|
Oisterwijkse vennen |
|
![]() ![]() ![]() ![]() ![]() |
In
dit uitgestrekte gebied liggen tientallen vennen uit de laatste ijstijd.
Drie daarvan zijn uitgebaggerd om de oorspronkelijke vegetatie weer een
kans te geven. De Oisterwijkse Bossen en Vennen vormen een waardevol
natuurgebied, waar in de winters veel eenden zoals de tafeleend, de
kuifeend en de wintertaling verblijven. Ook de dodaar, een Rode
Lijst-vogel, heeft hier zijn thuis gevonden.
De vennen zijn gevormd door wind. Dit is te zien aan de langgerekte vorm en de omringende heuvels. De wind sleet de laagtes uit, waarna het zand tot grote hopen eromheen waaide. Later vulden de kommen zich met regenwater. Het Kolkven daarentegen is uitgeslepen door het kolkende water van een oude rivier. In dit diepe ven zitten veel watervogels, zoals de fuut en de aalscholver, die zijn te bekijken vanachter een vogelkijkscherm. Op een informatiepaneel staat meer informatie over de vogels. Rond het Middelste Kolkven heeft Natuurmonumenten de natuur haar gang laten gaan. Het resultaat is een bijna onbegaanbaar moerasbos met omgewaaide berken, jonge boompjes en waterloopjes. Ook in de weilanden rond het Achterste Ven krijgt de natuur de vrije hand, waardoor zich een afwisselend bos ontwikkelt. Op enkele plaatsen is voedselarm water aanwezig, waardoor er bijzondere planten groeien als moerashertshooi, biesvaren en oeverkruid. In het schone water groeien zeldzame sieralgen en langs de oevers liggen hier en daar grote veenmostapijten. Op sommige plaatsen staan bankjes, waar vanaf een mooi uitzicht is op de vennen. De bossen rond de vennen zijn vanaf de 19e eeuw aangeplant op heide. Er staan voornamelijk grove dennen en enkele verwilderde robinia's. De robinia's kunt u herkennen aan de diepgegroefde stam. Eén van de vogels in het dennenbos is het goudhaantje, de kleinste vogel van Europa.Sinds de jaren 70 wordt het bos omgevormd tot een gevarieerder bos, waar ook meer soorten dieren voorkomen. Om meer variatie in begroeiing te krijgen, worden op sommige plaatsen grove dennen omgehaald. Dode bomen worden niet weggehaald, omdat de insecten die de bomen afbreken worden gegeten door diverse vogels en zoogdieren. De afgestorven stammen en takken vormen bovendien een schuil- en nestplaats voor bijvoorbeeld een rustend ree. |