Begrafenis van GERRITDINA HOEKSEMA-CORNELIS op 12 mei 1982 te Groningen
 


Als lid van de Commissie Uitvaartbegeleiding van het Humanistisch Verbond heeft men mij gevraagd hier vanmiddag een paar woorden te zeggen.

Geachte familie, dames en heren,
Wij zijn hier bij elkaar gekomen om afscheid te nemen van

GERRITDINA HOEKSEMA-CORNELIS.

Mevrouw Hoeksema is slechts 66 jaar oud geworden, maar heeft op dermate voorbeeldige wijze geleefd, dat het zeer zeker zinvol is een paar minuten stil te staan bij het leven van deze vrouw.
Een belangrijke eigenschap van haar was, dat ze het leven nam, zoals het op haar af kwam. Van godsdienst heeft ze dan ook nimmer een probleem gemaakt. Zij aanvaardde het als vanzelfsprekend dat alles in de natuur vergankelijk is. Zo ook het leven van de mens. Het begint bij de geboorte en eindigt met de dood.

Mevrouw Hoeksema heeft een betrekkelijk goede jeugd gehad. Dat kwam vooral door haar vrolijk karakter. Ze hield van dansen, maar vooral van zingen.
Dit laatste was ook op latere leeftijd nog iets wat ze graag en vaak deed.
Toch leefde zij niet oppervlakkig. Ze was zeer maatschappijbewust.
Zij heeft gelopen met een gebroken geweertje en was o.a. lid van een geheelonthoudersvereniging. Deze levensstijl typeert haar voluit.
Het gebroken geweertje symboliseert het strijden voor vrede en ze was ongetwijfeld geheelonthouder om daar mee aan te geven hoe je ten strijde moest trekken tegen de ellende in de wereld in die periode van armoede en crisis.
Deze strijd voor het geluk voor anderen is altijd bij haar gebleven.
Eigenlijk kun je bij deze zachte onopvallende vrouw niet spreken van strijd.
Beter is het daarom te zeggen: de blijmoedigheid straalde haar van het gezicht af. Dit is nog duidelijk op foto's te zien.
En dat, terwijl haar leven alles behalve gelukkig is geweest; 37 jaar lang is ze gehandicapt geweest; 15 jaar is het al geleden dat haar man kwam te overlijden en 8 maand is ze ongeneeslijk ziek geweest.

In 1944, oorlogstijd, bracht ze haar enig kind ter wereld. Van deze bevalling, gecombineerd met ondervoeding en alle andere moeilijkheden tijdens de oorlog, heeft ze een spierziekte overgehouden. Maar daarover klaagde ze nimmer.
Ze heeft het altijd moedig gedragen. Ze stond altijd voor de ander klaar met een opgewekt gemoed.
Een grote slag is het ook voor haar geweest toen ze 15 jaar geleden haar man verloor. Hij was toen nog maar 48 jaar oud. Moedig heeft ze zich door dit grote verlies heengeslagen. Dank zij vooral het feit dat ze goed kon opschieten met haar medemens. En dat kwam weer omdat ze veel vertrouwen in een ieder had.

Haar lijfspreuk was dan ook: "Er is geen mens zo slecht, of er zit wel iets goeds aan".

Vooral veel steun Heeft ze in die moeilijke tijd gehad van haar zoon. Hij werkte destijds in Duitsland en aan zijn vader, vlak voor diens dood, had hij beloofd moeder niet in de steek te laten. Hij heeft zijn belofte waar gemaakt. En hoe! Misschien kun je dat samenvatten met: "zo moeder, zo zoon".
Mevrouw Hoeksema is zelfstandig blijven wonen, maar geheel onder het bereik van de zoon en de schoondochter, die tegenover haar woonden.
Op deze wijze hebben moeder, kinderen en later ook oma en kleinkinderen, in een hechte familieband samengeleefd, gedurende ongeveer 15 jaar.
Mevrouw Hoeksema, vaak in een rolstoel gezeten, kwam weinig uit haar aangepaste woning. Daaraan had ze schijnbaar weinig behoefte. Toch zijn die enkele bootvakanties haar byzonder goed bevallen. Daar was ze temidden van allemaal gehandicapten en voelde ze zich thuis. En omdat ze altijd een vrolijk gezicht meebracht, zorgde ze voor een echte vakantiesfeer.
De kinderen hebben gedurende al die jaren hun hele leefwijze aangepast om moeder maar zo veel mogelijk te kunnen opzoeken.
Voorwaar een opoffering!
En dan de kleinkinderen: Daarvoor was mevrouw Hoeksema een "droom"oma.

Het is ongeveer 8 maand geleden dat mevrouw Hoeksema door de dokter werd doorverwezen naar het Rooms Katholieke Ziekenhuis wegens ernstige klachten.
Een operatie zou niet alleen haar leven verlengen, maar ook voorkomen dat ze hevige pijn zou krijgen, was de mening van de doktoren. Daarom werd tot een operatie overgegaan. Helaas is die mening niet uitgekomen.
Vooral gedurende de laatste 4 weken heeft ze ondraaglijk geleden. Ze heeft dan ook meerdere malen gevraagd een einde aan dit uitzichtloos lijden te maken. Maar helaas is in Nederland vrijwillige euthanasie nog moeilijk realiseerbaar.
Gedurende haar lang ziekbed kreeg ze bijna iedere middag bezoek van haar zusters en 's avonds van haar zoon en schoondochter. Een dergelijk bezoek was het enige wat ze nog had in haar leven. Dat hebben deze familieleden en ook anderen begrepen. En daarmee iets terug kunnen doen voor het vele dat mevrouw Hoeksema voor hun had betekend.
Mevrouw Hoeksema bleef dapper haar strijd strijden.
Alleen de laatste 4 weken niet meer, maar toen was ze zichzelf ook niet meer!

Als we alles overzien kunnen we, dacht ik, vaststellen dat het leven van mevrouw Hoeksema goed is geweest. Haar leven was in de eerste plaats leven voor de anderen. Dat dwingt diepe bewondering af.
Maar dat is nu allemaal voorbij. Toch is er nog veel overgebleven; dan denk ik in de eerste plaats aan de fijne herinneringen die een ieder die haar heeft gekend, van haar heeft overgehouden. Maar ook aan het feit dat vele van haar goede eigenschappen zijn overgeërfd op haar nageslacht.
Zo leeft mevrouw Hoeksema als het ware verder in haar kind en kleinkinderen.

Naaste familieleden, ik weet dat de overledene voor u veel tekort heeft geleefd. Maar voor haarzelf telang. Of, zoals het in uw advertentie stond: "Zij heeft nu de rust waarnaar zij zo vurig verlangde."
Ik hoop dat deze wetenschap u de nodige troost zal geven om vredig afscheid te kunnen nemen van uw lieve moeder, oma en zuster.


                                                                                               S.v.d.Mei, H.V./Leek.