Zionisme =
feminisme
Onze feministische voorvrouw Anja
Meulenbelt heeft de laatste 10 jaar de Palestijnse zaak tot de hare gemaakt, en
schrijft er boek na boek en weblog na weblog over vol. Haar overmatige
identificatie met de Palestijnen is niet wat me het meest verbaast, maar wel
haar vergelijking van de Palestijnse strijd met de vrouwenstrijd!
Als er namelijk één partij in het
Israëlisch-Palestijnse conflict is, die zich kan spiegelen aan de positie van
de vrouw, dan zijn het wel de joden. Eeuwenlang hebben ze, zowel in Europa als
in de Arabische wereld, een tweederangspositie gehad: ze werden geminacht en
moesten zich onderdanig tonen, mochten geen wapens dragen of grond bezitten,
konden niet getuigen voor een rechtbank, veel beroepen niet uitoefenen, en als
er een epidemie heerste kregen zij de schuld en werden als heksen vervolgd. Na
een teleurstellende emancipatiestrijd (!!!), die nog steeds geen eind aan hun
discriminatie had gemaakt maar haar slechts van vorm had doen veranderen, kwam
het Zionisme op als joodse bevrijdingsbeweging. Het Zionisme was in veel
opzichten voor de joden wat het feminisme voor de vrouwen was: een strijd om
het lot in eigen handen te kunnen nemen, en niet meer afhankelijk te zijn van
de welwillendheid van anderen voor het verkrijgen van rechten en bescherming.
Een beweging die trots en zelfverzekerdheid aan de joden wilde geven. Zoals bij
het feminisme bestond de aanhang vooral uit een voorhoede die de weg baande,
terwijl de meerderheid lange tijd dacht dat die missie onmogelijk was, en dat
de emancipatie nog wel voldoende mogelijkheid bood om uiteindelijk volledig
gelijk behandeld te worden. Israël werd opgericht als een groot
'Blijf-van-mijn-lijf huis', zou je kunnen zeggen, een plaats waar vervolgde
joden altijd terecht zouden kunnen, een 'feministische staat'!
Om deze vergelijking nog wat op te
rekken: aangezien alle huizen in het werelddorp al bewoond waren door
overwegend mannen, was het onvermijdelijk zich in één daarvan binnen te murwen,
en toen de daar wonende mannen hen te lijf gingen -wat an sich
natuurlijk niet verwonderlijk was- bleek er voor deze Dolle Mina's niets anders
op te zitten dan de meeste mannen eruit te zetten. Is het vreemd dat ze vonden
dat deze mannen maar in één van de vele mannenhuizen moesten gaan wonen, daar
ze de feministes niet als huismeesteressen wilden accepteren?
Tenslotte: zoals er onder de
feministes ook vrouwen waren die doorsloegen en niets meer met mannen te maken
wilden hebben (populair gezegd "mannenhaatsters"), zo kent het Zionisme
ook haar extremisten, die liefst helemaal geen Arabieren in het joodse
'vrouwenhuis' willen hebben.
Wouter.
P.S. In deze
vergelijking zijn een aantal punten nog buiten beschouwing gelaten:
- De feministes
waren allen zusters en nichten van elkaar, en ze kozen het huis van hun
overgrootmoeder uit om te gaan wonen. Het was erg verwaarloosd en werd bewoond
door mannen die nogal ouderwets dachten over de rol van de vrouw. Hun leider
was een echte vrouwenhater die de mannen tegen de feministes ophitste en ze
allemaal in de sloot wou verzuipen.
- De dorpsraad
had ingezien dat de feministes wel een eigen plek nodig hadden en had hen
toegestaan in het huis te gaan wonen en ook andere vrouwen erheen uit te
nodigen. Maar toen de mannen en de hele straat ging protesteren en rellen
schopte, stelde de dorpsraad voor om het huis in tweeën te delen. De feministes
zagen dat wel zitten omdat ze dan tenminste echt baas waren in hun deel van het
huis, maar de mannen wilden nog geen kamertje aan de feministes afstaan.
- De rest van de
straat was zo kwaad, dat ze probeerden het vrouwenhuis in brand te steken, en
de meesten gooiden ook hun eigen vrouwen hun huis uit, waarvan het grootste
deel toen toevlucht vond in het vrouwenhuis. De mannen die het vrouwenhuis
waren ontvlucht echter, kregen van hun mannenbroeders geen andere woning, en
logeren tot op de dag van vandaag bij buren of bivakkeren op straat…
Israël-links
- MidEastWeb - Zionism &
Israel Info - Hoofdpagina