Teeninga
Geschiedenis van een familie uit het Groninger Westerkwartier

INLEIDING


In dit boek wordt de geschiedenis van de familie Teeninga beschreven, waarvan de oorsprong naar alle waarschijnlijkheid gezocht moet worden in het Groninger Westerkwartier. De geschiedenis vangt aan in het dorp Tolbert waar Jacob Geerts en Etje Pieters, de oudst bekende generatie, rond 1750 woonden en werkten.

Hun zoon Pieter Jacobs vertrekt omstreeks 1780 naar het nabij gelegen Oldekerk, waarmee de familie zich definitief vestigt in het Westerkwartier.

Het is deze Pieter Jacobs die in zijn zestigste levensjaar de familienaam Teeninga aanneemt en in januari 1812 officieel laat vastleggen. Hendrik Jacobs, de jongere broer van onze stamvader, koos voor de achternaam: ter Veen, terwijl zuster Etje en haar man Hans Alberts de naam Kamminga aannamen.

Pieter Jacobs is daarmee de stamvader van alle na hem komende Te(e)ninga's. Hij huwt in 1785 met Jantje Derks en in de periode 1786 tot 1801 worden vijf kinderen geboren. De twee oudste zonen, Jacob geheten, komen jong en ongehuwd te overlijden, terwijl dochter Etje huwt met Fokke Jans Holtrop. Het zijn de zonen Arien en Geert die de naam Teeninga hebben voortgezet. Hiermee ontstaan twee takken Teeninga.

De systematiek van dit boek is hierop gebaseerd.

De behandelde voorgeslachten gaan derhalve tot en met Pieter Jacobs en Jantje Derks, terwijl de drie in leven gebleven kinderen worden aangeduid met de letters A t/m C, gevolgd door een chronologisch nummer.

Alleen tak A is geheel uitgezocht. Van de takken B en C is in een bijlage een beknopte impressie opgenomen.

Waarom Pieter Jacobs nu juist de naam Teeninga heeft aangenomen blijft vooralsnog in nevelen gehuld. Het 'Meertens Instituut', onderdeel van de KNAW en gespecialiseerd in dialectologie, volkskunde en naamkunde, draagt de suggestie aan dat het om een samentrekking van "to Eeninga" zou kunnen gaan. Het Instituut baseert deze gedachte op het volgende. De vroegste oorkonde met betrekking tot het nabij Oldekerk gelegen Zuid- en Noordhorn, een vredesverdrag uit 1338, werd mede afgesloten door Baldinghus Eninghe van Hurum (latijnse vorm voor Horn). Deze Baldinghus Eninghe was vermoedelijk de vertegenwoordiger van Langewold waartoe ook Oldekerk behoord moet hebben. Eninghe is hier mogelijk een patroniem, afgeleid van de voornaam Ene of Iene, die bepaald niet zeldzaam was in Groningen. Deze voornaam komt tot uitdrukking in verschillende toponiemen zoals Enum (van Eininghi) bij Oldehove en Eemetil (Enumatil). Daarnaast vond het samentrekken van namen veelvuldig plaats. In dit verband zijn te noemen to Olde Buert (Tolbert) en Nie huus (Nuis). Als de naam Teeninga navenant is ontstaan, dan levert dat de oorspronkelijke naam to Eninga op. Tot zo ver het Meertens Instituut.

De hierboven genoemde naamsverklaring laat zich helaas moeilijk bewijzen.

Een andere mogelijke naamsverklaring is de volgende. Oldekerk kende twee zandruggen, te weten Oosterzand en Kuzemer met Eekeburen. Daar tussen, in de laagte of de benedenteen, lag de plaats vanJacob Pieters, ten oosten van de Klokkestoel. Aangezien zeer vele familienamen zijn gebaseerd op plaats- of streekaanduidingen, zou de naam Teeninga zeer goed ontleend kunnen zijn aan de situatie dat de boerenplaats gelegen was aan het benedeneinde (teen) van de glooiing van de zandrug Oosterzand.

Een wellicht meer voor de hand liggende naamsverklaring kan worden gevonden in de bekende wilgeteen, die -naar mag worden aangenomen- volop groeide in de directe woonomgeving van Jacob Pieters Teeninga.

In Oldekerk ten westen de Wijk vindt men nog een klein meer hetwelk deszomers grootendeels wordt droog gemalen en op sommige plaatsen veel riet of reit oplevert.

De naam Teeninga werd door de bewoners van Oldekerk en omstreken uiteraard op z'n Gronings uitgesproken, hetgeen bij de ambtenaren van de Burgerlijke Stand, maar ook bij de familieleden zelf de nodige varianten opleverde. Soms zelfs meerdere in een en dezelfde akte! Zie afb. no 1.

* Zo komen we tegen: Teneinga, Tinga, Tenega, Teninga, Teenenga, Tuienga en Tinnenga.

Om het zoeken naar familieleden of dorpsgenoten te vergemakkelijken zijn aan dit boek twee registers toegevoegd. Een alfabetisch register op alle genoemde namen en een register op geboorteplaats.

Dat ook een register van tweelingen is opgenomen komt enkel voort uit het feit dat de schrijver van dit boek zelf 1 van een 'tweeling' is.


De oudste generaties

1e GESLACHT.


JACOB GEERTS, geboren circa 1720, overleden na 1770.

Van Jacob Geerts -de oudst bekende voorvader- is weinig concreets gevonden. Hij huwde omstreeks 1745 met Etje Pieters. Het echtpaar woonde rond 1757 aan de Zuiderweg te Tolbert (afb. no 2). Jacob Geerts was 'snijder' van beroep. Voor zover na te gaan kregen Jacob Geerts en Etje Pieters tenminste 6 kinderen: Geert, Pieter, Hindrik, Etien, Fenje en Antje.

De namen van Jacob Geerts en Etje Pieters komen voor op zowel de overlijdensakte van Pieter Jacobs Teeninga (no. 3) als op de huwelijksbijlagen van Etje Pieters Holtrop-Teeninga (no. 11).

Onze stamvader Pieter Jacobs Teeninga is op 2 mei 1751 te Tolbert gedoopt. Vanuit dit gegeven is geprobeerd in het Doop-, Trouw- en Begraafregister van Tolbert na te gaan, welke kinderen nog meer tot het gezin van Jacobs Geerts en Etje Pieters behoorden.

Een handicap vormde dat in het doopprotocol van Tolbert in de periode 1730-1770 alleen de vadersnaam staat vermeld. Het opnemen van de moedersnaam vond de toenmalige dominee Georgius Matterstech (predikant te Tolbert van 1718-1764) evenals zijn opvolger dominee Johannes Sytsema niet nodig (!). Wel werd in een aantal gevallen een nadere beroeps- of plaatsaanduiding toegevoegd.

Geborenen in de periode 1730-1770, waarvan de naam van de vader JACOB GEERTS is.

Jacob Geerts

Jacob Geerts

Jacob Geerts

Jacob Geerts

Jacob Geerts

Jacob Geerts

Jacob Geerts

Jacob Geerts

Jacob Geerts

Jacob Geerts

Jacob Geerts

Jacob Geerts

Jacob Geerts

Jacob Geerts

Jacob Geerts

Jacob Geerts

Jacob Geerts

bron: DTB-registers Tolbert

te Niebert Elsien ged. 07-08-1734

Jacob Geerts Anna ged. 18-01-1739

Jacob Geerts Frokje ged. 22-05-1741

Jacob Geerts Hendrikje ged. 01-09-1741

Jacob Geerts Hindrikje ged. 15-09-1743

Jacob Geerts Jacob ged. 03-01-1745

Jacob Geerts Sijwke ged. 23-04-1747

Jacob Geerts snijder Geert ged. 29-10-1747

Jacob Geerts Wibrig ged. 11-02-1748

Jacob Geerts Geert ged. 28-02-1751

Jacob Geerts Pieter ged. 02-05-1751

Jacob Geerts Hessel ged. 06-01-1754

Jacob Geerts Geeske ged. 26-05-1754

Jacob Geerts Jacob ged. 28-10-1756

Jacob Geerts van de Zuiderweg Hindrik ged. 02-01-1757

Jacob Geerts bij de Zuiderweg Etien ged. 10-06-1759

Jacob Geers Fenje ged. 19-02-1764

In de aangegeven periode waren in de regio Tolbert tenminste vijf mannen met de naam Jacob Geerts woonachtig. Eenmaal staat aangegeven dat het gaat om een Jacob Geerts wonende te "Niebert". Tweemaal een Jacob Geerts van/bij de "Zuiderweg" en eenmaal is het beroep "snijder" bijgeschreven.

a stamvader = Pieter Jacobs ged. 02-05-1751 (bewijsbaar)
b oudere broer = Geert Jacobs ged. 29-10-1747 (bewijsbaar)
c jongere zuster = Etien Jacobs ged. 10-06-1759 (bewijsbaar)
d jongere broer = Hindrik Jacobs ged. 02-01-1757 (aangenomen)
e jongere zuster = Fenje Jacobs ged. 19-02-1764 (aangenomen)

in verband met geboorte data van a,b en c vallen als broer en zus af : Sijwke, Wibrig, Geert en Jacob. Gelet op de gewoonte de eerstgeboren zoon te vernoemen naar de grootvader (vaderskant) valt ook Jacob (1745) af. Als eerste is gezocht naar een Geert Jacobs, daar het gebruikelijk was dat de eerstgeboren zoon naar de grootvader van vaderszijde werd vernoemd. In het Tolberter doopprotocol komt in de genoemde periode van 1730 tot 1770 tweemaal de naam van een Geert voor, zijnde een zoon van Jacobs Geerts.

Gelet op het geboortejaar van onze stamvader (1751) komt alleen Geert Jacobs, geboren op 29 oktober 1747 in aanmerking. Aardig is in dit verband de toevoeging 'snijder', hetgeen er op duidt dat onze oudst bekende voorvader naar alle waarschijnlijkheid het vak van kleermaker uitoefende.

De bedoelde Geert Jacobs (no. 2) huwt later een Grietje Jans. Hun enig kind, een meisje, wordt vernoemd naar grootmoeder Etje. Het zekere bewijs dat Geert Jacobs als de oudste zoon moet worden beschouwd wordt geleverd door een in 1820 gehouden familieberaad op verzoek van dochter Etje.

Van dit familieberaad is een akte opgemaakt door notaris Wichers, standplaats Leek. Onder de aanwezige familieleden bevindt zich Arien Pieters Teeninga, een zoon van Pieter Jacobs, onze stamvader (1).

Dat ook Etje (Etien) Jacobs tot het gezin behoorde valt af te leiden uit het volgende. In het jaar 1815 huwt Geert Pieters Teeninga (no. 11) te Oldekerk met Grietje Lucas Klamer. Als getuige treedt op ene Japik Annes uit Sebaldeburen, zijnde een neef van de bruidegom. Deze Japik Annes werd geboren op 3 juli 1788 als zoon van Etje Jacobs en Anne Lijkels.

Ook Etje Jacobs is derhalve een dochter van Jacob Geerts en Etje Pieters. Etje Jacobs staat in het DTB©boek van Tolbert genoemd als Etien Jacobs, geboren 10 juni 1759, dochter van Jacob Geerts van de Zuiderweg.

Het is deze toevoeging 'van de Zuiderweg' die het aannemelijk maakt dat ook Hindrik Jacobs, geboren 2 januari 1757, tot de familie moet worden gerekend. Bij de volkstelling in 1830 woont Hindrik Jacobs (ter Veen) in Tolbert (nog steeds) aan de Zuiderweg. In hetzelfde huis woont Fenje Jacobs (zijn zuster?), weduwe van Jan Sijmens Kleiker.

Naast de hierboven genoemde vijf kinderen was er tenminste nog een dochter, genaamd Anke of Antje Jacobs. Haar naam komt niet voor in het DTB-boek van Tolbert, maar op een 'Actum bij't Gerigte van Westerdeel Langewold' van 18 maart 1801, opgemaakt door Grietman Dr. H. van Weerden. Deze akte kwam boven water bij de inventarisatie van de nalatenschap van Arien Pieters Teeninga en Trientje Harms Haak toen beiden binnen 11 dagen na elkaar in 1835 kwamen te overlijden. In deze akte wordt onze stamvader Pieter Jacobs genoemd als broer van Antje Jacobs.

Deze Antje Jacobs staat vermeld in de DTB-boeken van Sebaldeburen en Lutjegast als afkomstig van Visvliet. In de boeken van Visvliet is zij evenwel niet terug te vinden.

Mogelijkerwijs zijn Jacob Geerts en Etje Pieters met de nog thuis zijnde kinderen omstreeks 1772 van Tolbert richting Visvliet verhuisd.

Het is mogelijk dat het gezin nog meer kinderen telde. Een bewijs hiervoor kon echter niet worden gevonden.

teeninga@home.nl back to homepage Teeninga Family last updated:  13 juni 1999

.