|

| |

|
● De Vikingen en hun goden
De Vikingen kenden vele goden.
Ze woonden, zo geloofden ze, in Asgard.
De bekendste zijn:
|
Odin |
De
oppergod, en
god van de oorlog, dichtkunst, wijsheid en kennis.
Odin wordt ook wel Wodan genoemd.
Odin woonde in zijn groot paleis 'Valholl', of
'Walhalla'.
Odin stond als onbetrouwbaar te boek.
Odin reed op 'Sleipnir', een paard met acht benen.
Hij werd vergezeld door twee raven 'Hugin'
(Verstand) en 'Mugin' (Geheugen), die voor hem de
wereld rondvlogen om nieuws te verzamelen.
|
|
Thor |
Zoon
van Odin,
god van de donder en bliksem. Het was een
vriendelijke god.
Hij was voorspelbaarder dan Odin.
Daarom werd hij door de Vikingen ook meer vereerd.
Thor was een goede krijger.
De Vikingen geloofden dat de bliksem en de donder
door Thor veroorzaakt werden.
De bliksem werd veroorzaakt als Thor met zijn hamer
smeet, en de donderslagen waren de ratelende wielen
van zijn strijdwagen.
Veel Vikingen droegen een hamer van Thor als
talisman.

Hamer van Thor als talisman
|
|
Freya |
De godin van de voorspoed en de vruchtbaarheid. |
|
Loki |
De god van de wraak. |
|
Baldur |
Deze god was bij alle goden geliefd. |
|
Donar |
Deze god was bij alle goden geliefd. |
Frigg
|
Zij was Odins vrouw.
|
|

Wodan ▲

Thor |

Freya |
|
|
|
|
|