Het volgende artikel verscheen in het novembernummer van Levende Talen (514).

Grammaticus en Grammy:

schuivend door de Duitse grammatica

De herinnering van velen aan het schoolvak Duits zijn de rijtjes die uit het hoofd moesten worden geleerd. Vaak kent men de rijtjes ook nog wel, maar wat er nu precies mee aan de hand was, is men vergeten. Grammatica-schema's bieden wel een oplossing, maar het combineren van de verschillende tabellen loopt veelal uit op een worsteling. Om aan dat probleem een eind te maken bedacht ik een systeem dat de Duitse grammatica op een handzaam latje presenteert: 'Grammaticus' en 'Grammy'. De 'Grammaticus' is de versie voor havo/vwo. De naamvallen staan in de klassieke volgorde en dragen de Latijnse namen: Nominativ, Genitiv, Dativ en Akkusativ. De 'Grammy' is een eenvoudiger variant met als meest in het oog springende verschil de naamvalsvolgorde: 1, 4, 3, 2. De naamvalsaanduiding is op de 'Grammy' gebaseerd op het hij/hem-verschil in het Nederlands. Wolters-Noordhoff geeft de grammaticale schuiflatten uit. Bij beide verschijnt binnenkort een werkblok met uitleg, oefeningen en antwoorden.

Beschrijving

Deze opzoekgrammatica bestaat uit twee ten opzichte van elkaar schuivende delen waarmee:

  1. de verbuigingen voor de der- ,ein- en de nichts-Gruppe voor geslacht en getal van de zelfstandige naamwoorden op inzichtelijke wijze worden getoond
  2. de verbuiging van het bijvoeglijk naamwoord wordt getoond
  3. de verbuigingen van het persoonlijk, bezittelijk, vragend en betrekkelijk voornaamwoord zichtbaar gemaakt kunnen worden
  4. een overzicht gegeven wordt van het gebruik van Nominativ, Genitiv, Dativ en Akkusativ als gevolg van de functie van naamwoordgroepen in een zin
  5. een overzicht gegeven wordt van de belangrijkste voorzetsels en de daarmee samenhangende naamvalsvormen.
  6. een opsomming gegeven wordt van de werkwoorden met afwijkende naamvallen ten opzichte van het Nederlands (danken, dienen, es gibt, enzovoort)
  7. de vervoeging bij alle personen gegeven wordt van de werkwoorden 'sein', 'haben' en 'werden', de modale hulpwerkwoorden + 'wissen', de zwakke en sterke werkwoorden en de sterke werkwoorden met 'a' en 'e' in de stam. Voor alle werkwoorden geldt dat de vervoeging voor de tegenwoordige tijd en de verleden tijd wordt gegeven dan wel afgeleid kan worden.

Ondanks de schat aan informatie heeft deze opzoekgrammatica het formaat van nog geen half A-viertje.

 

Aanbevelingen

Kwakernaak (1989) doet in zijn 'Grammatica in het vreemde-talenonderwijs' een aantal aanbevelingen, waaraan inhoud en vorm van grammaticale gebruiksregels zouden moeten voldoen. Deze regels dienen te zijn/ te bevatten:

  1. zo bruikbaar mogelijk
  2. zo geldig mogelijk
  3. zo concreet mogelijk
  4. zo weinig mogelijk taalkundige terminologie
  5. indien nodig, zoveel mogelijk sprekende terminologie
  6. zoveel mogelijk ophangers
  7. zoveel mogelijk visuele ophangers
  8. zo horizontaal mogelijk.

Aan deze aanbevelingen zou evenzeer een gebruiksvriendelijke opzoekgrammatica moeten voldoen, omdat langs die weg het zoekproces verkort kan worden. Naast het principe van het schuiven ter vervanging van het geblader en doorzoeken/combineren van de gebruikelijke tabellen zijn 'Grammaticus' en Grammy' gebaseerd op het principe van analogie. Voor elk grammaticaal probleem is een pregnant voorbeeld gekozen. De taalkundige terminologie beperkt zich op beide schuiven tot persoonlijk en bezittelijk voornaamwoord en de werkwoordscategorieën: zwak, sterk, sterk met a-Umlaut en sterk met e/i-Wechsel. Bij de keuzevoorzetsels (het rijtje 'an, auf, hinter', enzovoort) is voor een symboolaanduiding gekozen.
Op de voorkant wordt het systeem van verbuigingen behandeld. Op het voorzetsel 'für' (= voor) volgt de Akkusativ. Met de schuif bepaal je welk woord je wilt gebruiken, de vorm lees je in de rij van de Akkusativ af. In het voorbeeld staat de schuif op de 'der-Gruppe':

voor de grote man = für den großen Mann

Op de voorzetsels 'mit' (= met) en 'aus' (= uit) volgt de Dativ. Je kijkt dus in de rij van de Dativ.

Op de achterkant wordt het werkwoord behandeld. Met de schuif bepaal je welke persoon je wilt gebruiken en in de verschillende vakken vind je dan de bijbehorende vervoeging.

De leerlingen van 3 klassen 4-vwo die ik met de schuiflat heb laten werken, reageerden positief op het gemak ervan. Een toets vooraf gaf een score van 40 % goede antwoorden. Na een maand (zelfstandig!) geoefend te hebben was dit percentage tot ruim 80% gestegen. Daarbij is de gehele 'basisgrammatica' getoetst (hoe omstreden dit begrip ook mag zijn, leraren aan wie ik deze resultaten voorlegde, noemden dit 'stof voor het schoolonderzoek').
Het gebruik van hulpmiddelen als woordenboeken en grammatica's bij repetities wordt door steeds meer docenten toegestaan. De opzoekvaardigheid daarbij is zelfs tot een kerndoel van de Basisvorming verheven (kerndoel 16). Door de aanstaande invoering van de Tweede Fase in havo/vwo zal het belang van het zelfstandig gebruik van hulpmiddelen alleen nog maar toenemen. 'Grammaticus' en 'Grammy' zijn handzame overzichten waarmee snel en zelfstandig een grammaticaal probleem in het Duits kan worden opgelost.

Literatuur

Kwakernaak, Erik, Grammatica in het vreemde-talenonderwijs, Leiden, 1989


Erwin K. de Vries

Geboren 1963. Studeerde Duitse taal- en letterkunde aan de RU Groningen. Lerarenopleiding afgerond in 1995. Was als docent Duits werkzaam aan vele scholen. Werkt momenteel freelance. Publiceerde eerder over René Girard en de Germaanse mythologie.
Adres: Jan Goeverneurstraat 7 A, 9724 LJ Groningen

 

ISBN Index Colofon