Wie van de drie Alecs

Personen

1 = jonge Alec (TU Delft) = Feike Hacquebord
2 = huidige Alec (A'dam) = Boris Skoric
3 = toekomstige Alec (Hong Kong) = Barbara Terhal

[Plaatje van echte Alec plus imitators.]

Begin:

Nathalie kondigt het spel aan. Hans introduceert het panel en roept de kandidaten binnen. Iedere kandidaat zegt: Mijn naam is Alec Maassen van den Brink, ik ben zojuist gepromoveerd op het proefschrift "Nonequilibrium thermal effects in mesoscopic systems". Eerst stelt Hans de vragen aan alle 3, daarna stelt het panel de persoonlijke vragen (plus 1 vraag voor Hans).

Panel: Jan, Roel, Ronald.

Vragen + Antwoorden

Hans Dekker-vragen

Vraag 1: "Alec Maassen van den Brink, kunt u zichzelf kort en bondig typeren?"
  1. Ik mag me er graag op beroemen dat een volledige generatie getraumatiseerde studenten mij het koosnaampje `De beul van StatFys III' heeft gegeven.
  2. Als ik zo onbescheiden mag zijn... Mijn amoureuze successen in de Volksrepubliek rechtvaardigen toch wel de titel `Casanova van het oostelijk halfrond'.
  3. Tegen de tijd dat ik terugkeer in Nederland, ben ik precies op tijd om Ad Lagendijk op te volgen als zelf-uitgeroepen `enfant-terrible' van de Nederlandse fysica.

Vraag 2: (proefschrift in de hand houden) "Hoe leesbaar acht U uw proefschrift nu eigenlijk?"

  1. Mijn inschatting is dat de nederlandse samenvatting zeer zeker door iedereen met een gedegen kennis van de middelbare-school-stof natuurkunde begrepen kan worden. Daarmee beweer ik overigens niet dat het wegleest zoals bijvoorbeeld het boek `De kwade inblazingen' van Marten Toonder.
  2. De gemiddelde promovendus op het instituut, en daarmee sluit ik de Witten-o-logen niet uit, moet toch minstens tot bladzijde 40 kunnen komen.
  3. De gemiddelde zinlengte in mijn `magnum opus' (zo mag ik het nu toch wel noemen) is, mét formules, nog altijd korter dan die in het rapport van de commissie Van Traa, dat overigens door een aanzienlijk deel van de nederlandse bevolking gelezen is.

Vraag 3: "Het is vrijdagochtend. Uw begeleider Hans Dekker komt uw kamer binnenstormen met de mededeling dat hij die dag niet veel tijd heeft, en daarom op een efficiente manier met u het werk van die week wil bespreken. Denkt u dat dit gaat lukken? En denkt u dat Hans Dekker denkt dat dit gaat lukken?"

  1. Dit is een rhetorische vraag, die ik dus niet zal beantwoorden.
  2. Oh zeker denk ik dat we op een efficiente manier die dag kunnen werken. Ik weet niet of mijn definitie van efficient werken met die van mijn begeleider overeenstemt, dus of Hans denkt dat dit gaat lukken weet ik niet.
  3. Ja, Hans heeft het altijd erg druk, maar ik heb toch behoorlijk wat met hem te bespreken. Met name zit ik wat met de tekst `microcanonical fluctuations' in mijn maag, ik vind bijvoorbeeld dat `fluctuations in the microcanonical ensemble' of `deviations from the microcanonical expectation value' wat meer in de lijn van het verhaal passen, daar zullen we bijvoorbeeld toch wel een kwartiertje over van gedachten moeten wisselen. Ik begrijp dat hij het druk heeft, maar dat hij een beetje onderschat dat er een hele hoop werk te doen is die dag. Ik denk dus dat het niet gaat lukken maar dat Hans tegen beter weten in (na al die jaren) denkt dat het wel lukt.

Vraag 4: "Wat weet u niet als u om 4 uur 's nachts door Hans Dekker wordt wakkergemaakt?"

  1. Mompel mompel, de quantisatie van de moduli ruimte van de... mmm... 'k za-ma-zeggen... gecompactificeerde... nogmaals, p-branes... als het ware.
  2. De echte naam van `Spruitjes'.
  3. De oplossing van de volgende Stroom-puzzel.

Vraag 5: "Alec Maassen van den Brink, U staat bekend als iemand die met grote precisie te werk gaat, iets dat ook in de verzorging van Uw proefschrift tot uiting is gekomen. We willen U hier op de proef stellen. Op pagina 116 van het proefschrift staat formule (4.B.13). We hebben hem hier overgenomen. De vraag aan U luidt: Wat is er mis met deze formule?"

  1. (esthetisch) In het linkerlid van de formule is de volgorde van de integratie over p en q anders dan in het rechterlid, hetgeen een slordige indruk maakt.
  2. (typografisch) Ik geloof.... ja,zeker, dat de lambda behorende bij de Greenfunctie in het linker lid wat kleiner is uitgevallen dan de lambda in het rechterlid.
  3. (fysisch) De ware Alec mag dan wel een perfectionist zijn in het goed verzorgen van het uiterlijk van zijn proefschrift, de inhoudelijke kant komt voor hem toch op de eerste plaats. Bij het overnemen van formule (4.B.13) uit mijn oranje boekje heeft U de waarde van de ondergens van de integraal in het linkerlid veranderd; er moet een 1 staan en geen 0.

Vraag 6: "Hoe ervaart u de aanwezigheid van vrouwen op het instituut?"

  1. Tjaaa.... aaaah. De vrouwtjes-AIO's mogen er wel zijn. (grijns) Zeer zeker.
  2. (Gaat eerst verder met het antwoord op de vorige vraag:) Als het gaat over de puntjes op de i zetten, geef ik zoals gezegd, maar al te graag het goede voorbeeld. In formule (4.B.13) zijn de accolades die bij de trace-operatie horen van dezelfde grootte als de haakjes die de variabelen van Greenfunctie omsluiten, terwijl de trace zichtbaar wordt genomen over de gehele uitdrukking. Goed. Het spreekt natuurlijk voor zich dat iemand zoals ik het ook niet kan laten om op te merken dat de integratiemaat d lambda in het linkerlid best een backslash uitroepteken kan gebruiken. (Gaat nu echte vraag beantwoorden:) Uitstekend (schouders op halen). Baae..ehhh. (Denkt na.) Ik denk dat ik daar kort over kan zijn. Menige Krista heeft op dit instituut wel degelijk laten zien heel behoorlijk mee te kunnen komen.
  3. Ik heb niet lang geaarzeld in de keuze van mijn paranimfen. Het is een voorrecht om als promovendus over zulke dames te kunnen beschikken.

Panel-vragen

Roel: "Mijnheer 2, ik stel u een vraag waar alleen de echte Alec het juiste antwoord op weet: wie wordt bedoeld met `Ed Junior'? U kunt kiezen uit de volgende 3 mogelijkheden: Leendert Suttorp, Ed Lagendijk, Robbert Dijkgraaf."

2: "Dat is natuurlijk Robbert Dijkgraaf, die door mijzelf Ed "Witten" Junior is genoemd."

Ronald: "Aan mijnheer 3 een vraag in dezelfde categorie: wie is Henriëtte Maassen van den Brink? Wederom 3 mogelijkheden: een achternicht van Leendert Suttorp, een volle tante van uzelf, of een bekend Amsterdams feministisch econome?"

3: "Het is geen tante van mijzelf en ik denk dat U het vak feministische economie uit Uw duim heeft gezogen. Ik hou het dus op een achternicht van Leendert."

Jan: "En nu voor mijnheer 1 een cryptische vraag: welk dier heeft een IQ van minstens 150? Weer 3 mogelijkheden: Leeuw van den Horn, Salamander Bais, Stier Herman?"

1: "Een leeuw, een salamander of een stier.... In die eerste 2 herken ik duidelijk een persoon van het instituut. Ik hou het dus op de laatste."

Roel: "Mijnheer 2,ik heb een vraag voor U. Stel, U heeft als drukker voor Uw proefschrift drukkerij IspKamp uit Enschede genomen. Zorgvuldig, zoals we van U gewend zijn, bereidt U alles voor en stuurt U Uw aantekeningen plus originelen voor de omslag op naar Enschede. Een paar dagen later wordt U gebeld en het blijkt dat Uw envelop wél is aangekomen maar dat de originelen ontbreken, wat doet U?"

2: "Allereerst zou ik bewijzen dat ik de originelen wel degelijk heb opgestuurd. Dat kan omdat ik het gewicht van de envelop die ik opstuurde nog wel weet en die dus kan vergelijken met het gewicht van eenzelfde envelop met inhoud marr zonder de originelen. Voorts heb ik waarschijnlijk bij de voorbereidingen wat gespeeld met de scanner en het plaatje staat dan wel ergens als postscript bestand op tape. Ik zou Thijs Post bellen om dat bestand voor me terug te vinden van tape. Gescande plaatjes worden in postscript bewaard als een bitmap in het CMYK kleurenschema..."

Roel: "Ja, dank U wel..."

(met stemverheffing) "...Drukkers hebben echter voor een full-color print de afbeelding in de drie kleuren rood, groen en blauw nodig. Je kunt de postscript routine readimage herschrijven om de afbeelding pixel voor pixel van het CMYK schema in het RGB schema om te zetten. Je moet natuurlijk wel de bitmap nog wat handmatig editen om witte vlekjes te retoucheren."

Ronald: "Een vraag over muziek aan allemaal. Iedereen die Alec kent, weet dat hij een groot muziekliefhebber en beoefenaar is. Voor Alec is de volgende vraag dan ook eenvoudig. Hoeveel gaten zitten er in je sopraan-blokfluit? Deze vraag stel ik aan alle 3 de heren."

1: "Uhhh, 10 vingers - 2 duimen + 1 mondstuk en 1 uiteinde geeft 10. 10 is het antwoord."

2: "Nee, je hebt 4 vingers van de linkerhand plus 4 vingers van de rechterhand plus een mondstuk plus een uiteinde plus de spleet bij het mondstuk oftwel 11 gaten."

3: "Ik kan wel zien dat jullie nog nooit een fluit in de mond hebben gehad. De vorige schatting was aardig, maar in mijn fluit zitten dubbele gaten voor de laatste 2 vingers en dat geeft dus 13 in totaal."

Hans: (Door Hans te maken) zwaar inhoudelijke, technische vraag (antwoord ook door Hans aan te geven!) aan mijnheer 3.

Jan: "Deze vraag is voor mijnheer 1. Het is 11 uur in de koffiekamer. Er is taart uitgedeeld, en U heeft uw stukje al gehad. Er is nog precies 1 stukje over. U weet: Leendert Suttorp heeft nog niks gehad. Wat doet U?"

1: (Lacht eerst hard en hoog misschien) "Jaaaaa, daar val ik, geloof ik, wel door de mand...., maar het zou mijn eer te na zijn om een lekkernij voor Leendert's ogen weg te grissen. Ik denk dat ik, als ik tenminste echt om het stukje verlegen zou zitten en laten we dat even aannnemen, ik netjes zou wachten totdat iemand me het aanbiedt. Echt waar.

Nu geeft Hans aan dat het panel mag kiezen met de bordjes. Bordjes worden omhoog gehouden. Dan vraagt Hans of de echte Alec wil opstaan. Alecs twijfelen en Nathalie zorgt ervoor dat de echte AMvdB opstaat. Dan krijgt hij een prijs oftwel een kadootje.


Terug.