
| De verhalen
in de kranten waren in de zomer van 1812 nog heel gunstig voor de Franse
troepen in Rusland. Napoleon gold voor velen nog steeds als onoverwinnelijk.
Maar er kwamen barstjes in die eensgezindheid. De troepen van de revolutie
werden in de pan gehakt. De kranten hapten in november
naar adem: geen nieuws meer uit Rusland? Daarna verschenen de eerste lijsten
met namen van doden en vermisten, bedoeld om de haat tegen
de Russen en tegen de Engelsen aan te wakkeren. Het tegenovergestelde gebeurde
echter.
Relletjes en demonstraties van Oranjegezinde mensen werden schering en inslag. Een mars naar Leiden liep volkomen uit de hand. Boeren gewapend met hooivorken, knuppels en zeisen vernederden de burgemeesters van Leiderdorp en Nieuwkerk. Zij weigerde de noodklok te laten luiden. Uit voorzorg sloten de poorters de stadspoorten van Leiden. Maar die maatregel werkte averechts. De opstandelige boeren dachten vermoedelijk dat Leiden van binnenuit was ingenomen. Er werd geplunderd en gemoord. De republiek sloeg de opstand snel neer. Maar het feit dat een handjevol boeren een stad met 30.000 inwoners in haar greep kon krijgen was een nieuw signaal. Het begin van het einde van Napoleon in Nederland was begonnen. De inwoners van Noord-Holland voelden zich gekwetst toen het gerucht de ronde deed dat Franse jongemannen meisjes zoeken om te trouwen en te emigreren. De malaise verdiepte zich toen vanaf eind 1812 veel bedrijven failliet gingen. Nog een duidelijkste vingerwijzing dat het centrum van de macht op instorten stond kwam van staatskassier Tetterode. Hij verdronk zich toen een omvangrijk schandaal aan het licht kwam met openbare fondsen. In zijn val sleepte hij een aantal steunpilaren uit het bankwezen met zich mee. Op 10 oktober verzocht de gouveneur de keizer hem van zijn taak te ontheffen. Een week later werd bij Leipzig de terugtrekkende Franse troepen gedecimeerd en weer wat later bij Waterloo vernietigend geslagen, mede door toedoen van Prins Willem 2. Bron: |