Hartritmestoornissen
 

Home
Hartritmestoornissen
Onderzoeken
Behandeling
Wetenschap
Ingezonden brieven
belangrijke adressen
Contact
Gastenboek
Gift

 

 

Een normaal hartritme:

In de rechterboezem bevindt zich de SA  knoop. Hier start de normale hartactie. 

De volgorde van geleiding vindt plaats:
SA knoop, Boezem, AV knoop, Bundel van His, Bundeltakken, Fascikels, Vezels van Purkinje, rechterkamer, linkerkamer. (zie fig. boven).

In rust is de gemiddelde hartfrequentie 60 slagen, tijdens het slapen zelfs minder dan 50 slagen. Tijdens inspanning, afhankelijk van leeftijd en conditie kan de frequentie oplopen tut 120 tot 180 slagen per minuut. 

Omstandigheden die ritmestoornissen kunnen uitlokken:

  1. Verhoogde wandspanning van de hartspier. (drukverhoging als ook volumetoename). Hier ligt m.i. de oorzaak betreffende de sporters.
  2. Stess
  3. Hyperventilatie
  4. Koorts.
  5. Cafeïne, nicotine, dieetpillen
  6. Overactieve schildklier.
  7. Sommige medicijnen die gebruikt worden bij hartritmeproblemen.
  8. Geneesmiddelen. (antidepressieva, psychofarmaca)
  9. Schildkliermedicijnen, sommige inhaleermiddelen bij cara
  10. Diverse hartaandoeningen. (klepaandoeningen, verhoogde bloeddruk, hartinfarct).
  11. Verlaagde zuurstofgehalte in het bloed. (Longaandoeningen, shock.)
  12. Elektrolytstoornissen. (Afwijkende concentraties natrium, kalium, calcium, magnesium). 

Nu kunnen er de volgende afwijkingen plaatsvinden:

  1. Sinustachycardie.
    Dit is een "nomaal" verhoogd hartritme die ontstaat b.v. bij koorts, pijn of bloedverlies.
  2. Paroxismale sinustachycardie:
    De hartfrequentie ligt meestal tussen de 150 en 180 slagen. Het ritme is nagenoeg regelmatig.  Treedt vaak plotseling op. Er is sprake van een "normaal ECG.  De behandeling kan bestaan uit het prikkelen van de nervus vagus. Dat wil zeggen het masseren van het gebied voor de halsspier.
  3. Boezemtachycardie:
    Er bevindt zich in de boezem een "plekje"die naast de sinusknoop impulsen uitzendt.  Het ECG is afwijkend. hartfrequentie tussen de 150 en 180 slagen. De behandeling bestaat uit het toedienen van medicijnen.
  4. Re entry tachycardie:De AV knoop zendt zowel naar de boezem als ook naar de kamer impulsen. Hier is sprake van een gestoorde prikkelgeleiding. De hartkamers worden nagenoeg gelijktijdig geprikkeld. Hartfrequentie tussen de 150 en 180 slagen.
    Of in de kamer ontstaat een kringloop stroompje die opnieuw de AV knoop prikkelt. Als medicijnen niet helpen kan men met een katheterablatie (zie elders) proberen de problemen te verhelpen.
  5. Wolff-Parkinson_White-syndroom (WPW):
    Hier is een extra verbinding tussen de boezems en de kamers in de buurt van de A-V knoop. Ook hier is de hartfrequentie verhoogt. Deze aandoening kan behandeld worden met een ablatie.
  6. Boezemflutter:
    De boezem pompt niet regelmatig. De boezemfrequentie bedraagt vaak tussen de 240 en 340 slagen. De kamer reageert die altijd op de snelle fluttergolven.  Hartfrequentie voelbare hartfequentie zit vaak tussen de 150 en 180 slagen. De behandeling bestaat vaak uit cardioversie en medicijnen.
  7. Boezemfibrilleren.
    Er ontstaat in de boezem een chaos van kleine elektrische stroompjes. Deze electrische chaos leidt niet tot het samentrekken van de  boezem. De AV  knoop geeft zeer onregelmatig prikkels door aan de kamer. De hartfrequentie ligt tussen de 150 en 180 slagen  per minuut. Men voelt zich vaak kortdurend onwel. Men is vaak duizelig en transpiteert.
    De behandeling bestaat vaak tot en geven van medicijnen of in  sommige gevallen kan er met cardioversie (onder lichte verdoving).
    gepoogd worden het normale hartritme te  herstellen.  Ook kan er besloten worden voor een maze operatie.  Dit is een openhartoperatie waarbij de chirurg aan de binnenkant  van  de boezem volgens een bepaald roosterpatroon insnijdingen maakt om zo de prikkels te geleiden.
  8. Boezem of kamerextrasystolen (V.E.S: Ventriculaire extra systole)
    Engelse benaming: Ectopic heartbeat
    De oorzaken staan hierboven beschreven.  Hier onstaan er extra slagen die in de boezem of kamer. Door de extra slag is de pauze groter tot de volgende slag Hierdoor  voelt men vaak het hart als het ware overslaan. Vaak zijn deze symptomen weer gekoppeld aan diverse hartaandoening of medicijn  gebruik. Ook kunnen ze  voorkomen bij veelvuldig koffiedrinken. Bij  mijn weten zijn zij ongevaarlijk.   Consulteer toch een arts als ze vaak voorkomen.(6 per minuut of in series van 3 achter elkaar).
  9. Bradycardie
    De hoogte van de hartslag is zeer variabel en afhankelijk van de  leeftijd. Intensieve duursport veroorzaakt een lage rustpols omdat het hart krachtiger wordt en per slag meer bloed rondpompt.   Bij  een pathologische bradycardie  kan er structureel sprake zijn  van een te lage prikkeling.  Bij een sick sinus syndrom (SSS) reageert de sinusknoop  niet  meer op de behoeften van het lichaam. Het hartritme kan dan te  hoog of te laag zijn.  Ook bij de AV knoop of in de bundel van His kan een soort blokkade  ontstaan (particieel of total A-V blok.   Bradycardie kan ook als complicatie  bij atriale chirurgie ontstaan. Als behandeling wordt vaak een  pacemaker toegepast.
  10. Hypertrofische cardiomyopathie (HCM)
    De term hypertrofische cardiomyopathie betekent 'ziekte van de hartspier, waarbij deze (gedeeltelijk of geheel) verdikt raakt.        De vorm die erfelijk bepaald is, is een relatief veel voorkomende aandoening. Men schat dat tussen de 1 op 500 en 1 op 1000 volwassenen bij cardiologisch onderzoek verschijnselen van deze aandoening heeft. Niet iedereen heeft ook klachten hiervan.
    Als er wel klachten van HCM zijn, kunnen deze bestaan uit een verminderd uithoudingsvermogen, pijn op de borst of het optreden van ritmestoornissen. Hartritmestoornissen (vooral het veel te snel slaan van het hart) kunnen leiden tot duizeligheid, flauwvallen en soms tot plotseling overlijden. Het langzaam dikker worden van de hartspier gaat het hele leven door. De eerste verschijnselen van HCM treden meestal niet voor het tiende levensjaar op. In sommige families begint de aandoening pas na het dertigste jaar. Er zijn verschillende behandelingsmogelijkheden, uiteraard afhankelijk van de verschijnselen bij de individuele patiënt. Soms worden medicijnen voorgeschreven, in andere (zeldzame) gevallen kan het nodig zijn een pacemaker of inwendige defibrillator (ICD) te implanteren.
    Diagnose
    Soms is bij een patiënt met HCM sprake van een hartruis. Ook zijn meestal veranderingen op het elektrocardiogram (ECG of hartfilmpje)) te zien. De diagnose kan meestal worden bevestigd door het maken van een echo van het hart. Indien er in een familie sprake is van een ernstige vorm van HCM, wordt aan naaste verwanten (ouders, kinderen, broers, zusters) ook vaak onderzoek geadviseerd en aangeboden.
  11. Verlengde Q-T tijd of wel LQTS.
    Het LQTS is een aangeboren hartafwijking, die ontstaat door een verandering in het erfelijk materiaal. Bij LQTS is er sprake van een normaal hart, maar de stroomvoorziening van het hart kan ineens verstoord raken. Door deze afwijking in de stroomvoorziening ontstaat er een verlenging van de QT-tijd. In deze QT-tijd herstelt het hart zich, om een volgende hartslag te maken (zie afbeelding hieronder). Een afwijking in deze herstelperiode kan een ontsporing van het hartritme veroorzaken. Hierdoor kan er fibrilleren ontstaan in de hartkamer en pompt daardoor geen bloed meer rond, waardoor mensen bewusteloos kunnen raken of snel kunnen overlijden. Een verstoring van het hartritme kan ontstaan door bepaalde gebeurtenissen: een duik in het water of een zware inspanning (type LQTS 1), een sterke emotie of een onverwacht hard geluid (type LQTS 2), of bij rust, bijvoorbeeld tijdens de slaap (LQTS type 3). De eerste verschijnselen van LQTS kunnen al op de kinderleeftijd optreden.

    Electrocardiogram (ECG)
    Afbeelding van een electrocardiogram (ECG). Hierin is het tijdsinterval QT te zien. In deze periode pompt het hart één keer, en maakt zich klaar voor de volgende hartslag.
    De diagnose kan gesteld worden op grond van een afwijkend ECG (elektrocardiogram). Het ECG is echter niet altijd afwijkend.
    Cardiologisch en genetisch onderzoek kan al op de kinderleeftijd worden aangeboden aan familieleden. DNA-diagnostiek wordt uitgevoerd bij de afdeling Cardiogenetica van het AMC Amsterdam en de Stichting Klinische Genetica Zuid-Oost-Nederland van het Academisch Ziekenhuis Maastricht. Het duurt tenminste drie maanden voordat u een uitslag krijgt van een DNA-onderzoek naar de verschillende typen LQTS. Het LQTS is aangeboren en niet te genezen. Een behandeling kan echter de kans op een hartritmestoornissen zeer sterk verkleinen. Deze behandeling bestaat meestal uit medicijnen (betablokker) en heel soms uit een pacemaker of interne defibrillator (ICD).
    Het LQTS komt naar schatting bij 1 op de 5.000 personen voor.
    In de meeste gevallen erft LQTS autosomaal dominant over. Zeldzaam is een autosomaal recessieve overerving die gaat gepaard met aangeboren doofheid (het syndroom van Jervell-Lange-Nielsen).

 Welke Klachten kun je hebben bij hartritmestoornissen:

Sommige mensen hebben hartritmestoornissen zonder dat ze er iets van merken. Soms wordt een hartritmestoornis opgemerkt bij b.v. een routineonderzoek
Klachten die men wel kan voelen zijn:

1.        Hartkloppingen, bonzen, overslagen.
2.        Benauwdheid, kortademigheid, pijn op de borst.
3.        Bij het sporten minder presteren. Misselijkheid.
4.        Duizeligheid
5.        Buiten kennis raken.
6.        Angst, hyperventilatie.   

 

 

 


Home | Hartritmestoornissen | Onderzoeken | Behandeling | Wetenschap | Ingezonden brieven | belangrijke adressen | Contact | Gastenboek | Gift

Questions or problems regarding this web site should be directed to [CompanyEmail].
Copyright © 2002 [CompanyName]. All rights reserved.
Last modified: 01/24/10.