De Zeelt
De Goudzeelt wordt ook steeds meer gebruikt om Koi vijvers mede schoon te houden. Ze eten zelfs uitwerpselen van Koi. De Zeelt wordt ook wel Muithond en in de Betuwe Louw genoemd. De Zeelt heeft een vrij kort en hoog lijf, dat bedekt is met heel kleine schubben. Deze zitten diep in de onderhuid en eroverheen zit een dikke, slijmerige opperhuid. Soms treft men exemplaren met een praktisch naakte huid aan. De zeelt is overwegend groen: de rug is fraai olijfgroen, de zijden zijn bruin tot grijsgroen met een gouden glans. De buikzijde is veel lichter en de vinnen zijn donker. In kweekvijvers zie je ook wel goud of roodachtige exemplaren. De Zeelt groeit niet zeer snel en is bijzonder vruchtbaar

Zeelt.
De paaitijd is vrij laat, van juni tot augustus worden de groene kleverige eitjes in een aantal keren afgezet op waterplanten,het mannetje komt later de eieren bevruchten. Na 3 tot 6 dagen komen de eitjes uit. De jonge Zeeltjes teren dan nog ongeveer 10 dagen op de dooierzak. Daarna gaan ze zelfstandig op zoek naar voedsel. Zij groeien zeer traag. In het eerste jaar worden ze niet groter dan 3 tot 6 cm. Na 3 tot 4 jaar is de Zeelt geslachtsrijp. Je kunt het verschil tussen een mannetje en een vrouwtje zie aan de aarsvinnen. Bij een mannetje komen die over het aarsgat. bij een vrouwtje zitten ze er net voor. Deze vis is uitzonderlijk goed bestand tegen een laag zuurstofgehalte van het water; zelfs in veen poelen kan hij overleven. Weggekropen in modder of leem of dicht tegen elkaar aan, in scholen vlak boven de bodem, brengen zeelten de winter door. Wanneer het water te warm wordt in de zomer, overvalt hen een lichte lethargie, die je kunt vergelijken met de toestand van een dier in winterslaap.
De Zeelt is een verlegen vis die zich bijna altijd schuil zal houden tussen de beplanting. De Zeelt zit bijna altijd op de bodem, lengte: 10 - 30 cm. Dit is een soort die in je vijver niet mag ontbreken, daar hij wel een erg speciale eigenschap heeft. Hij wordt niet voor niets de dokter van de vijver genoemd. Door het feit dat er in zijn opvallend dikke slijmhuid een bepaald antibiotica zit heeft hij de gave om andere vissen in je vijver te "genezen". Niet zozeer van ziektes, maar dit antibiotica zou een goede werking hebben op kleine wondjes die de andere vissen oplopen door één of andere reden. Een perfecte vervanger voor desinfecterende middelen. Wanneer andere vissen een slijmhuid beschadiging hebben schuren ze langs de Zeelt en pikken op die manier wat van de extra dikke slijmhuid van de Zeelt. De zeelt leeft dicht bij de bodem, waar hij ook zijn voedsel vindt. Hij heeft ook een paar baarddraden op zijn mondhoeken waarmee hij de bodem aftast naar voedsel. Zijn kleine ronde ogen spelen daarbij geen rol van betekenis. Zijn voedsel bestaat uit muggenlarven, slakjes, watervlooien en kreeftachtige, verrotte anomalieën, plantendelen en wormen.