Inleiding


Compositie is heel belangrijk voor een goede foto.


Het zal ons allemaal wel opgevallen zijn dat sommige beelden, schilderijen, prenten maar ook foto's meer indruk maken, langer in het geheugen blijven hangen dan andere. Hoe komt dat ?

Bepaalde schilderijen hangen al jaren op een ereplaats in onze grote musea, waarom het ene schilderij wel en het ander niet? Waarom valt het werk van sommige fotografen streeds weer op, en het werk van andere niet. Sommige foto's maken meer indruk dan andere, hoe komt dat ?

Natuurlijk is in de eerste plaats het verhaal, de inhoud van belang, maar vaak blijkt ook de sterke compositie de beeldopbouw bij te dragen tot het succes van de foto.

Het gaat in dit verhaal over compositie en beeldopbouw.
Compositie heeft een hele lange geschiedenis. 2000 jaar geleden al hebben de grieken en romeinen zich er mee bezig gehouden. Wat daarvan overgebleven is, bijvoorbeeld architectuur, vervult ons nog steeds met grote bewondering.
Compositie is in feite ordening van de elementen in het beeldvlak. Een fotograaf kan de beeldelementen, personen, voorwerpen vooraf op de door hem of haar uitgezochte plaatsen zetten. De fotograaf kan ook de camera net zo lang verplaatsen totdat de opbouw van het beeld, de vulling van het matglas, de compositie dus aan de verlangens voldoet.
Het gebeurd natuurlijk wel eens dat een opname bij toeval een sterke compositie bevat, maar meestal word een goede compositie echt gemaakt. Hoe maken we een goede compositie ?

Als we pas beginnen dan is het heel nuttig daarbij gebruik te maken van enkele bekende richtlijnen. Later als we meer ervaring hebben, kunnen we de richtlijnen rustig vergeten, als ze eenmaal bekent zijn worden ze onbewust toegepast.

Eigenlijk is compositie de manier waarop ieder van ons bij het maken van een opname op zijn eigen,persoonlijke manier het beeldvlak ordent. Compositie is dan ook een uitdrukking van de persoonlijkheid van de fotograaf. Daarbij spelen zijn of haar achtergrond,opleiding, ervaring visie mee.
De compositie-richtlijnen die we nu één: voor één gaan bespreken, kunnen helpen die persoonlijke smaak, die visie te ontwikkelen.

De bekende richtlijnen zijn: eenvoud, regel-van-drie, lijnen, evenwicht, insluiten en samenvallen.

Eenvoud


De eerste en misschien wel belangrijkste richtlijn is eenvoud.
Bij elke opname moeten we:
1.eerst voor ons zelf uitmaken wat nu eigenlijk het hoofdmotief van de opname is, wat we eigenlijk willen fotograferen.
2.dan proberen we dat hoofdmotief te isoleren,los te maken, het tegen een eenvoudige achtergrond te plaatsen. Een achtergrond die de aandacht van de beschouwer niet zal afleiden.
Hier links een voorbeeld hoe het niet zou moeten. De beschouwer van deze foto vraagt zich vertwijfeld af, wat nu eigenlijk het hoofdmotief is.
Het is helemaal onduidelijk waarom de fotograaf deze foto gemaakt heeft.
Gaat het om de telefooncel, om de grote cactus of om het oude bruggetje?
Wanneer de fotograaf de cactus als onderwerp had gekozen,dan had hij het beter kunnen doen zoals rechts,de cactus tegen de lucht.
Hier nog een voorbeeld, links een foto van de meeuw, maar tegen de warrige achtergrond kun je het beest nauwelijks herkennen.
Een paar stappen opzij en we hebben de meeuw tegen de iets bewolkte lucht, dat maakt dat het dier beter tot zijn recht komt.
Bij deze opname van een oud kerkje zullen we om die reden meestal aan het rechterbeeld de voorkeur geven, in het linker beeld verstoord de parkeerplaats de sfeer die die het oude kerkje oproept.
Toch in bepaalde gevallen kan zo'n verstoring ook zinvol zijn.
Hier een voorbeeld van de keuze die we al bij de opname moeten maken.Houden we de camera horizontaal ?
Dan krijgen we een liggend formaat met automatisch een flink stuk achtergrond mee in beeld.
We geven daarmee aan waar en onder welke omstandigheden de opname werd gemaakt.
Of we geven toch de voorkeur aan het staande,verticale formaat dan word de aandacht helemaal op het meisje en de jongen geconcentreerd.


Dus samenvattend : voor alles eenvoud nogmaals kies het hoofdmotief.
Probeer een eenvoudige beeldopbouw te vinden.
Zorg voor een eenvoudige achtergrond, vermijd de aanwezigheid van allerlei details die de aandacht afleiden.
Ga zo dichtbij als maar mogelijk is.
Zo kun je de beschouwer duidelijk maken wat je te vertellen hebt, zo kun je jou beeld zo sterk mogelijk doen overkomen.

Regel-van-drie.

Over de plaatsing van het hoofdmotief in het beeldvlak gaat de regel-van-drie.
Die eenvoudige regel geeft in veel gevallen een heel prettig aandoende beeldvulling.
De regel-van-drie gaat zo, trek in gedachten in het beeldvlak, dus op het matglas, twee staande lijnen,die het beeldvlak in drie gelijke delen verdelen. Doe het zelfde met twee liggende lijnen.Er ontstaan zo vier snijpunten. In veel gevallen zal plaatsing van het hoofdmotief op een van de vier punten, een sterke compositie geven.
Deze zeemeeuw hebben we in het snijpunt rechts-boven geplaatst. Daardoor is er voldoende ruimte voor zijn schaduw ontstaan,en ook ruimte voor de sporen die naar het dier leiden.
Ook hier heeft de fotograaf gebruik gemaakt van de regel-van-drie, hij kreeg zo een hele goede beeldvulling. Bovendien krijgt op deze manier de hoofdpersoon nog wat ruimte voor zich om in te lopen.
Heel vaak word een foto met een bewegend element sterker als dat element : mens, dier, auto, ruimte in de bewegingsrichting heeft, het beeld kan gaan inlopen of inrijden.
Als je daar bij de opname niet op let, dan krijg je zo'n foto. de jogger zal zo uit beeld verdwenen zijn!
Beter kun je de jogger het beeld in laten rennen.Dat versterkt de indruk van beweging.Hier staat het motief op het snijpunt links onder.
De regel-van-drie kan ook helpen bij de plaatsing van de horizon. Bij deze opname heeft de fotograaf het bootje en de horizon allebij precies in het midden gezet. Dat leverd een stijve foto op. Zo'n plaatsing met alles in het midden geeft een erg statisch en weinig dynamisch beeld. Een beeld dat de beschouwer nauwelijks zal boeien.
Verplaats de horizon naar boven op eenderde van de hoogte. Zet het bootje op het snijpunt links boven. je Je krijgt direct een beeldopbouw, die veel dynamischer, veel boeiender werkt. Er komt beweging in het beeld.
Het kan ook op deze manier. We hebben de horizon een heel eind omlaag gebracht op eenderde van onder. Ook dat leverd een prettig beeld.Heel vaak blijkt een beeldopbouw met de horizon op eenderde van boven of eenderde van onderen een boeiender beeld op te leveren.
Maar, ook sterke verticale elementen zetten we liefst niet zo als hier op de linker foto, precies in het midden.
Een beetje naar links of ook een beetje naar rechts, zoals in de rechter foto, doet het vaak beter.
Wat dat betreft gedragen sterke verticalen lijnen en sterke horizontale lijnen zich zo'n beetje op dezelfde manier.

Lijnen.


Een heel belangrijk element in de beeldopbouw zijn lijnen. Voor het gebouw links staat een heel decoratief kunstwerk.Maar omdat de achtergrond zo onrustig is, zien we er nauwelijks iets van. We kijken met de camera omhoog en zien het kunstwerk tegen de heldere lucht.
Nu komen de grote lijnen van dit werk goed naar voren.
We hebben bovendien het camerastandpunt zó gekozen, dat die hoofdlijnen diagonaal lopen. Dat maakt de foto heel dynamisch.
Een diagonale lijn kan ook uitstekend gebruikt worden om het oog van de beschouwer het beeld in te voeren, de bekende "invoerende lijn".
Een patroon van lijnen vestigt hier de aandacht op het hoofdmotief, de jongen.
Een van de interessantste lijnen bij de compositie is de slingerende S-lijn. hier word de S-lijn gebruikt als invoerende lijn.
De blik van de beschouwer wordt via die lijn ingevoerd.
Nog een voorbeeld van een S-lijn.Halverwege de lijn trekt een kleine figuur sterk de aandacht.
Die figuur steek bovendien duidelijk af tegen de heldere ondergrond.
De combinatie van invoerende lijn en figuur maakt dit een heel sterke foto.
Deze twee opname van een flamingo laten het verschil tussen tussen een rechte en een S-lijn zien.
Links heeft de vogel zijn nek gestrekt, rechts dezelfde vogel met zijn nek in de houding die we allemaal van deze soort kennen : een S-lijn. Wat is beter?
Niet alleen rechte en gebogen lijnen spelen een rol bij het zoeken naar een goede compositie. We kunnen ook van meetkundige figuren gebruik maken.
In deze opname van drie nonnen is bij voorbeeld heel duidelijk een driehoek terug te vinden, zo'n meetkundige figuur als basis geeft een beeld samenhang.
Kijk eens hoeveel driehoeken we in deze foto kunnen tekenen !

Evenwicht.


Een goed evenwicht in een foto betekend heel simpel dat de verschillende elementen : de hoge lichten, de schaduwpartijen, de grote vormen, de kleurenvlakken zo ten opzichten van elkaar zijn geplaatst dat er evenwicht in het beeld is ontstaan.
Dit is een voorbeeld van hoe het beslist niet moet. Het meisje zit helemaal aan de rechterkant van het beeld.
Links ontbreekt het element dat voor voldoende evenwicht zou moeten zorgen. Bovendien krijgen we de indruk dat het meisje uit het beeld zou vallen. De kar waarop ze zit is namelijk rechts niet ondersteund.
Je kunt je bij deze foto voorstellen, dat de twee stellen ieder op een kant van een oude weegschaal staan.
Ze zijn mooi in evenwicht. De linker en rechterhelft van het beeld zijn ongeveer even "zwaar".
Een voorbeeld van symetrisch evenwicht.
In deze foto van een beeldhouwwerk heerst ook evenwicht, maar het is geen symetrisch evenwicht,
De grote kop van de moeder links in het beeld wordt in evenwicht gehouden door de veel kleinere kop van het kind rechts.
Een niet symetrisch evenwicht roept meestal meer spanning op dan een symetrisch evenwicht.
De jonge en het meisje lijken in deze opname geen echte relatie tot elkaar te hebben.
Het beeld beeld heeft wel evenwicht en symetrie, maar geen samenhang. We kunnen de foto middendoor knippen en dan houden we twee afzonderlijke foto's over.
Bij zo'n sterk symetrische foto wordt de aandacht van de beschouwer verdeeld over de twee helften van het beeld.
Als we meer personen in een foto moeten afbeelden, dan kunnen we dat op verschillende manieren doen.
In deze twee foto's zijn de twee personen op heel verschillende manieren geplaatst. Toch zijn ze allebei goed in evenwicht. De linker foto is wat formeler van opvatting, maar echt een portret, een dubbelportret. De foto rechts doet meer informeel, meer spontaan aan.

Insluiten.


Nee, insluiten op deze manier met een echte schilderijlijst,dat bedoelen we natuurlijk niet.
Wat we wel bedoelen is insluiting van het hoofdmotief door elementen in de voorgrond. Zoals hier het zeilscheepje dat wordt ingelijst door stammen en takken van de zware bomen. Zo'n insluiting verleend diepte en concentratie in het beeld.
Wat we precies als insluitende elementen zullen gebruiken, hangt natuurlijk af van de omstandigheden en van ons hoofdmotief. Het spreekt vanzelf dat insluiting en motief bij elkaar moeten passen, elkaar moeten ondersteunen. Dat is hier zeker het geval.
Hier twee opname van hetzelfde monument. Links zien we het monument alleen met een mooie donkere lucht, aan de voet een klein menselijk figuurtje.
De beschouwer krijgt een idee hoe groot dat monument in werkelijkheid is.
Rechts dat zelfde monument ingesloten door een voorgrond met weer een menselijk element. Door die insluiting ontstaat er een gevoel van diepte. De elementen in de voorgrond versterken de indruk die het monument maakt.
Nog een typisch voorbeeld van insluiten. De twee ruiters en de overhangende boomtakken sluiten het landschap in. Zij geven de ruimte in het landschap aan. Bij gebruik van een of meer personen in de voorgrond is het wel belangrijk dat die persoon of personen het beeld inkijken.
Vaak worden insluitingen door niet ondersteunde takken, takken zonder boomstam, zoals hier, toch wel een beetje als storend ervaren. Maar, het kan wel.

Samenvallen.


Deze foto laat een vreselijk voorbeeld zien van samenvallen,de takken groeien de jongen lettelijk uit het hoofd ! Let dus goed op de achtergrond.
Soms is niet echt spraken van samenvallen, maar toch zitten in de foto verschillende beeldelementen elkaar in de weg.
Dat zien we bij deze foto. De fel gekleurde bal leidt de aandacht van de hoofdpersoon, het meisje, af. Twee beeldelementen die bijna samenvallen.
Als de fotograaf zoiets eenmaal ziet, dan is het bijna samenvallen makkelijk te vermijden. In de foto rechts heeft de fotograaf een laag standpunt gekozen en op die manier die aandacht afleidende elementen op een minder storende plaats in beeld gezet.