Ernst Jan Pluim Mentz (1959) - Patriek Vleeming (1971)
Open Twents Kampioenschap (Fit-Form), 10/26/2004
Round 1 [Patriek]
1.e4 c5 2.Nf3
Nc6 3.d4 cxd4
4.Nxd4 Nf6 5.Nc3
e5 De Svesjnikov.
6.Ndb5
d6 7.Nd5 Een
(ook op hoog niveau) populaire zijvariant. Wit kan iets makkelijker ontwikkelen, maar heeft het nadeel
dat er nu op d5 een pion staat in plaats van een paard.
7...Nxd5
8.exd5 Nb8 Het
alternatief is 8... Pe7. Wit vervolgt dan met 9. c3 of 9. c4, waarna 9... a6 faalt op 10. Da4! (10...
Ld7 11. Pxd6 mat)
9.c4 a6
10.Nc3 f5 Gebruikelijker
is de zetvolgorde met 10... Le7, 11... 0-0 en 12... f5.
11.f4
Nd7 12.Be2 Be7
13.
14.Qc2
Bf6 Tot zover Van Assendelft - Vleeming,
SBO-kampioenschap 2004 (0-1, 32). Slaan op f5 ziet er nu verdacht uit.
15.a4 Floris
van Assendelft koos voor het vaak gespeelde 15. Kh1, om de lastige schaakjes eruit te halen. Een betere
keus: met de opmars van de a-pion bereikt wit niets, terwijl zwart op de koningsvleugel wat kan gaan
ondernemen.
15...exf4 16.Bxf4
Be5 De pointe van het zwarte spel: de loper
staat op e5 erg goed en kijkt alle kanten op. Afruilen helpt niet: dan neemt het paard het stokje over.
17.a5
b6 En de witte damevleugelactie is nu al
gestopt; wit wil graag 18. b4 spelen, maar na 18... bxa5 19. Txa5 Db6+ gaat er een pion af en na 19.
bxa5 heeft zwart het "doorbraakveld" c5 stevig in handen.
18.g3 Geen
gelukkige zet. Wit verzwakt zijn koningsstelling. Tevens kan zwart het pionoffer gerust aannemen; pion
a5 gaat wel weer een keer van het bord af, maar het tegenspel over de b-lijn is zeer onaangenaam voor
wit.
18...bxa5 19.Be3 Een
andere manier om de schaakjes eruit te halen. De loper op e5 wordt echter steeds sterker.
19...Rb8
20.Ra3 Om de toren van de lange diagonaal
af te halen en eventueel nog een keer te verdubbelen. Dit betekent echter ook dat de toren uit de verdediging
verdwijnt.
20...Nf6 Op weg
naar de koning.
21.Kg2 De bedoeling
van deze zet was om ruimte te maken voor de loper op g1. Onnodig, want Lg1 is straks helemaal geen optie.
21...Ng4 Wit
is nu genoodzaakt zijn nuttige witveldige loper af te ruilen, omdat alle zetten van zijn zwartveldige
collega een nadeel hebben.
22.Bxg4 fxg4
23.Raa1 Rf3 Binnen
zonder kloppen.
24.Rxf3 gxf3+
25.Kf2 Op 25. Kxf3, door vele omstanders
voorgesteld, was het plan 25... Lh3. De koning vindt moeilijk veiligheid. 25. Kg1 lijkt ook beter dan
de tekstzet, maar de witte velden blijven erg zwak.
25...Qd7
26.Rf1 Misschien had wit hier toch 26.
Kxf3 moeten proberen.
26...Qh3 27.Kg1
Bf5 28.Qd2 En
hier had 28. Df2 moeten geschieden. Zwart speelt dan 28... Ld3, kan wat pionnen snoepen en behoudt nog
steeds druk. Na de tekstzet volgt een aardige matcombinatie.
28...Bxc3
29.bxc3 Bd3 30.Re1
Be2 31.Rxe2 Rb1+
32.Re1 Rxe1+ 33.Kf2
Qf1#
0-1