden, laat de eieren enkele dagen liggen en ze zijn broeds en broeden dan ook goed.
Voor de kleuren liefhebbers is er veel keus, 22 kleuren de hoofdkleuren
welke het meest gefokt worden zijn zwart en kwartel.
Dit jaar zijn de buffkleurigen erkend.
Dit stukje staat op mijn site met dank aan Appie Groothof.
Australorp(krielen)
De australorp en zijn krielen behoren tot de "middelzware hoenders"
het is een rustig ras dat makkelijk tam te maken is. Oorspronkelijk is het een Australisch ras, gekruist met een
Engels ras (orpington). De naam Australorp is een samentrekking van Australian Orpington, het ras heeft de
"bijnaam" boemerangras omdat het ras eerst in Australie veer voor kwam, toen zijn ze vanuit australie
naar Engeland gegaan, en daarna waren ze later ook weer veel te zien op in Australie. Het ras heeft een
goede leg en ook het vlees smaakt heerlijk. Het ras heeft 2 kleurslagen, Zwart en blauwgezoomd (in groot en kriel
erkent) om blauw gezoomde dieren te fokken gebruiken veel fokkers trouwens ook nog een "niet erkende"
kleur, namelijk vuilwit (zie voor foto "mijn eigen kippen") als men vuilwit kruist met zwart dan krijgt
met uitsluitend Blauw gezoomde kuikens, vaak zijn deze ook nog goed van kleur. Vuilwitte dieren worden gefokt uit
een kruising van blauw gezoomd x blauw gezoomd, de kuikens hiervan zijn: zwart/vuilwit en blauw gezoomd. Uit
een kruising van zwart x blauw gezoomd komen zwarte en blauw gezoomde kuikens, alleen worden de blauw gezoomde
kuikens uit die kruising toch vaak wat aan de donkere kant, dat is niet goed voor de show, vuilwitte dieren zijn
ook niet voor de show geschikt omdat het geen "erkende kleur" is.
Dit stukje tekst heb ik zelf geschreven.