Reacties, vragen en suggesties zijn van harte welkom op mijn .

Homepage
Autofabrieken in Nederland
De Kaiser - Frazer geschiedenis
Simca en de Nekaf fabriek
Simca en Chrysler Benelux

To the English version/ Naar de Engelstalige versie

Simca en de Nekaf fabriek

In Rotterdam was de fabiek van de NEKAF gevestigd. Dat staat voor Nederlandse Kaiser-Frazer Fabrieken. Zoals de naam al aangeeft was het bedrijf oorspronkelijk bedoeld als de Europese vestiging van Kaiser Frazer. Doordat het was opgezet als een zelfstandig bedrijf, kon het een eigen beleid voeren en heeft men het moederbedrijf in de Verenigde Staten kunnen overleven. In 1958 nam Chrysler het bedrijf over, waarna een nieuwe bloeiperiode aanbrak. Met het steeds verder verdwijnen van handelsbelemmeringen, werd ook de assemblage steeds minder lonend. In 1971 werd de fabriek na 22 jaar gesloten. In die tijd zijn er heel wat merken geassembleerd, maar bijna de helft bestond uit Simca's.

Het ontstaan van de fabriek

Kaiser Frazer richtte haar pijlen al spoedig op de Europese automarkt. Na een poging om Fiat over te nemen, probeerde het bedrijf op een andere manier een voet aan de grond te krijgen in Europa. Een vestiging in de Benelux was aantrekkelijk, met name omdat daar relatief veel Amerikaanse auto's werden verkocht. Een ander voordeel was, dat met ingang van maart 1948 de importheffingen tussen de Benelux landen werden opgeheven. Een investering in Nederland had het voordeel dat men kon profiteren van de destijds relatief lage waarde van de gulden en de lage lonen.

Aan Nederlandse kant werd er van alles aan gedaan om de nieuwe fabriek binnen te halen. Het Instituut voor Nederlands -Amerikaanse samenwerking speelde een belangrijke rol, onder meer bij het tot stand komen van de contacten met de overheid. Zowel Amsterdam als Rotterdam wilden de fabriek binnenhalen. Met name voor Rotterdam stond er na de blamage rond de vestiging van de Ford fabriek enige prestige op het spel, ze wilde zich deze nieuwe kans niet laten ontglippen. Voor Kaiser-Frazer was snelheid van doorslaggevend belang en in Rotterdam kon de nieuwe fabriek het snelste worden gerealiseerd. Daar bevond zich namelijk niet alleen een geschikte locatie, maar kon men bovendien gebruik maken van bestaande bouwmaterialen. Een zwaar beschadigde loods van de Holland Amerika lijn bleek geschikt te zijn om als basis te dienen voor de nieuwe fabriek. De stalen spanten daarvan werden op de nieuwe locatie aan de Sluisjesdijk hergebruikt.

Volgens de planning moesten de eerste Kaisers al na een half jaar van de band komen. Uit de berichten in die tijd blijkt dat niet iedereen er vertrouwen in had dat dit ook gehaald kon worden. Toch werd er veel belang gehecht aan het project; het werd destijds de grootste buitenlandse investering van na de oorlog genoemd. Kaiser-Frazer investeerde 200.000 dollar in fabrieksuitrusting en de rest werd gefinancierd door een consortium van banken en havenbaronnen.

De locatie van de fabriek De Nekaf fabriek aan de Sluisjesdijk De eerste Kaiser komt uit de fabriek

Ook van de landelijke overheid werd het nodige verwacht, de Dollar was in die tijd zo schaars, dat deze door de regering werd toegewezen. Kaiser Frazer kreeg toestemming om voor 6000 auto's de onderdelen knocked-down uit de VS te importeren. Omdat de procedure rond de toewijzing nogal ondoorzichtig werd gevonden, oogstte dit de nogal wat kritiek. Met name andere fabrikanten vreesden dat dit te koste zou gaan van hun toewijzingen. Zo werd de Amsterdamse Ford fabriek door een tekort aan Dollars "gedwongen" om dan maar meer Franse V8 modellen (Vedettes) te gaan bouwen.

Maar ook daar had men een antwoord op, doordat veel Kaisers geëxporteerd zouden worden, zouden er ook veel dollars terugvloeien. Daarnaast probeerde men bij de productie zo veel mogelijk dollars te besparen door onderdelen uit Nederland te betrekken. Zo werden er Vredestein banden gemonteerd, kwamen de ruiten uit Sas van Gent en de bekleding uit Tilburg. Als er geen Nederlandse leverancier te vinden was, werden onderdelen gemonteerd uit andere 'soft currency' landen. Zo kwamen de koplampen uit Frankrijk (Marchal) en kwamen verschillende elektrische onderdelen uit Engeland. In februari 1949 liep de eerste Kaiser van de band, inderdaad een half jaar nadat de bouwvergunning voor de fabriek was afgegeven.

De Kaiser assemblage De Kaiser assemblage De Kaiser assemblage

Ondanks de nodige moeilijkheden en het feit dat men een nieuwkomer in de markt was, kon er in de eerste negen maanden al voor 4 miljoen gulden aan het buitenland worden geleverd. Opmerkelijk detail is dat deze overeenkomsten regelmatig tot stand kwamen op basis van ruilhandel. Zo kreeg men bijvoorbeeld een Braziliaanse order voor levering van een kleine 700 Kaisers, die voornamelijk met cacao betaald werd. Auto-journalisten die in 1949 een bezoek aan het bedrijf brachten waren zeer positief over de moderne inrichting. Met name het in elkaar lassen van de carrosserie maakte indruk. Minder modern vond men dat er geen lopende band aanwezig was, de auto's werden met de hand verplaatst.


Het begin van de Simca assemblage

Na de Tweede Wereldoorlog lag de export van Fiats naar het noorden stil. De sinds 1892 bestaande Firma J. Leonard Lang, die vanaf 1923 Fiats importeerde, ging op zoek naar een alternatief en vond dat in de import van Simca. Op de Parijse autotentoonstelling van 1949 ging het gerucht dat Simca ook in Nederland zou gaan assembleren. Op een persconferentie van de Nekaf directie eind 1949 werd het gerucht bevestigd. Er werd een contract gesloten voor de assemblage en distributie van de Simca modellen voor de Benelux. Men vertelde op die persconferentie dat men een half jaar daarvoor door Simca zelf benaderd was.

Voor de Nekaf was het contract aantrekkelijk, omdat na de Tweede Wereldoorlog snel duidelijk werd dat de Amerikaanse auto's voor de meeste Europeanen te duur waren geworden in aanschaf en verbruik. Een ander groot voordeel was natuurlijk dat men bij de Simca assemblage niet werd beperkt door de toewijzing van dollars. Ook voor Simca was de assemblage in Rotterdam aantrekkelijk, vooral door de totstandkoming van de "Benelux". De in Rotterdam gebouwde Simca's waren dan ook alleen voor deze markt bestemd. Daarbij kan worden opgemerkt dat ook andere grote Franse merken een assemblagefabriek in de Benelux hadden, maar allemaal in België. Ook voor de Simca's was het de bedoeling om zo veel mogelijk gebruik te maken van Nederlandse materialen. (o.a. bekleding)

Leonard Lang advertentie De eerste auto van mijn opa; één van de eerste Simca's in Nederland De Simca 8 1200 tijdens de assemblage

In 1949 werd de Simca nog vertegenwoordigd door Leonard Lang, daarna nam de Nekaf ook de distributie over. In februari 1950 begon de assemblage van de Simca 8-1200. Uiteindelijk zouden er van dit type +/- 600 stuks gebouwd worden. Toen bekend werd dat er ook een nieuwe "baby Kaiser" zou komen, waren de verwachtingen hoog gespannen. Nadat het eerste jaar (1949) voor de Nekaf behoorlijk gunstig was verlopen - er werden alleen op de Nederlandse markt al 1166 Kaisers afgeleverd - kwam men spoedig in de problemen. Op de kwaliteit was nogal wat aan te merken en dat begon het bedrijf op te breken. Veel van de klachten hadden betrekking op de afwerking, maar ook de motor moest het ontgelden (olieverbruik).

Daardoor was de tweedehands waarde van de Kaisers erg laag, zij lag gemiddeld op de helft van de andere Amerikaanse auto's. Bij de Henry J, het nieuwe kleine model uit 1951, waarvan veel was verwacht, bleken de problemen nog veel groter te zijn. Dealers keerden zich van het merk af, omdat ze zo veel kosten moesten maken om hun klanten tevreden te houden, dat ze geen winst meer konden maken op de verkoop van de auto's.

De trots van Rotterdam Kaiser Henry J 1953 De 10000e Nekaf auto was een Aronde

De Aronde

Van de nieuwe Simca Aronde die ook in 1951 op de markt verscheen, had men eveneens hoge verwachtingen. Een week na de introductie van de Aronde in Frankrijk, werd het contract gesloten om dit model in Rotterdam te assembleren. In juni 1951 begon men al met de productie. Voor vormgeving van dit model was net als bij de gelijktijdig door Fiat ontwikkelde 1400 goed naar de Kaiser van 1946 gekeken, dus het paste qua model best goed naast de Kaiser modellen. In tegenstelling tot de Henry J, ging het met de verkoop van de Aronde wel goed, er werd een behoorlijk marktaandeel bereikt. Simca werd daardoor steeds meer een belangrijke pijler onder het voortbestaan van de Nekaf. Verschillende Kaiser dealers begonnen dan ook met de verkoop van Simca. Vanaf 1953 was de Aronde het meest geassembleerde model van de Nekaf. Het was dan ook geen toeval, dat de 10.000e auto, die bij de Nekaf werd geassembleerd, een Aronde was. In 1955 verlieten er bijvoorbeeld 2360 Arondes de fabriek aan de Sluisjesdijk.

Toch vielen er ook bij de Aronde wel kritische opmerkingen te maken. Zo had het model in het begin last van allerlei kwaliteitsproblemen en stond zij bovendien bekend als niet erg roestbestendig. Daar kwam bij dat de onderdelen erg duur waren. Zij kostten een veelvoud van vergelijkbare onderdelen bij concurrerende merken. In 1953 werd het modellenprogramma van de Nekaf uitgebreid met een ander merk, Hillman. Tot eind 1956 werden er 1914 auto's van het type Minx gebouwd en 258 van het type Husky. Daarna kwam er een nieuw type Minx uit en het opzetten van een nieuwe productielijn voor dit type achtte men niet lonend.

Hillman Minx Willys Aero Taxi's Aronde vakantiefoto; collectie Frans Smelt

Men besloot zich meer te concentreren op de productie van de Aronde. Vanaf 1954 werden bovendien de Willys modellen geassembleerd. Het ging daarbij naast de civiele uitvoering van de Jeep ook om de Aero-modellen. Dit laatste model kon worden beschouwd als een goede vervanger van de Henry J en had naast de meer aansprekende vormgeving ook nog als voordeel het degelijke imago dat Willys had opgebouwd. Door de lage productie in de V.S. was het model ook in Nederland vrij duur, waardoor het nooit echt succesvol is geworden. Omdat de assemblage van het model al weer in 1955 werd gestaakt, heeft de Nekaf er maar 265 gebouwd.

De 10.000e in Nederland geassembleerde Simca; collectie Frans Smelt De 10.000e in Nederland geassembleerde Simca; collectie Frans Smelt Nekaf jeep M38A1 Het Jeep model werd wel weer een groot succes voor de Nekaf, in januari 1955 werd het eerste contract getekend voor de levering aan het Nederlandse leger. Hiermee verwierf het bedrijf een grote bekendheid, bovendien was het een forse order. In totaal werden er 5674 door de Nekaf gebouwd. Het succes van de Aronde werd voortgezet, op 5 december 1956 liep de 10.000e in Nederland geassembleerde Simca van de band. Deze auto werd door de succesvolle Amsterdamse dealer Smelt geleverd. Op 20 december 1956 liep de 25.000e auto van de band, het was één van de Jeeps bestemd voor het Nederlandse leger.

Simca chauffeurs; collectie Gerard Menses Simca Nekaf transport 1957 1958; collectie Gerard Menses

Naar de pagina over Simca en Chrysler Benelux







Naar de pagina over Simca en Chrysler Benelux

[Terug naar boven]

Terug naar boven