Dialexicon Twents

Digitaal woordenboek voor Windows - Post dialexicon@home.nl

Persberichten

 
 

Door Gerard Vaanholt in De Twentsche Courant Tubantia van (...) 2005

Modersproake op de monitor

Veertigduizend woorden en begrippen in digitaal Twents woordenboek

Dertien jaar is Enschedeër Goaitsen van der Vliet inmiddels bezig met zijn Dialexicon, het digitale woordenboek voor de Twentse taal. En hij werkt er nog gestaag aan door. ‘Bijna elke dag wel een uurtje.’ Vorige week bereikte hij een nieuwe mijlpaal. Het veertigduizendste begrip ging de computer in. Is een elektronisch dialectlexicon al bijzonder, het Dialexicon loopt helemaal voorop door behalve publieksvriendelijk ook wetenschappelijk verantwoord te zijn. Vanwege de uitgebreide vermelding van bronnen. Nog mooier: de basisversie Twents-Nederlands is vanaf nu voor iedereen gratis beschikbaar.

Het heeft ook een nadeel, zo gedreven met de samenstelling van een woordenboek bezig te zijn. ‘Ik kan bijna niet meer op een normale manier een Twents boek lezen’, zegt Goaitsen van der Vliet, ‘Ik ben voortdurend gespitst op nog onbekende woorden en gezegden en heb altijd een potlood bij de hand om die te markeren.’

Dertien jaar geleden begon hij met zijn Dialexicon, het digitale Twentse dialectwoordenboek, een volstrekt nieuw fenomeen in het Twentse taallandschap. Met zijn uitgeverij De Oare útjouwerij wilde de Friese Twentenaar de dialectgedichten van Willem Wilmink uitgeven. ‘Heftan Tattat’ rolde daaruit, de succesvolle bundel die al zes drukken heeft beleefd. Wilmink was niet zo vaardig in het Twents en de spelling, reden voor de uitgever om zich zelf grondig in de Twentse taal te verdiepen. Maar geen van de bestaande woordenboeken kon hem bekoren. ‘Twents in woord en gebruik’ van G.J.H. Dijkhuis vond hij onbruikbaar omdat deze woorden lukraak in allerhande spellingsvormen opsomt, zoals hij ze ooit in de Twentse literatuur aantrof. Een Nederlands-Twents lexicon was er al helemaal niet, op dat van Karel Schönfeld Wichers na, maar dat was weer te eenzijdig Rijssens en moeilijk leesbaar door diens eigengereide spelling. Dus resteerde voor de perfectionist die Van der Vliet is maar één mogelijkheid: er zelf aan beginnen. Een digitale, vanwege zijn achtergrond als software-ontwikkelaar. Dialexicon noemde hij het toepasselijk. Vertaalde Nederlandse uitdrukkingen staan er niet in. Alleen de van de standaardtaal afwijkende. ‘Eigenlijk’, zegt de maker’ ‘is het Dialexicon dus een idioticon.’ Hij heeft voor het gemak zijn eigen Standaard Schriefwieze als spelling gehanteerd, maar heeft niet als doel die met dit digitale woordenboek te propageren.

Jaren van verzamelen volgden, tot de dag van vandaag. Want het werk is nooit gestopt. ‘Ik werk er bijna elke dag wel een uurtje aan’, zegt hij. Snuffelen in oude boeken, tijdschriften en vergeten woordenlijsten. ‘Zelf bedenk ik bijna niets. Alles komt uit authentieke Twentse bronnen.’ Dezer dagen liggen exemplaren van het bijna een halve eeuw oude tijdschrift ‘Twenteland en leu en spraoke’ op zijn tafel, althans de bijvoegsels waarin G.B. Vloedbeld en H.L. Bezoen een ‘Twents weurdenbook’ begonnen. Het zijn onvoltooid gebleven woordenlijsten, maar prima bronnen voor het Dialexicon.

Zo gestadig speurend en garend overschreed Goaitsen van der Vliet vorige week het aantal van veertigduizend trefwoorden en uitdrukkingen samen. Om precies te zijn 28.048 woorden en 11.952 zegswijzen. Die laatsten maken het woordenboek extra interessant, omdat ze een schat aan taalkundige informatie leveren, maar ook omdat ze de taal meteen doen leven. Bij elk woord en iedere uitdrukking heeft hij bovendien de bron vermeld en de streek of de plaats waar het begrip opduikt. Het Dialexicon is daardoor niet alleen een gemakkelijk woordenboek voor wie snel een dialectwoord en uitdrukking wil vinden, het steekt ook wetenschappelijk verantwoord in elkaar. Taalonderzoekers zien meteen waar ze het begrip in hun eigenlijke context kunnen vinden.

Het achterliggende computerprogramma is complex. Het kostte veel tijd om het te ontwerpen en daarna voortdurend te verbeteren. Maar Van der Vliet profiteert nu volop van die inspanningen. Hij kan zich beperken tot het invoeren van de trefwoorden, hun vertaling en de herkomst en de software doet de rest. Vertaald van Twents naar Nederlands en van Nederlands naar Twents. Maar doet - op verzoek - nog veel meer. Geeft taalkundige informatie over woordsoort, geslacht, bron en herkomst, laat het gebruik in verschillende delen van Twente zien, kan een overzicht bieden van de verschillende plaatselijke varianten van een woord, kan als rijmwoordenboek dienen en geeft voorbeelden van het gebruik in een zinnetje.

‘Eigenlijk kan geen enkele Twentse dialectschrijver zonder’, werft Goaitsen van der Vliet. Het heeft in die kringen trouwens al zijn waarde bewezen. Herman Finkers gebruikte het al bij het vertwentsen van zijn shows, Anne van der Meiden bij zijn omzetting van de bijbel in het Twents en nog een handvol andere dialectauteurs bij het componeren van hun teksten. Ook bij de dialectsoap ‘Van jonge leu en oale groond’ heeft het goede diensten gedaan. ‘Veel van de daar gebezigde uitdrukkingen komen rechtstreeks uit het Dialexicon’, zegt Van der Vliet. Hij was zelf bij de opnamen betrokken. Als taalcoach. Hij voelt de vraag al aankomen. Kan dat wel, zo’n functie als Fries? ‘Mijn antwoord’, betoogt hij, ‘is dan altijd een wedervraag. Waarom zou het niet kunnen? Ik beheers het Twents behoorlijk, spreek alleen de lange o’s en de e’s misschien niet authentiek uit. Maar ik weet precies hoe het moet klinken en hoor het meteen als er iets fout is. Bovendien ben ik nogal direct en kritisch. En dat werkt goed op zo’n filmset. Twentenaren durven over het algemeen anderen niet zo onomwonden op hun fouten te wijzen.’

Sedert kort heeft de maker besloten om het Dialexicon gratis aan het publiek aan te bieden via zijn internetsite. Dat wil zeggen de basisversie. Die biedt alleen de lijst Twents-Nederlands. Tegen betaling is die uit te breiden tot een standaard, uitgebreide of complete versie. De standaardversie biedt ook het Nederlands-Twents en is bedoeld voor huis-, tuin en keukengebruik. De uitgebreide versie komt tegemoet aan de wensen van vooral schrijvers en de complete versie, met alles erop en eraan, is voor de ware taalliefhebber.

Het toevoegen van het veertigduizendste trefwoord, vorige week, kreeg voor de bijlage Stad & Land een onvermoed persoonlijk tintje. De teller stond bij het begin van het interview op 39.999. Stad & Land mocht de veertigduizend vol maken. De samensteller koos voor een geheel eigen uitdrukking. Hij koos voor een gezegde van zijn vader die als kleermaker bij het afleveren van een kostuum de gewoonte had de klant als heilwens mee te geven: in gezoondheid verslietn. En dat is nu officieel geboekstaafd.



Door Gerrit Dannenberg en Gerard Voortman in de Roskam van 23 april 2004:

Dialexicon Twents naast actueel ook betaalbaar

Bijzonder woordenboek Goaitsen van der Vliet

Het probleem met de meeste woordenboeken is dat ze kostbaar en statisch zijn. Vanwege hun kleinere bereik doet het probleem zich in verhevigde mate voor bij dialectwoordenboeken. Deze nadelen worden opgeheven door Goaitsen van der Vliet met zijn digitale dialectwoordenboek Dialexicon Twents (DLT): een dynamisch mega-bestand dat actueel kan worden gehouden door voortdurende vernieuwing.

Het Dialexicon Twents (DLT) is de toekomst van de platte woordenboekerij. Met inmiddels 34.000 vertalingen Twents-Nederlands en 38.000 vertalingen Nederlands-Twents heeft Van der Vliet een standaardwerk afgeleverd, waarmee hij het Twents een onschatbare dienst bewijst. Het DLT is een enorm digitaal bestand en het is bijna niet te geloven dat Van der Vliet daar pas in 1992 mee begonnen is, maar hij heeft het bijna in zijn eentje geflikt. Sterker nog, het hele project heeft zelfs enkele jaren in de ijskast gestaan. Het zegt iets van de leefhebberieje die de van oorsprong Friese software-ingenieur koestert voor talen in het algemeen en streektalen in het bijzonder.
De link Fries-Twents is overigens goed verklaarbaar: Van der Vliet werd in Surhuizum en Burgum Friestalig opgevoed, maar kreeg ondertussen door de contacten met zijn grootouders van moederskant veel mee van haar Stellingwerfs, net als Twents een Nedersaksische taalvariant. Vandaar ook dat het Twents hem nooit als vreemde taal in de oren heeft geklonken. En, Van der Vliet is natuurlijk ook gewoon een uitgever die n kin an t daansn en t gat an t drietn hoaldn möt zoals hij het zelf graag uitdrukt. Het DLT is gewoon onderdeel van het fonds waarvan hij leeft.

Van der Vliet heeft van het DLT een zeer toegankelijk programma gemaakt. Je kunt Twentse woorden intikken in een zoekvenster waarna (daarnaast) al dan niet uitgebreid de betekenissen en gebruiksmogelijkheden in leesbaar taalgebruik verschijnen. Ook kunnen Nederlandse woorden worden ingegeven, waarna het DLT de Twentse vertalingen prijsgeeft. Met een druk op de knop terugverwijzen verschijnen alle vervoegingen en varianten die naar het trefwoord verwijzen. Het wisselen van de Twentse naar de Nederlandse lijst en omgekeerd gaat ook razendsnel met de lijstwisselknop.

Iedere taalliefhebber kent het wel: je bent aan het bladeren en ineens word je nieuwsgierig naar de rest van de bladzijde. Nadeel is dat je dan alleen woorden tegenkomt met allemaal dezelfde beginletter, waardoor het lezen snel gaat vervelen. Zo niet bij het DLT, daar kun je dank zij de knop willekeurig een paar uur in wegzakken, want je wandelt dan kris kras door alle lemma's. Zeer bruikbaar is het DLT ook bij het maken van gedichten. Wie zoekt naar een rijmwoord, kan dat woord ingeven en dan wordt de hele lijst gescand op rijmende woorden. Handig ook bij het omzetten van standaardtaalpoÙzie naar streektaal.

Maar het echt unieke van het DLT is dat de werkvloer betrokken wordt bij de verdere vervolmaking van het DLT. De meeste woordenboeken ontstaan in wetenschappelijke ruimtes of studeerkamers, maar het DLT is ook een product voor en door Tukkers. Iedereen die vindt dat een woord of uitdrukking ten onrechte ontbreekt, kan dat doorgeven aan Van der Vliet. Hij zorgt voor opname in het DLT met vermelding van degene die met het woord op de proppen kwam. Dit is allemaal mogelijk doordat Van der Vliet het invoeren van de lemma's grotendeels geautomatiseerd heeft. In een uurtje is hij in staat om tientallen nieuwe lemma's toe te voegen. Verder voorziet hij de taaluiting van een prijskaart die de betrouwbaarheid van de melding zichtbaar maakt. Bij het woord of de uitdrukking staat vermeld of men het woord van oudsher al kende, het woord heeft van horen zeggen of dat het een eigen afleiding of bedenksel is. Zelfs schertsend tot zeer schertsend bedoelde woorden en uitdrukkingen zijn meegenomen.

De eerste aanschaf van het DLT, een cd-rom met toegang tot de complete lijst woorden en uitdrukkingen Twents-Nederlands kost 10 euro. De functionaliteit is uit te breiden met Nederlands-Twents, de rijmwoordenbestanden, enzovoort, door de aanschaf van een nieuwe gebruikerscode. Als je nagaat wat de mogelijkheden zijn voor maximaal 35 euro extra, moet je toegeven dat het een schijntje is. Saillant detail is dat de totaalprijs van het complete DLT is afgestemd op de prijs het woordenboek van G.J.H. Dijkhuis dat 45 euro kost. Dijkhuis bevat volgens het voorwoord 24000 Twentse trefwoorden, maar daaronder wel veel spellingsvarianten voor hetzelfde begrip. Met alle respect voor het werk van Dijkhuis, maar bij het DLT krijg je per saldo meer waar voor je geld. En dan hebben we het nog niet eens over het gemak van Nederlands-Twents, de rijmwoorden en de zoekfuncties.

Natuurlijk zal het DLT binnen puristische kringen weer stof tot spreken geven over schrijfwijzen en dergelijke. Echter, dit gebruiksvriendelijke standaardwerk verdient het niet om klem te zitten tussen taaldogmatische wallen en schepen. De hartverscheurende discussies over oa of ao kunnen we ons niet meer veroorloven, willen we de strijd voor een levensvatbaar Twents succesvol en geloofwaardig houden.



Door Jenny Bouwhuis-ter Maat in de Rijssense weekkrant De Driehoek van 18 februari 2004:
  • Bij kolom 1, op eenderde blok 2: Een Jan-Heedtsbutje is de knieschijf van een koe, rijk aan pezig vlees. De Rijssenaar Jan Heedt nam dat altijd bij de slager om er soep van te trekken (info Arie Bloemendaal).
  • Bij kolom 4, bovenaan: Henry Bruins leverde een andere betekenis voor pleeriezer of pleariezer, namelijk die van paleerijzer: een ijzeren spatel voor het bijwerken van gipsvormen.
  • Bij kolom 4, derde regel: Nou ja... Niet élke dag, maar wel vaak.

Artikel



Door Gerard Vaanholt in De Twentsche Courant Tubantia van 8 oktober 2003:

Artikel


2011-12-30  Dialexicon Twents, post dialexicon@home.nl
 

hit counter