De Boomvalk

Het boomvalkvrouwtje weegt gem. 229 gram en heeft een vleugel spanwijdte van 83 cm.
Het mannetje weegt gem. 200 gram en heeft een vleugel spanwijdte van 83 cm.
Het eerste ei word eind mei begin juni gelegd.
De broedtijd is 31 dagen.
De jongen zitten dan nog 28 dagen op het nest.
Het aantal eieren is gem.2,8.
Het aantal jongen is gem.2,3.

De boomvalk is een trekvogel die in de winter in zuid Afrika verblijft, en in april weer in ons land is en blijft tot september. Het is een niet zoveel voor komende vogel, en goed herkenbaar door zijn jachtmethode. Hij is supersnel en zeer wendbaar. In de vlucht heeft hij wel iets weg van een zwaluw, vooral zijn model en wat zijn vliegmanier betreft. Zijn prooi bestaat uit spreeuw - zwaluw - en ook insekten waar onder de libellen. Die vindt hij meestal op een open vlakte zoals heide of langs bosranden. Het nest is net als bij andere roofvogels een oud kraaiennest die moeilijk te vinden is.


Bedelende jongen van ong. 1 week oud.


Het mannetje (links) brengt een prooi waar veel ophef om ontstaat door de jongen.