Wapen St Jan
1307
Het geestelijk leven in Haarlem wijkt om twee
redenen af van het gebruiktelijke beeld in Holland.
Op de eerste plaats benoemde de graven van Holland de
priesters van de parochie Haarlem. En op de tweede
plaats was er een klooster gesticht door een geestelijke
ridderorde.

In de op één na oudste stad van Holland schenkt Gerrit van Tetterode in 1307 zijn eigendommen in Haarlem aan de balije in Utrecht. De balije is opgedragen aan de orde van Sint Jan van Jeruzalem. Haarlem krijgt wanneer Gerrit in 1310 sterft ook een commanderij van de johannieters. In het voormalige klooster is nu het provinciaal- en stadsarchief van Haarlem gevestigd.
Titelblad memorieboek St Jansklooster uit 1570 (deel)
Haarlem krijgt als één van de eerste steden in Holland
stadsrechten. Dat is in 1245. De stad is altijd al
hoofdstad van Kennemerland. Wouter van Egmond
schenkt bezittingen van de lazarieten aan de com-
manderij van de johannieters. (Zie ook Jansklooster. Willem van Egmond
laat in 1307 of 1308 het lazarietenklooster bouwen.
Het klooster is opgetrokken voor de
hospitaalridders. Deze ridders hadden hun eed opge-
dragen aan de Heilige Lazarus.
Rechts ziet u een detail van de zogenaamde aflaatbrief
van de Jansheren, in of rond 1492 gedrukt. Wellicht
door Hugo Jansz. van Woerden in Leiden.

Deze wiegedruk geeft een overzicht van aflaatprivileges
van het Jansklooster en de aflaten die er verdiend kon-
den worden. Uit de boven de wapenschilden geschre-
ven teksten blijkt dat het stuk in bezit is geweest
van een tegenpartij van de kloosterlingen die beweer-
den dat de privileges vals waren.

De orde van St Jan was aan het einde van de elfde eeuw
ontstaan in het Heilige Land na de eerste kruistocht.
In het begin werden pelgrims verzorgd
die er na een barre tocht aankwamen.

In de loop van de 12e eeuw gingen leden van de orde ook deelnemen
aan de verdediging van het Heilige Land. Behalve priesters en broeders
waren er voortaan ook ridderbroeders. Mensen spraken van de ridderlijke
orde van Sint Jan in Jeruzalem.

Iemand die enige tijd in het Sint Jansklooster heeft gewoond en gewerkt was Geertgen tot Sint Jans (ong. 1460 - ong. 1488). Hij wordt gezien als de grondlegger van de Noord-Nederlandse schilderkunst. (bron: rijksmuseum Amsterdam)

(Het werk hier boven afgebeeld is De Heilige Maagschap (maag = bloedverwant) van Geertgen. De drie vrouwen zijn dochters van Anna, die keer keer getrouwd was. De vrouw links is de moeder van Jezus Christus en de vrouw daarnaast de moeder van Johannes de Doper.)