Op cultureel
gebied waren
er 3 dingen belangrijk voor de Grieken: Goden, sport en
toneel.
In bijna alle heilige plaatsen
vonden de zogenaamde heilige drie-eenheid plaats:
1/ godenverering
in de tempel,
2/ sport
in het stadion,
3/ toneel
in het theater.
● Het theater (toneel)
Het woord
'theater' komt
van het Griekse woord 'theatron', dat
'gebouw waarin een
schouwspel plaats vindt'
betekent.
De Grieken zijn de uitvinders van het
theater.
Alleen mannen konden acteur
(= toneelspeler)
worden. Ze speelden alle rollen: óók die van vrouwen.
Om
alles goed en duidelijk te laten overkomen en zien,
gebruikten de toneelspelers
maskers.
Zo konden de toeschouwers goed zien welke rol ze
speelden.
Bij het omschakelen van een vrolijke rol naar
een verdrietige rol wisselden ze van masker.

masker
Er
werden overal in Griekenland enorme openlucht-theaters
gebouwd.
De meeste theaters konden wel 18.0000
toeschouwers herbergen.
Het publiek zat in een halve cirkel rond het toneel.
Op vele plaatsen in
Griekenland werden toneeluitvoeringen gehouden.
Beroemde voorbeelden van theaters zijn:
| 1 |
Epidavros |
| 2 |
Dodoni |
| 3 |
Delfi |
| 4 |
Athene |
| |
|