Triode Dick's Page
Een superdeluxe single ended SV811-3 versterker.
Ik heb een jaar geleden deze versterker gebouwd voor een bevriende audioliefhebber. Ik had toen nog geen homepage en heb toen weinig foto's gemaakt. Maar de versterker is pas nog wezen logeren voor een update. En ik heb er nog eens uitgebreid naar geluisterd. Met veel plezier. En het nodige fotomateriaal gemaakt voor deze site! Hier is de enigszins gewijzigde en ik vind verbeterde versie te lezen. Wat ook bleek, de buizen zijn na een jaar gebruik nog als nieuw! En dat in een versterker die veel gebruikt wordt. Het is een geïntegreerde versterker.

De  Svetlana 811-3 en 572-3 zijn bijzondere triodes. Niet alleen in verschijning maar zeker ook in hun muziekkwaliteiten. Wat opvalt is hun krachtige maar schone middengebied. En wat zeker opvalt is de hoeveelheid licht die ze verspreiden. Je kunt er bijna een boek bij lezen! Debet hieraan is de Tungsten gloeidraad. Wat gelijk hun afkomst verraad: ze zijn afgeleid van een zendbuis. Svetlana heeft de zendbuis 811, met een enorme versterkingsfactor van 160, doorontwikkeld naar een echte audiobuis. Met een versterking van zo'n 3 keer. En nu zonder topaansluiting voor de anode. Er zijn ook andere versies verkrijgbaar met versterkingen van: 10, 30 en ook weer 160. Behalve de -10 vind ik die minder interessant voor single ended audio. Gebleven uit het "vorige bestaan" zijn dus de gloeidraad en de degelijkheid.  
Single ended versterker met de SV572-3. Met Tango UGT's
Een klein probleemtje is dat de buis een behoorlijk pittige voortrap moet hebben om tot volle bloei te komen. Ik bedoelde was.... De vertrouwde Mu-stage laat weer eens zien wat voor krachtpatser hij is! Lage uitgangsimpe-
dantie, een grote span-
ningszwaai, en een schitterende geluids-
kwaliteit. Dus alles wat nodig is voor de 811/ 572.
Het concept lijkt veel op die van de 300B versterker. De B+ is alleen wat hoger. Is het zo makkelijk? Ja, dat is het. Je hoeft niet steeds het wiel opnieuw uit te vinden. En de Mu-stage is een universeel bruikbaar trapje.
Waarom worden deze triodes niet vaker gebruikt? Ik zie ze zelden op fabrieksversterkers. Omdat, op Cary na, veel fabrikanten liever stokpaartjes zoals de 300B gebruiken. Niks op af te dingen, maar oliedom als je bedenkt dat er ook  juweeltjes als de SV811 te koop zijn voor éénderde van een 300B. En gebruikt in een omgeving van mooie componenten schat ik hem hoger in dan de laatstgenoemde. Het probleem is dat deze mooie Svetlana's veel  te vaak in low budget versterkers worden geplaatst. Met een ECL86 als driver. Ongelooflijk, je haalt er dan echt niet de maximale kwaliteit uit. Ik gebruik ze liever waar ze horen: in een topversterker!
Omdat de eindtrap al op een hoge spanning draait, is de voortrap ook simpel op een hogere spanning in te stellen. De bootstrapweerstand, aan de kathode van de 12HG7, kan dan ook groter worden gekozen. Dit komt de maximale spanningzwaai ten goede. De uitgangsimpedantie wordt dan nog lager. De driver komt dan nooit in ademnood. Een driver moet altijd meer spanning kunnen leveren dan wat de eindbuis nodig heeft. Als een drivertrap gelijktijdig met een eindbuis in verzadiging gaat krijg je een hele smerige vervorming. Als alleen de eindbuis gaat begrenst en de driver nog ruim over heeft zal die vervorming veel minder hinderlijk zijn. De versterker lijkt veel meer vermogen te hebben dan hij werkelijk heeft. Dat komt omdat er nooit een harde clipping ontstaat, maar altijd een heel softe.
Updated: 11-9-2000
 De Mu-stage in deze versterker heeft de bovengenoemde problemen uiteraard niet. Zorg dat de spanningsversterkende triode tussen de 100 en 120 Volt op de anode krijgt. De stroom door de onderste buis wordt tussen de 4 en 6 mA. Dit kun je regelen door de kathodeweerstand van de triode te vergroten of te verkleinen. Door de penthode loop tussen de 10 en 12 Ma. Dus de stroom door de triode plus de stroom die wegloopt door de weerstand van 33K. Door de grotere stroom door de penthode wordt de uitgangsimpedantie weer lager. Zeer klankbepalend zijn de condensators C1 en C2.
De voedingcondensators zijn ook een klankbepalend element van de eerste orde. Ik heb prima ervaringen met Solen/SCR. Tot 630 Volt te gebruiken én zelfherstellend bij doorslag. Deze zitten ook in deze versterker. De winst in kwaliteit ten opzichte van een normale elco is niet gering. De betere kwaliteit elco vind ik de Cerafine en de Black Gate. De laatste is ronduit prijzig. De eerste wordt helaas niet meer gemaakt. Let wel op de maximale bruikbare spanning.
Solen SRS MKP condensators.
De papier in olie C's van Cornell Dublier in de voeding zijn schitterend. Een volbloedig detailrijk stressvrij geluid. Ook pio-condensators van Philips en General Electric doen het hier erg mooi. TCC vind ik iets te soft. Maar er zijn ongetwijfelt nog meer mooie pio's. Zoek ze zelf dus.
Hier zie je verschillende types koppel condensators. Achter: de sublieme SP25 van Icar en de mooie micamold. Voor: de schitterende zilver papier in olie Pro-cap, de goede Audionote/ Jensen pio en de prima Rel RTX. De laatste doet het mooi in wat brutalere systemen. Mijn voorkeuren zijn de Icar en de Pro-cap/ Ultratone.
De Icar wordt in Italie gemaakt en verkocht. De Micamold kun je af en toe nog vinden in de dump en op radiomarkten. De Pro-cap bij VT-52 en Vaccuum Tube Valley. De RTX en Infinicap bij de Parts Connection en de Jensen bij Angela Instruments.
Een versterker als deze is natuurlijk nog mooier te bouwen met gescheiden voedingen tussen voor en eindtrap. Zoals ik gedaan heb bij de versterkerprojecten: "OB300BA", "Ceasar" en "The General". Dat is ook makkelijk toe te passen in een versterker als deze. Maar dat vreet wel meer extra ruimte in de kast. Maak voor je zelf uit of het je dat waard is.
De Philips computergrade elco, vaak toegepast, vind ik te kil van karakter. Mijn absolute voorkeur gaat natuurlijk naar nog wat anders uit. Verschil moet er zijn. Dat zijn de ouderwetse papier in olie's. Slecht verkrijgbaar. Maar op radiovlooienmarkten en in de radiodump heb ik in een anderhalf jaar wel een krat vol bijelkaar gespaard. Moeite wordt weer eens rijkelijk beloond! Maar het wordt met de dag minder makkelijk, geef ik toe.
De Mu-stage met 27 en 12HG7 op de versterker.
Ook met weerstanden kun je de klank tunen. Carbon- of koolweerstanden zoals Allen Bradley, Riken Ohm, Kiwame geven een wat volbloediger vloeiender klankkarakter. Holco weerstanden een spitser beeld. De voordelige Beyslag zijn weer wat minder brutaal dan de Holco, maar klinken wat nasaler. Eigen smaak geeft de doorslag. Ik kies zelf voor carbon types.
Maar,... zoals ik al zei, Solen caps zijn ook erg mooi. Heb je geen papier C's? Treur niet, ga niet als een bezetene zoeken en gebruik de Solen/SCR. Een tip: ik koop ze ondanks de hoge Dollar, nog steeds voordelig bij Angela Instruments in de USA. Onder de eigen merknaam "Angela fast caps". Op de linkpagina staat de URL. Angela verkoopt o.a.ook heel veel buizen, carbon weerstanden en Black Gate C's.
De tweede novalbuis die je op het chassis ziet is een bufferuitgang voor het sublaag. Deze gaat naar een actief wisselfilter en extra eindversterker. Scheidingsfrequentie is 80 Hz. Ik heb deze niet in het schema getekend. Het is meer custom made dus.
Ik heb hier REL RTX condensators gebruikt, combineren heel fraai met de Svetlana's en 27 driver. Infinicaps waren net te dun van klank. De RTX is smeuïg tot op de bodem en geven een fraaie detailweergave.
triode.dick@home.nl
Schema:
bouwdetails >>
Buisconnecties: