heelal dinosaurus
prehistorie griekenmijn
tijdmachine
romeinen vikingen
wereldoorlog I wereldoorlog II
naar
andere tijden
Voor
ontspanning had men vele mogelijkheden:
●
De
badhuizen
werden ook
wel thermen
genoemd.
De Romeinen gingen er dagelijks naar toe. Velen
brachten er uren door.
Naar de badhuizen gaan was veel meer dan gewoon een
bad nemen. De thermen waren zowel recreatie- als
ontmoetingscentra. Er waren badvoorzieningen, je kon
er zwemmen en sporten, er waren bibliotheken en
tuinen om in te wandelen. De Romeinen ontmoetten er
hun vrienden, speelden er bordspelen, handelden er
zaken af.
De toegang was gratis of heel goedkoop, zodat
iedereen naar de thermen kon gaan.
De thermen waren geopend van de middag tot het
vallen van de avond. ▼
Zwembad
Sporten
●
Het
amfitheater, een
arena voor gladiatorgevechten en
dierengevechten.
Gladiatoren
waren meestal slaven of gevangenen. Ze kregen
eerst een training om goed te leren vechten. Als
ze geluk hadden, bleven ze in leven en waren ze
vrij. Maar bijna allemaal stierven ze tijdens de
opleiding of in het gevecht. Veel mensen kwamen
kijken naar het echte gevecht op leven en dood.
Er is ooit een gladiator geweest, die 88
overwinningen behaalde!
's Ochtends kon je in de arena kijken naar
dierengevechten.
Als een gladiator verloor of gewond raakte, kon
hij aan het publiek om genade vragen. Als hij
goed had gevochten, werd dat ook vaak gedaan.
Maar als het publiek met hun duim naar beneden
wees dan werd hij vermoord. De
gladiatorengevechten begonnen met een grote
optocht van de deelnemers. Voor het podium van
de keizer stopten ze dan en riepen ze: 'Ave,
Caesar, morituri te salutant' ('Gegroet,
keizer, zij die gaan sterven groeten u').
Duizenden dieren en mensen kwamen bij deze
gevechten om.
Het amfitheater kon men ook binnen een paar minuten
veranderen. De zandpiste werd dan met
water gevuld voor een zeeslag.
Het Colosseum in Rome is een overblijfsel van
zo’n arena. ▼
Het Colosseum
Gladiatorhelm
Het Colosseum had ondergrondse
kleedruimten, cellen, waar
gladiatoren zich bevonden, maar ook
dierenkooien.
De vloer was van hout, met
verschillende luiken, waaronder
gangen die naar de ondergrondse
cellen leidden. De vloer was bedekt
met zand om de luiken te verbergen.
De ondergrondse ruimten waren met
elkaar verbonden door gangen.
Sommigen met metalen hekken, vanwege
de wilde dieren, die anders
gemakkelijk zouden kunnen
ontsnappen. Door de luiken leek het
net alsof het dier of de gladiator
uit het niets tevoorschijn kwam in
de arena.
Op het Colosseum stonden 240 palen
die een enorm zeildoek moesten
dragen om het publiek te beschermen
tegen regen en brandende zon. Het
werd opgehangen door slaven en
zeelieden.
In het Colosseum werden allerlei
spelen gehouden, dier tegen dier,
mens tegen dier, en mens tegen mens.
Er werden natuurlijk ook andere
voorstellingen gegeven: zoals
fluitspelers en acrobaten.
Romeinse soldaten voor het
Colosseum
In 404 na Christus werden door
keizer Honorius de bloedige
gevechten verboden.
In 523 werden ook de dierengevechten
verboden omdat er al een heleboel
door de gevechten waren
uitgestorven.
Het Colosseum is tegenwoordig een
belangrijk monument dat een goed
voorbeeld is van de hoogontwikkelde
cultuur en bouwkunst van het
Romeinse Rijk.
In juli 2006 heb ik Rome bezocht en
natuurlijk ook het Colosseum. Hieronder
zie je een filmfragment van hoe het
Colosseum er momenteel van binnen
uit ziet:
Binnen
in het
Colosseum (Rome, juli 2006)
Men
denkt dat de
gladiatorengevechten van
oorsprong een Etruskisch
gebruik waren.
De
Etrusken
hadden hun
bloeiperiode van de 8e eeuw
tot de 1e eeuw voor
Christus.
Bij begrafenissen van
vooraanstaande
legeraanvoerders en andere
rijke Etrusken lieten de
Etrusken slaven vechten. Dat
werd als een eerbetoon
beschouwd voor de
overledene.
● Op
de
renbaan (Circus
Maximus) werd gestreden door
wagenmenners.
Wagenmenners waren jonge mannen die in wagens
door 4 paarden getrokken werden. Ze droegen de
kleur van hun team. De teams moesten 7 rondjes
maken.
De Romeinen hielden van het wedden op paarden en
wagenmenners konden miljonair worden.
De wagenmenners bonden de teugels van de paarden
om hun middel, zodat ze niet uit zijn handen
konden glippen. Maar de strijdwagens waren erg
licht en als de wagenmenners er vanaf vielen,
werden ze op de grond verder gesleept. Er stierven er
dan ook veel. De
wagenrennen waren veruit favoriet bij de
Romeinen.
De renbaan, het Circus Maximus, was één van de
oudste bouwwerken in Rome.▼
De renbaan: Circus Maximus
Wagens door 4 paarden
getrokken
(Op de achtergrond zie jet het 'Palatino' (Palatijn),
het gedeelte van het
Forum Romanum waar de keizerlijke paleizen zich
bevonden)
Van de voormalige
renbaan is niet veel meer over. Alleen een kale
vlakte.
Destijds heeft men op déze locatie wel het hele
decor van de renbaan voor de film Spartacus opgezet.
Wat er van de voormalige
renbaan nog te zien is... (Rome, juli 2006)
(Op de achtergrond zie je de overblijfselen van de
keizerlijke paleizen van het 'Palatino')
●
Het
toneel (theater).
Het theater
had de vorm
van een halve cirkel.
Er werden voornamelijk treurspelen, blijspelen en
komedies gespeeld.
Eigenlijk komt het theater vanuit Griekenland.
Romeinse schrijvers vertaalden Griekse toneelspelen
om ze daarna zelf te kunnen spelen.
Voor de Romeinen was het echt vermaak om naar een
toneelspel te kunnen kijken! De acteurs
waren mannelijke slaven. Zij speelden niet alleen de
mannenrollen, maar ook vrouwenrollen!
Heel belangrijk bij een toneelstuk waren de maskers!
De maskers werden gemaakt van geverfd linnen. Grijze
pruiken waren er voor een oude man, zwarte voor een
jonge man, en rode voor slaven. Jongemannen droegen
felle gekleurde kleding en oude mannen juist witte.
Op die manier kon het publiek de karakters makkelijk
herkennen. Er waren
houten en stenen theaters. In de stenen theaters
konden wel 27.000 mensen zitten.
Iedereen mocht gratis binnen in het theater.▼
De vorm van een halve cirkel
En stenen theaters
De spelen waar de Romeinen het liefst van
hielden waren wagenrennen en
gladiatorgevechten.