Leestekens - dubbele punt - Oefening 1

Gatenvuloefening

Noteer het juiste leesteken in de invulplaats. Gebruik de Tab-toets om naar de volgende invulplaats te gaan.
Vul op invulplaats een of meer leestekens in. Je kunt kiezen uit punt, vraagteken, uitroepteken, komma en dubbele punt.
Als je denkt dat er geen leesteken moet staan, moet je een kruisje (X) noteren.

1. Op school vind ik drie vakken echt moeilijk Nederlands Engels en wiskunde
2. Bert zei “Ik vind dat Hanneke gelijk heeft.”
3. Eén klasgenoot kwam niet opdagen op het feest hij was met de fiets gevallen
4. De wegen zijn onbegaanbaar het heeft vanochtend geijzeld
5. Breng je van de winkel rijst koffie en bouillonblokjes mee
6. Je moet niet zoveel patates frites eten je wordt er veel te dik van
7. Het is geen wonder dat ik geen voldoende had Ik had het niet geleerd
8. Toen ik dat hoorde dacht ik wat een fantasie heeft die jongen
9. Hester vroeg of ik het huiswerk al af had
10. Hester vroeg “Heb jij het huiswerk al af