Ik had eens een droom. Ik droomde dat ik langs het strand liep met God aan mijn zijde. Door de lucht flitsten allerlei taferelen van mijn leven. Bij elk tafereel zag ik twee voetsporen naast elkaar in het zand, een van mij en een van de Heer.


Toen de laatste beelden van mijn leven voorbij waren, keek ik terug naar de voetsporen in het zand. Ik zag dat bij verschillende momenten in mijn leven maar een set voetsporen stonden. Het viel me op dat het meestal tijdens de moeilijke en harde tijden was.
Ik zei tegen God:"Er is iets wat ik niet begrijp. Waarom is het dat bergaf en over gemakkelijk terrein je altijd naast me liep. Maar tijdens moeilijke wegen en slechte paden heb ik alleen gelopen want daar staat maar een voetspoor?"

God keek mij aan en zei:"Mijn waardevol kind. Ik houd van je en laat je nooit alleen. Daarom liep ik naast je toen alles goed ging. Maar hier, waar de weg moeilijk was, daar heb ik je gedragen."
Terug naar
HomepageDeze bladzijde komt officeel uit het engels van
Penny