|

| |
| |
Opkomst, bloei en ondergang
De
Romeinen hadden hun opkomst, bloei en ondergang
tussen de jaren 753 voor Christus tot 476 na
Christus.
Het Romeinse Rijk zou in de
geschiedenis het grootste rijk in Europa worden.
Hieronder zie je de uitbreiding van hun rijk in de loop
der eeuwen:
|

● Dit kaartje laat de uitbreiding
van het Romeinse Rijk zien in de loop der
eeuwen.
|
|
 |
Vele volkeren behoorden tot hun rijk, zoals:
1 Galliërs
2 Helveten
3 Grieken
4 Joden
5 Egyptenaren
6 Noord-Afrikanen
|
Rome was voor haar welvaart en
dagelijkse behoeften voor een groot deel afhankelijk van
de opbrengsten van het platteland.
De meeste inwoners van het Romeinse Rijk woonden op het
platteland en bewerkten het land.
Over het land verspreid lagen de nederzettingen van de
boeren. De boeren woonden in dorpjes, op kleine
boerenhoeven, of (vooral in Italië) bij prachtige
villa's.
De rijken brachten voor hun zakelijke of politieke
verplichtingen veel tijd door in de stad.
Rond 150 na Chr. stond Rome op het toppunt van haar
macht.
In het Romeinse Rijk heerste vrede en welvaart .
Maar er waren veranderingen op komst.
Aan de noordelijke grenzen kwam steeds meer dreiging van
'barbaarse' stammen, en het kostte het Romeinse leger
dan ook steeds meer moeite om deze volken buiten de
grenzen te houden.
Deze indringers - grotendeels Germanen - wilden het
Romeinse Rijk in om te plunderen, of om er zich te
vestigen en te delen in deze geweldige Romeinse
beschaving.
Ook kreeg het Romeinse Rijk in het midden van de 3de
eeuw te kampen met hevige burgeroorlogen tussen
generaals die om de troon vochten.
In het oosten werd het Romeinse Rijk ook door de Perzen
aangevallen.
Dit alles was het begin van het verval van het Romeinse
Rijk.
Een verval dat uiteindelijk het zo roemruchte Romeinse
Rijk verdeelde in het West-Romeinse Rijk en het
Oost-Romeinse Rijk. |
|
|
|
Het
Romeinse Rijk
|
|