Schepenregister Hulsterambacht

Zeeuws Archief Middelburg,

toegang 8.1; invno 1687 fo 70v

(d.d. 6 oct 1704)

 

 

Wij Bailliu Borgemr ende Schepenen van den lande van Hulsterambagt, verklaren dat

 voor ons sijn gecompareert in persoonen de heren Capiteijn Luijtenant Balthazar

Christiaen van der Marwits, dhr Francois Walther, luijtenant van de compangie van

dhr overste luijtenant van Someren van Vrijenis, Christoffel Scheffenaer geweesen

vaandrig van de compangie van de dhr majoor de Wits, dhr Capt Uniquo Philippus

van Bouchaet(?), Dhr Capt Ernst Christiaen van Eben, Dhr Capiteijn Jacob Dumont,

Christoffel Scheffenaer, luijtenant vande compangie van dhr Capt van Slippenbagh,

alle int regiment dragonders vanden Hoog. den Hr Christoffel Slippenb. brigadier ten

dienste deser landen, welke hebben comparanten verklaerden op den alle in onse hande

op heden gedaen namentlijk den eersten compt. als Capiteijn Luijtenant vande

Compagnie dragonders van gemelde heer brigadier Slippenbag dat deselve compangie

sterk is geweest drij entseventigh paerden vanden 26e augustij 1703 tot den 7e junij 1704,

deselve uijt het land van Cadsant sijn getrokken inde camp, item den heer tweeden

compt als luijtenant van de comp. van den heer luijtenant cornel van Someren van

Vrijenes, dat de selve compagnie sterk is geweest tweeentseventigh paerden van den

26e augustij 1703, soo als wanneer int land van Cadsant gekomen sijn tot den

7e junij 1704, soo uijtgetrocken sijn na het camp, item den  hr. derden Compt geweesen

vaendrig vande compangie van dhr majoor de Wits, dat gemelde compagnie sterck is

geweest seventig paerden vanden 26 augustij 1703 tot den 6e october 1703 wanneer

deselve compagnie uijt het land van Cadsant voornoemt is gedistineert en vertrocken

naer Portugael, item den hr. vierden compt. dat sijne compagnie sterck is geweest,

twee entseventigh paerden vanden 26e  augustus 1703, soo als deselve int landt van

Cadsant gekomen is , tot den 7e juni 1704 wanneer deselve sijn vertrocken na het camp,

item verklaerde den hr. vijfden compt. dat sijn compangie sterck is geweest negen-

entsestigh  paerden van den 16e augustus 1703 als wanneer deselve in het landt

van Cadsant gekomen sijn tot den 7e junij 1704, wanneer sijn uijtgetrocken na de kamp,

item verklaerden den hr sesden compt, dan sijn compagnie sterck is  geweest twee

entseventig paerden vanden 26e augustus 1703, wanneer deselve is gekomen int landt

van Cadsant tot den 7e junij 1704, uijtgetrekkende na t kamp, en eijndelinge vklaerende

dan hr sevenden compt, als luijtenant vande compagnie van dhr. Capiteijn Casimier

Abraham Slippenbagh dat deselve compangie sterk is geweest vierentseventig paerden

vanden voornoemden 26e augustus 1703, wanneer in het land Cadsant gekomen tot den

7e junij 1704, wanneer sijn vertrokken na het kamp gedaende was redenen van

wetenschap  t'eijnde voorschreven  in kennisse van ons ondert.

 

hr. mr. C. Streso Borgemr. en A.J. v. Vlissegem Schepen den 6e octob. 1704

 

Met dank aan René van Winsen