De Oare  útjouwerij

J. Heymans, Terug naar De Brug (Over schrijvers uit Overijssel), De Oare útjouwerij, Enschede 1995



Bestellingen

Particulier: In de bus na overmaking van 15 euro (plus eventueel een vrijwillige bijdrage in de verzendkosten) op giro 4611391 van De Oare útjouwerij in Enschede met vermelding van adres en TNB. Boekhandel: Zie onze leveringsvoorwaarden.
 

Inhoud

- Infopagina
- Flaptekst

Terug naar De Brug

Landschappen, altijd loop je er
tekens in te zetten, diepten te meten,
proberend scharnieren te weten
te komen, het kunst- en vliegwerk,
het spoor van de regisseur.

(Willem van Toorn)

- Bert Schierbeek Terug naar De Brug
- Willem G. van Maanen Het hoofd van Ebbinge
- Hellema Een onbegaanbare uithoek van Europa
- Willem Brakman Het onlieflijke stadje E.
- Henk Romijn Meijer De antieke binnenhaven van Zwolle
- Rutger Kopland Het verloren paradijs in Goor
- Willem Wilmink De mooiste straat van Enschede
- Jean-Paul Franssens Drie seizoenen in Penninckskotten
- H.H. ter Balkt Brokkelende ode aan het Mastbos
- Kees Verheul De overstroming van Hengelo

Plaats: Plek

Waar je ooit geweest bent toen je nog niet wist dat je er was.
(Robert Anker)

- Bert Schierbeek Usselo: Molen
- Willem G. van Maanen Kampen: Koornmarktpoort
- Hellema Holten: Oorlogsbegraafplaats
- Willem Brakman Enschede: Viswinkel op 't Pathmos Herinnering aan Duindorp
- Henk Romein Meijer Hattem: Zwembad De Watermulder
- Rutger Kopland Goor: De Wheeme De Wheeme
- Willem Wilmink Ootmarsum: Kuiperberg Het Bos
- Jean-Paul Franssens Buurse: Café Winkelman Avond in Buurse
- H.H. ter Balkt Boekelo: Mastbos Sjekkie
- Kees Verheul Hengelo: Beken bij Heemaf Samenvloeiing van Hengelose beken

- Verantwoording
- Colofon


Infopagina

Deze uitgave werd mede mogelijk gemaakt door het Provinciaal Anjerfonds Overijssel, de Gemeente Enschede en de Provincie Overijssel.

ISBN 90 71610 34 9

Hoofdstukken uit de Overijsselse literatuurgeschiedenis I
Fotografie: Johan Ghijsels
Vormgeving: Lidy Roemaat

Terug naar De Brug © 1995 J. Heymans, Enschede
Plaats: Plek © 1995 De diverse auteurs
Niets uit deze uitgave mag worden overgenomen zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever.

Zie ook deel II en III: Oorlog op Pathmos en Sprong over de IJssel


Flaptekst

De Nederlandstalige schrijvers die in dit boek aan de orde komen, hebben op z'n minst twee dingen gemeen: ze werden geboren voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog en brachten een essentiële periode van hun leven door in de provincie Overijssel.
Aan de hand van Overijsselse locaties in hun tot nu toe verschenen werk en door middel van gesprekken volgt de Enschedese publicist J. Heymans het spoor terug naar de bronnen van hun schrijverschap. Welke rol speelt de geografie?
Voor de totstandkoming het 'binnenboek' Plaats: Plek werd elk van deze schrijvers gevraagd naar zijn meest dierbare plek in de provincie. Van die plek maakte fotograaf Johan Ghijsels een 'plaat', die weer diende als leidraad bij het schrijven of, in een enkel geval, de keuze van een bijbehorende tekst door de betreffende auteur.
Met deze doordachte opzet levert J. Heymans zonder twijfel een belangrijke maar niettemin lezenswaardige bijdrage aan de Overijsselse literatuurgeschiedenis.

Goaitsen van der Vliet


Rutger Kopland: De Wheeme

Dit is een dierbare plek, niet in Goor, maar in mijn hoofd. Het huis op de foto werd door mijn ouders gebouwd, toen ik een paar jaar oud was. Ik denk dat ik er een jaar of drie, vier heb gewoond.
Het weggetje was zo'n zandweggetje door boomgaarden en moestuinen, met arbeiderswoninkjes met schuurtjes achter in de tuin, met kippen en konijnen voor de kerst, en zware linden voor de deur. Ons huis stond in een boomgaard, mijn vader legde er een moestuin aan, mijn moeder plukte bessen en aardbeien. Ik kreeg een broertje in de zandbak en een geitje in de berm.
Toen werd het voorjaar 1940. Mijn vader stond op de zwarte lijst van de Duitsers. Het was beter dat wij weggingen, zei hij. Moeder, broertje, geit, allemaal in een grote auto. Ik ging mee, weg.
Jaren later ben ik er weer geweest. Ik was een jaar of veertig, schat ik. Het huis stond er nog, maar voor mijn gevoel was alles er omheen verwoest. Weg geplaveid, berm betegeld, boomgaarden gerooid, moestuinen verdwenen, arbeiderswoninkjes gesloopt, schuurtjes achter in de tuin in elkaar geslagen en verbrand, kippen en konijnen vermoord, linden omgehakt. Onze wereld wordt bewoond door vijanden van die wereld. Ik wil nooit meer naar Goor.

Willem Wilmink: Het Bos

Als kind ervoeren we de natuur anders dan nu. Zo'n bos bijvoorbeeld, het was net of het er weet van had, dat je daar liep.
Het bos op de foto was mijn bos, met links van het pad mijn moeras, dat bevolkt leek, niet alleen met dieren die je niet zag, maar ook met figuren uit een wonderlijke folklore. Nee, geen heksen, aardmannetjes, kabouters of elfen: daar heb ik nooit in geloofd. Maar je zou er Jezus kunnen tegenkomen, die immers ook na zijn dood nog wel eens op de aarde rondwandelde. Of Maria, die nog niet eens zo lang geleden in haar zondagse jurk aan een boerenmeisje was verschenen, zoals ik had gelezen in een boekje in die boerderij, waarvan op de foto een klein stukje te zien is. Of die zonderlinge figuur die ze de Ongelovige Thomas noemden en van wie ik niet zeker wist of hij al dood was.
't Waren allemaal gevaren, maar geen gevaren die je overvielen, zoals de luchtaanvallen en het luchtalarm thuis. De gevaren in dit bos kon je zelf oproepen en als je er genoeg van had ook weer de laan uitsturen, zoals je een boek dicht kon slaan.
En dan kon je Timmer-Gait nog eens opzoeken, de man die gek geworden was doordat de slinger van zijn motorfiets een stuk uit zijn hersenen had weggeslagen en die meestal in zijn schuurtje vol heftig draaiende machines te vinden was, een bedrijfje dat nooit iets produceerde. Of je kon achter het Tichelwerk langslopen om daar die lamme weer eens in ogenschouw te nemen, zoals hij kwam aangesukkeld op zijn ingewikkelde loop-stellage, die een produkt had kunnen zijn van Timmer-Gaits gehavend brein. De lamme keek je altijd aan of hij je een pak slaag zou geven zodra hij daartoe de kans kreeg.

Naast het bos was het huis waar wij logeerden en daarvandaan keek je uit over heel Twente. Tegen de nacht zagen we daar een keer een geweldig onweer. En hoewel Donar met zijn wagen minstens evenveel lawaai maakte als de Royal Air Force of de Amerikanen, was ik niet bang, werd ik in tegendeel bevangen door een gevoel van grote vreugde: alsof al dat natuurlijke lawaai me wakker had geschud uit de nachtmerrie van de oorlog.


Verantwoording


Colofon

Terug naar De Brug door J. Heymans werd gezet uit Joanna en Gill bij Deel 4 te Enschede, gelithografeerd bij Pro public te Gronau, gedrukt door Pinksterpalm Drukkerij te Enschede op 90 grams Da Costa Alto en 150 grams Royal Twincoat mat, en uitgegeven door De Oare útjouwerij te Enschede op 10 december 1995.

Zesentwintig exemplaren van deze druk zijn, hors commerce, gebonden en alfabetisch 'genummerd'.
 


Zie ook:

De Oare útjouwerij, post dou@home.nl
09-11-2007