Triode Dick's Page
update: 18-10-00
Het speakersysteem.
Waarop beluisterd hij nog toch al die versterkers?
Nou, hierop! Eindelijk mijn luidsprekers op de site. Er is vaak om gevraagd. Ik wilde de site eigenlijk puur "tubes" houden. Maar ik moet de vragers ook wel gelijk geven. Er is een luidspreker nodig. Ik ga binnenkort ook Klipsch beluisteren op een versterker van mij, en er een artikel aan weiden. Dan is het onzin om je eigen één meter hoge vrienden geen portretje te geven. Want zo zie ik ze. Als mijn twee witte vrienden. Vele, vele uren aan gebouwd, geschaafd, getweakt en vooral naar geluisterd. Een luidspreker is je raam naar het muziekpodium. Het systeem is niet nieuw, ook niet zelf bedacht. Maar wel op mijzelf aangepast. Het ontwerp stamt uit 1976. Komt uit Hifi news. En is van de hand van P.Atkinson. Ik zag het in een blaadje van Remo, toen in Rotterdam. Die gaf een boekje uit met allerlei ontwerpen die internationaal werden bedacht en blijkbaar gebouwd.
De Triode Dick State of the art.
Originele afbeelding uit het boekje van Remo. Ik heb alles goed bewaard!
Maar laat ik in 1976 beginnen. Ik had toen een paar B&W DM4's. Bevielen best. Maar in die jaren gonsde het ook van verhalen over de afgronddiepe laagweergave van transmissionline weergevers. En ja, ik was en ben een man met lage lusten... Ik kan niet tegen luidsprekers die geen fundament neerzetten. Geen mini's in mijn kamer. Laag moet je niet alleen horen, ook beleven. Een boekje aanvragen dus. Er was nog lang geen www...  Alles ging per post. En wat ik toen zag beviel direct. Het verhaal van Baily heb ik wel honderd keer gelezen. Die ben ik ook gaan bouwen. Met Kef B200 en T27. Later nog het geüpgrade filter erbij gekocht. En zo draaide ik mijn muziek. Maar... er stond ook een plaatje in het Remoboekje van een andere luidsprekerkast... De State Of The Art. Voor een sterveling haast niet te maken met de vele verschillende plankjes. Maar mijn wellustige blik viel er door de jaren heen iedere keer weer op. Kreeg ik weer dat gevoel dat er een nog wat te doen was. En toen, het moet eind jaren 80 zijn geweest, liet ik de tekeningen aan Titus van Speaker & Co in Groningen zien. "Apart ding" zei hij, "Ik wil wel eens bij de zager van onze houtpakketten vragen of hij het kan". Mijn hart juichte. Zou het na 13 jaar koesteren van de bouwplannen toch nog zover komen? Maar om kort te gaan. Het kon. Het uiterlijk heb ik wat veranderd. De wat oubollige jaren 70 look kon niet meer natuurlijk. De zijkanten een stuk dikker gemaakt, kon er gelijk een schuine kant aan.
Nou, de beste man aan de zaagbank heeft voor mij en twee kennissen totaal 8 speakerkasten gezaagd. Tot in de puntjes. Hij heeft zelf de ruimte voor het filter aangepast waar je via een eenvoudige klep bij het filter kan. Zeer praktisch. Het hout was tot op de tiende millimeter nauwkeurig gezaagd. Van MDF. En nog koste het dagen om het ding op te bouwen. Ik schat dat ik er een kleine honderd uur passen, meten, lijmen en schroeven in heb zitten. Stel je voor dat je zelf de plankjes ook nog moet zagen. Een paar potten houtlijm en 400 schroeven zitten er in de kast verwerkt. En, was het de moeite waard? Reken maar. Deze kasten hebben de laatste 12 jaar nooit één seconde ter discussie gestaan. De afwerking heeft wat langer geduurd. Mijn luchtwegen begonnen te protesteren door het vele fijne zaagsel van het MDF. Een neef heeft toen geregeld dat de luidsprekers gespoten werden in het bedrijf waar hij werkt. Ik heb een kleur uitgezocht bij een autospuitbedrijf. Iets gebroken wit. Een Audi kleur. Een paar lagen blanke lak geven een mooi oppervlak. Mijn neef leverde gelijk een paar plexiglazen oplegplaten mee. Want er moest weer een plant op de kast... En om de mooie laklaag direct om zeep te helpen zag ik ook niet zitten. Een goeie zet, gezien de krassen in de kunstof platen.
De bedenker van de SOTA heeft als uitgangspunt gehad, dat het midden een perfecte a-symtrische kast moest hebben. Groot genoeg eigenlijk om de B110 ook aan de onderkant niet te begrenzen. Dus geen lullig vierkant kastje als belasting, of een weinig minder lullig kartonnen pijpje. Nee een behuizing die hem ettelijke nachten wakker heeft moeten houden. Het klokhuis, wordt het huis voor het midden ook wel genoemd. Rondom dat klokhuis is de transmissielijn voor de beroemde Kef B139 geprofileerd. Volgens mij zit daar een groot pluspunt. De behuizing voor het midden is geheel geïsoleerd van de En die mocht ook niet te kort zijn. Geen compromis hier. Door die complexe constructie is de kast ongelooflijk stevig geworden.
De bezetting:
De luidsprekers zijn ook wat anders dan het origineel. Ik had al transmissionline speakers volgens het Baileyconcept. Een stuk groter dan de SOTA nog. Daar gebruikte ik de Kef B110 al fullrange. En liet de TL-kast met de Kef B139 het laag aanvullen. Dat principe beviel zo goed, scheelt ook een laagaf filter in het belangrijke midden. Dat heb ik dus direct in de SOTA toegepast. Met de supertweeter is het verhaal iets anders. Had ik eigenlijk niet nodig. Maar ik kreeg zo'n raar groot leeg vlak boven de normale tweeter. Voor het oog heb ik hier een super ingezet. Desnoods gebruikte ik hem niet. Maar... mét klinkt beter dan zonder! Als ik hem uitzet mis ik wat. De tweeter zit op -3dB bij 14Khz, nota bene. Vandaar af doet 'ie pas mee. En toch mis je wat als je hem uit zet. Nu, anno 2000 blijk ik 12 jaar voor te lopen op de ontwikkelingen. Gezien het feit dat er vandaag de dag ineens allelei losse supertweeters te koop zijn, die je op je luidspreker kunt plaatsen.
De reguliere hoogweergever is een Audax HD100-25ti. De ti staat voor titanium. Van welk goedje de dome een laagje opgedampt kreeg. De luidspreker is door de mooie gladde impedantiekarakterastiek. Makkelijk te filteren.
De middenspeaker en een detailfoto van het chitin materiaal.
Daaronder de meest belangrijke van het kwartet. De laagmiddenweergever. Krijgt vanaf pakweg 80 Hz. tot 3000 Hz. het grootste deel van de muziek te verwerken. Was in eerste instantie een Kef B110b. Maar twee jaar terug kreeg ik twee Gia's in handen. Gemaakt in Duitsland. De conus is gemaakt van Chitin. Gemalen schelpdiertjes of zoiets... Bizar? Misschien, maar het klinkt als een klokje. De afmetingen zijn exact als de Kef. Aan de onderkant wordt de natuurlijke laagafval benut. Geen filter condensator in serie dus. Aan de hoogkant filter ik met 6 dB/okt. bij 3 KHz. Met een koperfoliespoel in serie. Dat gaf een heel grote vooruitgang ten opzichte van de vorige koperdraadspoel. Veel discussies met Titus van S&C hierover gehad. Hij stelt: is het niet te meten, is het ook niet hoorbaar. Wij buizenversterkerbouwers weten wel beter... Helaas voor Titus, ook hij zal nooit het audiodorado betreden. Snif... Maar de ploeteraar, hij ploeterde voort. Dan komen we in de lagere regionen terecht. Bij de luidspreker waarvoor de kast ontworpen is. De fameuze Kef B139. Een wat wonderlijk ding. De "conus" is een sandwich van twee lagen allufolie met piepschuim ertussen. Licht en stijf. En het gaat superlaag. Een 18 Hz. is nog meetbaar. Helaas niet hoorbaar in mijn te kleine kamer. Maar het zet een fundament neer zonder een vervelende "boem" in het geluid. Gewoon het relaxte, diepe, luchtige laag. Wat je alleen waarneemt als het ook in de muziek aanwezig is. Zoals het alleen door transmissionlines wordt weergegeven. Schoner dan schoon. Ha, en de beruchte dip, wordt altijd door tegenstanders die zelf vaak in het bezit zijn van kleine speakers (ook nog vaak gedicteerd door hun partners...) aangehaald wordt, wordt hier omzeild door het lage overnamepunt tussen de sub en de Gia.
Het filter bestaat buiten de foliespoel, goed te zien op de foto die ik door de plexiglazen achterklep van de filterruimte. De condensatoren in serie met de hoogweergevers zijn tinfolie caps. Van Intertechniek. Een vooruitgang ten opzichte van de normale gemetalliseerde C's. Er zitten nog wat correctienetwerkjes om de impedantie te egaliseren. Maar kijk zelf maar in het schema
*
Het sublaag wordt actief gefilterd op 78 Hz. De B139 is rechtstreeks aan de laagversterker, een 807 push pull gekoppeld. Het laagdoorlaatfilter is ingebouwd in deze versterkerkast.
Ik had in de eerste versie een verschrikkelijke blunder begaan bij het tekenen. Audiovriend Doede, bedankt voor je opmerkzaamheid en positieve inbreng! Hier is uiteraard de goeie versie. Ik schaam mij zo, ik vertel maar niet wat er veranderd is...