| |
Het
Romeinse leger was goed georganiseerd en erg
groot.
In een bepaalde periode waren er maar liefst
450.000 soldaten.
|
Een groep van 64 soldaten was een centurie.
Een groep van 64 centuries was een legioen.
De leider van een centurie was de
centurio.
|
 |
|
De soldaten droegen uniformen van metaal (soort
harnas) en dierenhuiden (o.a. leer).

|
|
Ze hadden
vele wapens: van kleine dolken tot katapulten,
stormrammen en belegeringstorens.
|

een gevechtstoren
|

zwaarden |
|
|
|

de aanvalsopstelling |

een ballista (soort grote katapult) |
Romeinse soldaten waren niet
voortdurend op veldtocht.
Tijdens de wintermaanden, en als er geen oorlog was óók
's zomers, verbleven ze meestal in legerkampen.
Er
waren legerkampen die bestonden uit tenten, en
kampen die bestonden uit hout en steen.
Archeologen hebben veel Romeinse forten opgegraven.
Zo'n legerkamp heette ook wel
castellum of castra.
Legerkampen had je in allerlei groottes. Ze waren
allemaal min of meer hetzelfde ingedeeld en op dezelfde
manier gebouwd.
Hier linksonder zie je een klein fort voor maar één regiment
hulptroepen (= 800 soldaten).
Rechtsonder een nóg kleiner fort.
|
|
 |
 |
Middenin het fort stond het hoofdkwartier (rood), met de opening
naar de hoofdpoort.
Naast het hoofdkwartier stonden de woning van de
bevelhebber, grote graanschuren voor het eten van de
soldaten en soms werkplaatsen of een ziekenhuis.
Het grootste deel van het fort werd in beslag genomen
door de barakken waar de soldaten in huisden.
Romeinse soldaten kregen best goed betaald, maar ze
konden niet op verlof om het geld op te maken. Daarom
vestigden zich ook buiten de poort van een fort
handelaars met winkeltjes.
De militaire tucht in het Romeinse leger was erg streng.
De soldaten trouwden vaak met vrouwen uit de buurt van
het fort. Hun gezinnen woonden zodoende vlakbij het fort
of in het dorp.
 |
|
|
|
Het
Romeinse leger
|
|
|
|

Het Romeinse Rijk zonder leger |
|
|
|
Meer informatie over het Romeinse
leger vind je
hier. |