|
Verluchting van het
duivenhok
|
| |
|
|
In acht van de tien
gevallen is een ondeugdelijke verluchting de oorzaak van het slecht presteren.
In veel duivenhokken ontbreekt een degelijke verluchting. Nou is het heel
moeilijk om een standaard oplossing voor alle problemen aan de dragen, toch
willen wij een poging wagen dit probleem via onze site te bespreken. Zo kunt u
zelf wat aan uw hok doen als het niet wil lukken.
Een goed hok is een
van de belangrijkste voorwaarden voor goede prestaties. Misschien wel de
belangrijkste. De beste duiven zullen niet kunnen presteren als ze door
ornithose worden geplaagd. Dan laten ze niet zien voldoende zien, waartoe ze
eigenlijk wel in staat zijn. |
|
|
| Lucht,
lucht, lucht. |
Ik
herinner mij aan die oude duivenmelkers van vroeger… Ze hadden hokken die er
niet uitzagen. Plat dakje erop en warm….. Maar vliegen met die duiven….
onvoorstelbaar. Nee, dat kon het niet zijn natuurlijk. In onze moderne tijd moet
er een hok komen die ook wat lijkt in de buurt. Ik kom hokken tegen die mooier
zijn dan de woning die ervoor staat. Die oude bouwvallen met “hier en daar een
plank” en Oudhollandse pannen of golfplaten erop willen we niet meer. En terecht
want we leven in een andere tijd. Onze duiven hebben lucht nodig. Veel lucht. En
daarom moeten er hoge kappen op de hokken gemaakt worden. Als we het kunnen
betalen, dan nemen we een hok met mooie kunststof planken die eruit zien als
echte planken. Heb je geen omkijken meer naar.
Op zich is daar niets op
tegen. Maar hoe vaak was ik al op die mooie hokken. “Ik heb altijd goed
gevlogen” hoor ik dan, “maar sinds ik een nieuw hok heb vlieg ik geen platte
prijs meer”. Als ik dan vraag waar het oude hokje gebleven is, dan heeft de
bulldozer zijn werk meestal al gedaan. Mijn advies is dan ook: breek nooit je
oude hok af, als het nieuwe hok nog niet net zo goed vliegt als het oude.
Gemakkelijk gezegd natuurlijk, want wie heeft er nu de ruimte om dat zo te doen?
Ik begrijp het natuurlijk best wel. Je hebt hoge verwachtingen van zo’n mooi
nieuw hok met flink wat lucht in de nok en je gaat er niet van uit dat het
helemaal niet wil lukken toch?
Want we lezen in de duivebladen de
reportages van al die topmelkers met hun eerste NPO overwinningen. Lucht, lucht,
lucht is hun devies. De duiven hebben veel zuurstof nodig. Dus moeten de
schuiven volop open staan en een brede verluchtingsstrook moet de lucht in het
hok brengen. Ook worden er roosters onderin het hok geplaatst door de fabrikant
voor nog meer ( koude) lucht…………
Beste mensen, als het niet wil met de
duiven, dan durf ik jullie te zeggen, dat veelal een slechte verluchting de
oorzaak is van het slecht presteren. Het ligt vaak niet aan de duiven of het
voersysteem. Bijna altijd moet ik de liefhebber de hamer en de zaag laten
hanteren om er een goed hok van te maken. Hoe komt het toch dat we zo de slaaf
van de verluchting zijn geworden? Komt het van die oude melkers met hun oude
hokjes? Of laten we ons een beetje te veel beïnvloeden door die mooie verhalen
in de duivenbladen? |
|
Verschil
in dag en nacht temperaturen.
Al die prachtige prestaties worden behaald in
hartje zomer. Want dan hebben we de mooie vluchten. Maar dan hebben we ook
andere temperaturen dan in begin april!! In april en mei kan het ’s nachts nog
knap koud zijn. Overdag is het meestal al wel aangenaam in het hok. ’s Nachts
daalt die temperatuur soms tot vlak boven het vriespunt. Een weduwnaar die het
gehele programma speelt van Vitesse t/m Dagfond kan alleen in vorm komen als het
lekker aangenaam is op het hok. Het is dus zaak om de dag en nachttemperaturen
bij de weduwnaars zo dicht mogelijk bij elkaar te brengen. Als dat niet het
geval is, ontstaan er luchtwegproblemen. Het is gewoon niet mogelijk om het hok
in april net zo te verluchten als in juli of augustus. Dan hebben we ook andere
nachttemperaturen. Er zijn hele mooie thermometers te koop. Die meten de hoogste
dag- en de laagste nachttemperaturen. Mijn advies is aan al die mensen die
direct al problemen met de duiven hebben er eentje aan te schaffen. En niet
alleen dat, maar ook om die in het weduwnaarshok vast te schroeven en er
regelmatig even op te kijken. Als er grote temperatuurverschillen zijn tussen
dag en nacht, dan is het hok niet in orde. |
|
|
De
ramen.
Dan is het zaak de warmte beter vast te houden die overdag op het hok
is. Dat kan op verschillende manieren. Men kan b.v. de ramen bekleden met
noppenfolie. De luchtblaasjes in de folie zorgen voor een isolerend effect.
Daarvoor wordt het overdag niet zo warm en koelt het ’s nachts niet zo sterk af.
Nou kom ik soms op hokken waar ik mijzelf waan als ware ik in een luxe bungelo.
Zoveel glas…. Dat koelt ’s nachts natuurlijk enorm af en overdag verbrand het
alle zuurstof die op het hok aanwezig is als de zon erop schijnt. Er zijn
standaard regels voor het glas in een duivenhok. Maximaal mag het
glasoppervlakte 1/3 deel bevatten van de vloeroppervlakte van het hok. Ik zie
nog liever minder glas. Voorbeeld: stel een afdeling is 2 meter bij 2 meter. Dan
mag het totale glas van die afdeling niet groter zijn dan 13000 cm2. Dat is een
raam ( of meerdere ) plus lichtpannen van in totaal 1 meter x 1,3 meter op die
afdeling. |
|
|
De
luchtstroom.
Ik wil jullie graag een voorstel doen hoe de verluchting kan
functioneren op een goed duivenhok. Dat wil niet zeggen dat er geen andere goede
oplossingen zijn. Als de duiven gedurende vele jaren goed presteren op een hok,
dan zou ik er van afblijven. Niets aan veranderen dus, ook al is het tegen alle
regels die ik hier schrijf. Ik doe een voorstel voor een goed
verluchtingssysteem, die zeker voor 90% functioneert. De finesses moet je dan
zelf aanbrengen. Het systeem functioneert al zeker 10 jaar op vele hokken. Ik
hoef echter geen gelijk want er zijn ook andere systemen en
mogelijkheden. |
|
|
Boven het
plafond.
Iedere afdeling dient voor zichzelf te verluchten. Daarom is het
verstandig om elke afdeling tot aan het plafond dicht te maken. Dat kan met
landbouwplastic, met zachtboard of triplex. Het hoeft geen duur materiaal te
zijn. Hoofdzaak is dat de luchtstroom boven de plafonds niet met elkaar in
verbinding staan. Vooral bij grotere hokken wil het nogal tochten op de
plafonds. Als je dan weduwnaars hebt en op hetzelfde hok jonge duiven met een
open hok, dan kun je bij die weduwnaars niets meer regelen. De wind waait er dan
zo in over het plafond. |
|
|
De
nok.
De lucht moet er op het hoogste punt weer uit immers, warme lucht
stijgt naar het hoogste punt. De nok werkt als een schoorsteen van een huis. Als
de schoorsteen een hele grote opening heeft, heb je geen trek en zal de kachel
niet goed willen branden. Daarom zijn schoorstenen smal. Als de nok van het
duivenhok te ver openstaat, krijg je hetzelfde resultaat. Geen trek en dus geen
afvoer van lucht en stof. Mijn advies is om naast de noklat tot aan de pannen
een opening te hebben van 2 cm aan beide zijdes. In totaal dus 4 cm opening in
de nok. De nokforst moet niet afsluiten maar de lucht moet er ook goed uit
kunnen. Is de nok te weinig open, dan kan de verbruikte lucht en stofdeeltjes er
niet voldoende uit. Je krijgt dan een slecht milieu op je hok.
|
| |
|
|
|
De koude lucht kan
hier direct naar beneden en naar de broedbakken. Timmer tegen de spanten daarom
van triplex een plaatje, zodat de lucht altijd eerst omhoog moet.
|
|
De
luchtinvoer.
Een goed functionerend verluchtingssysteem heeft meestal één
luchtingang en één uituitgang. Het is de bedoeling dat de aanwezige lucht in het
hok ververst wordt. Als er teveel duiven op een afdeling zitten heb je vaak een
probleem. Het hok kan dan goed zijn, alleen het aantal bewoners is teveel. Als
je in de huiskamer van je eigen woning zit en het is er aangenaam, dan heb je
een woonkamer die goed gebouwd is. Als je nu eens 25 mensen uitnodigt voor een
feestje en al die mensen bevinden zich in diezelfde woonkamer, dan zijn de ramen
zomaar beslagen en wordt de roep om ramen open te zetten groot. Is die woonkamer
dan ineens niet meer goed? Welnee, er zijn teveel bewoners in de kamer. Ik stel
voor om roosters waar de lucht over de vloer naar binnen komt meteen met beton
vol te storten. Die mogen wat mij betreft nooit meer los. Ik weet dat vooral de
Belgische melkers nu hun wenkbrauwen fronsen. Natuurlijk is het in België
wellicht een paar graden warmer dan in Nederland, maar koude lucht over de vloer
zorgt voor veel ornithoseachtige klachten. En dat willen we toch niet? Maar ja,
als iedereen zo’n hok heeft staan we weer op gelijke voet toch? Mijn advies is
om een beter hok te bouwen waarop de duiven veel beter gezond kunnen
blijven.
Luchtbegeleiding.
De lucht komt het hok binnen net
onder de dakpannen via de verluchtingsstrook. Ik adviseer die strook niet groter
te maken dan 3 cm. Een afdichtplank kan voorkomen dat de lucht rechtstreeks in
het hok komt. Zo wordt de wind gebroken, alvorens het hok binnen te komen. De
lucht moet geleidelijk het hok inkomen. Er moet verversing van zuurstof
optreden, meer niet. Ik ben er een voorstander van om de luchtstroom wat
naar boven te geleiden met een plankje triplex. Dat plankje moet ongeveer net zo
lang zijn als de luchtopening is. De lucht wordt zodoende gedwongen direct
omhoog te gaan en kan dan nooit meer rechtdoor naar de duiven. Het grootste
gedeelte verdwijnt direct weer via de nok. Door die luchtbeweging wordt de
opgewarmde lucht die zich bij de duiven bevindt ook meegenomen.
Door een
enkele glazen dakpan te plaatsen krijg je ook warmte op het plafond. Zo ontstaan
er een luchtdrukverschil en de lucht in het hok stroomt naar boven. Geen grote
glasplaten natuurlijk, want dan wordt het een broeikas!!! |
|
|
|
|
1. Nok totaal 4 -5 cm open
2. glazen dakpannen
3. Luchtingang
4cm
4. Luchtbegeleider 50cm
5. Opening 50cm
6. Plafond iets schuin
oplopend
7. Achterzijde dicht
8. Onderkant raam minimaal 1m vanaf de vloer
en 2cm naar binnen openklappend
9. Broedbakken
10.Natte kant van het
hok
11.Droge kant van het hok
|
| De lucht
komt aan één kant het hok binnen, meestal is dat de voorkant. De achterkant moet
in de meeste gevallen dan dicht zijn om turbulentie van de luchtstroom te
voorkomen. ( behalve bij het “varkenschuur systeem”) Dat zorgt nl. voor
neerslaande lucht en niet voor stijgende lucht. Als het hok erg op de wind
staat, kan men ook de verluchting van achteren maken en voor dicht te doen ( of
het varkenschuur systeem toepassen) . Als twee raampjes tegenover elkaar open
staan, ontstaat er tocht. Daar kan geen mens maar ook geen dier tegen. Zorg er
dus voor dat zoiets ook niet in het hok gebeurt. |
|
|
Schuiven.
Op veel hokken zijn schuiven aangebracht. Daarmee
kun je de luchtstroom regelen. Als het volop zomer is, kunnen de schuiven verder
open. In april, mei is een kleine ingang meestal wel voldoende. ’s Nachts kunnen
de schuiven in het voorjaar bij de weduwnaars meestal wel dicht of bijna dicht
om de warmte vast te houden. Vaak zie ik die schuiven in april al zover open
staan dat je je afvraagt: hoe moet het hier functioneren als het echt warm
wordt? De hele kap eraf zeker?
Raam.
De ramen gaan vaak net
verkeerd om open. We kunnen een raam gebruiken om extra zuurstof toe te dienen
als dat nodig is. Als het warm is dus. De meeste ramen gaan naar buiten open en
hebben een schanier aan de bovenkant. Ik stel voor om dat net andersom te doen,
dus naar binnen vallend met de schanier aan de onderzijde. Net een WC raampje.
Dat raam kan ongeveer 2 tot 3 cm openstaan als het warm weer is. Op deze manier
duwt de wind tegen het raam en wordt automatisch mee naar boven geleid. De
raamopening dient wel zeker een meter van de bodem af te zitten, anders krijg je
toch teveel trek naar de duiven toe. ’s Avonds worden de ramen natuurlijk weer
gesloten.
Controle.
Als je wilt controleren of de luchtstroom
in het hok goed is, kun je verschillende dingen doen. Doe de duiven uit het hok
en steek in het hok onder de verluchting een krant aan alle vier de zijdes aan.
Zie je de rook circuleren en rondgaan ( rondom de krant) , dan is het niet goed.
Zie je de rook geleidelijk wegtrekken via het plafond dan is het
goed.
Steek een sigaret of sigaar aan en ga vlak voor de broedhokken
staan. De rook dient dat heel geleidelijk langs het plafond weg te trekken.
Blijft de rook een beetje hangen, verhoog dan het plafond 1 tot 2 cm aan de
voorkant zodat de lucht gemakkelijker afgevoerd kan worden. Zorg dat de
ventilatieopening altijd zo ver mogelijk bij de duiven vandaan is.
Ga ’s
avonds naar de duiven en krul de broekspijpen op. Ontbloot ook de nek. Ga vlak
voor de broedhokken staan. Je mag nu geen tocht voelen langs de benen en langs
de nek. Als dat wel zo is : timmeren of anders wordt het waarschijnlijk veel
medicijnen kopen.
Ligt er altijd veel stof op het plafond en of aan de
zijwanden, dan is dat een teken dat er geen trek is. Zie je het langs de
bovenkant van de hoogste rij pannen aan de buitenkant wit worden, dan is dat een
teken dat de stof goed wordt afgevoerd.
Automatische
verluchting.
Bij de jonge duiven zie je ook wel automatische
verluchtingssystemen. Daar zijn er verschillende van. Als je veel jonge duiven
op een afdeling hebt, kan dat wel een goede oplossing zijn. Als je per vierkante
meter een duif of 3 houdt, dat heb je geen problemen met te weinig zuurstof.
Dergelijke systemen zie je ook wel bij de oude duiven. De systemen die de lucht
uit het hok zuigen zorgen weer voor veel verse luchtaanvoer. Het probleem is dat
de vele binnenkomende lucht vaak te koud is en daarom is het kil in het hok. Een
weduwnaar heeft echt warmte nodig om in forme te kunnen komen. Ik kom dan ook
zelden op hokken waar dit goed functioneert. Een fenomeen op dit gebied is Cees
Nagel uit Den Helder. Die heeft een automatisch systeem gemaakt dat echt perfect
werkt. Cees is dan ook een man met een enorme technische knobbel en dat
ontbreekt velen van ons. Mij in ieder geval. Natuurlijk kun je ook voor kiezen
om de afzuigers slechts 10 minuten per uur te zachtjes laten werken en wat
langer als de duiven trainen.
Droge bodem.
Zorg voor een goede
ventilering onder het hok zodat de vloer droog blijft. Een dubbele vloer is aan
te bevelen. Ook de binnenkant van het hok moet het vocht goed opnemen. Mijn
advies is om de vloer te maken van berken triplex. Verwerk geen dakleer of
geïmpregneerd hout. Dat zorgt bij warm weer voor veel chemische stoffen en dat
is funest voor de luchtwegen.
Natuurlijk zijn er nog veel meer punten te
bedenken voor een goed hok, maar ik wilde jullie alvast een aantal hoofdpunten
meegeven. Ik heb verschillende keren met de ons welbekende hokkenbouwers
gesproken over een betere verluchting met tussenschotten boven het plafond. Dat
kost echter geld en dan is het hok niet meer concurrerend…. Wij maken het hok
zoals de duivenliefhebber dat wil. Ja, sorry hoor. Hoeveel duivenmelkers hebben
daar nou verstand van? De hokkenbouwer zou toch ook de verluchtingsspecialist
moeten zijn? Waar gaat het nou eigenlijk om?
Veel succes met de
verbouwing! |
|