De blankvoom is met de brasem de meest algemene vis in Nederland.Deze uitzonderlijk flexibele vissoort komt in vrijwel ieder watertype voor, ook nog vaak in zeer behoorlijke hoeveelheden.
De blankvoorn is aanwezig in vrijwel alle grotere en kleinere meren, rivieren, kanalen, zandwinputten en sloten. Daarbij komt de blankvoorn zowel in relatief koude als warme wateren voor.
De blankvoom heeft een hoge tolerantie voor lage zuurstofgehaltes waardoor ook wateren met een verminderde waterkwaliteit voor deze vis leefbaar zijn.
Zijn grote aanpassingsvermogen is er de oorzaak van dat de blankvoorn zich in nieuwe wateren als èèn van de eerste vis-soorten goed kan ontwikkelen.
Dit is bijvoorbeeld ook gebeurd bij zoute wateren die door indijking zoet zijn geworden, zoals het IJsselmeer en enkele afgesloten zee-armen. Alhoewel de blankvoom een zoetwatervis is bestaat er een redelijke tolerantie voor zout water. Binnen enkele seizoenen is daar een sterke, goed groeiende blankvoorn-stand ontstaan.