|
Foto Paul Geilenkirchen |
|
|
|
Geel zijn nieuwe
woorden |
|
|
Naar bijnamen klik hier |
|
|
Naar verhaal der duvelssjteegank klik hier |
|
A |
|
|
Aafhange |
Ontkoppelen van wagens |
|
aahange |
Aan elkaar bevestigen
van kolenwagens |
|
Afslag |
berg kolen of steen
die achterbleef wanneer de springstof tot ontploffing was gebracht |
|
afvoer |
galerij waar de
transportbanden de kolen naar de steengang afvoeren |
|
amf |
algemeen
mijnwerkersfonds (zieken - en pensioenfonds en ziekenkas) |
|
asjleeër |
leren zitvlak |
|
atlas (copco) |
Boorhamer |
|
B |
|
|
Badschimmel |
jeug aan de puuët Jeuk
aan de voeten |
|
Barbara St |
schutspatrones van de
mijnwerker (feestdag 4 december) Zie herdenking verongelukte mijnwerkers.
Gelegenheid om elkaar nog eens te ontmoeten in Terwinselen of op andere
plaatsen waar het nog wordt gevierd.
Barbarabeeld: Kasteel
Strijthagen (let op broedend wipstaartje onder de mijnwerker) |
|
beambtesjink |
Stroop op de boterham |
|
beien |
kettingtransporteur |
|
Benzinelamp |
veiligheidslamp |
|
berg |
Dak |
|
bergschlaag |
stijlen moeten haaks
op het dak staan.Dit in verband met de druk. |
|
bevaare |
veiligheidscontrole
(pijler
- schacht-pompenkamer etc.) |
|
bezetten |
Boorgaten vullen met
springstof |
|
bfm |
beambtenfonds voor het
mijnbedrijf (pensioenkas mijnbeambten) |
|
bleech |
Drinkfles |
|
Bloaser |
Houwer die de blaasinstallatie
bediende |
|
bloaspijler |
ook wel vulpijler
genoemd. pijler die opgevuld werd met gebroken stenen om mijnschade
bovengronds te beperke |
|
blokkenkoker |
gangen rond uitgebouwd
met betonblokken |
|
boemelen |
spijbelen,ongeoorloofd verzuim |
|
boeteren |
boterham eten(pauze) |
|
bok |
geplaatst op grens
pijler - galerij ter ondersteuning |
|
bokser |
wagenstoter |
|
Brennt ‘t |
Werd geschoten riep
men dit |
|
brett |
Plank |
|
breukpijler |
doorbreken van pijler |
|
bühne |
planken op schragen om
te werken in hoge steengangen |
|
Bühne-loach |
waarin de voet van een
stijl (in een galerij of steengang) wordt geplaatst, zodat deze (bij druk) op
zijn plek blijft staan. |
|
Bühnen (gat) |
Maken van bovengenoemd
gat. |
|
bvs |
bovengrondse vakschool |
|
C |
|
|
C.L |
Centraal Laboratorium |
|
C.P. |
Centraal Proefstation |
|
C.W.O. |
Centrale Werkplaatsen
Organisatie |
|
centrale |
waar de stroom wordt
opgewekt |
|
collinet |
persluchthamer |
|
Contrabeer |
Contragewicht in (tussen)schacht
met 1 kooi. (zie ook onderkabel / schlodderzeel |
|
cul de sac |
wagenomloop bij
schacht ondergronds |
|
cuvelage |
stalen ringen als
schachtbekleding |
|
D |
|
|
deputaatkolen |
Iedere mijnwerker
kreeg 42 hl kolen (hoofd van het gezin). Indien
geen kostwinner en alleen op de mijn 12 hl. Beambten 65 hl. |
|
diamantboor |
boor met diamanten
voor het boren door zandsteen |
|
districts
personeelsopzichter (D.P.O) |
beambte ondergronds
die de belangen behartigt van het personeel van verschillend
afdelingen. Bijvoorbeeld achteraf regelen verlof bij verzuim. |
|
doortocht |
verbinding tussen 2
galerijen in de kolenlaag .Dit wordt de pijler |
|
drijfzand |
in dekterrein |
|
druk |
In een pijler komt als
gevolg van ontginning druk vrij. Dit is gunstig want die
druk komt ook op de kolenlaag en daardoor wordt laag naar de vrije ruimte geperst hetgeen de steenkoollaag gemakkelijker doet bewerken. Nadeel: Galerijen die
open moeten worden gehouden zullen vervormd worden . Om dit op te vangen wordt een gedeelte met stenen gevuld en
bokken worden geplaatst. |
|
E |
|
|
E.G.K.S |
Europese gemeenschap
van Kolen en Staal |
|
eenmansakkoord
|
wat inhield dat men een stuk kreeg toegewezen en zelf
verantwoordelijk was voor de ontginning. Nadelen van het eenmansakkoord waren
dat men veel onveiliger ging werken om een zo groot mogelijk stuk te
ontginnen |
|
eimco |
Laadwagen op een steenpost. De omschrijving en de werking van de machine
is als volgt; De machine bestond uit twee delen,een onderkant en een bovenkant,de bovenkant kon beperkt draaien Hij liep op een tijdelijk spoor, was ook zo breed als het spoor,was ongeveer 1.50mtr hoog en 1.50mtr lang, aan de
voorkant was via armen een bak bevestigd(denk hierbij aan een kleine shovel), Had twee bedieningshandels,één voor
achter- en vooruit en één voor de bak omhoog en omlaag te laten gaan. De man die de machine bediende stond op een treeplank,moest er
links of rechts naast het spoor stenen geruimd worden dan gebeurde dat op
spierkracht van de persoon die de machine bediende,om
de machine links of rechts te draaien. Op de treeplank was een pedaal aanwezig dat ingeduwd moest
worden om links of rechts naast het spoor stenen te ruimen, want de bovenkant
stond bij vooruit gebruik steeds in een slot. Het geheel werd met perslucht aangedreven,en
een aan de machine gekoppelde kolenwagen meegevoerd. Als de bak vol stenen was werd hij over de machine getild en
geleegd in de daarachter meegevoerde mijnwagen. Tot zover de machine: Het tijdelijke spoor
bestond uit delen spoor van ongeveer 1 meter lang en werden gelegd zonder
dwarsliggers,omdat het een enkel spoor betrof, de lege en wagens
middels een wissel op een zijspoor waren gezet ongeveer 20 meter van het
front, en de volle en de lege wagens met spierkracht gebracht en gehaald
moesten worden,was het gebruik van de machine zeer
onrendabel en omslachtig. |
|
F |
|
|
F.v.S.I |
Fonds voor Sociale instellingen der Staatsmijnen', officieel Fonds voor
Sociale Instellingen ten behoeve van de werklieden der Staatmijnen in Limburg , opgericht 11 februari 1918. Zie ook W.I.M |
|
ferromatikstielen |
hydraulische stijlen
(water olie druk) |
|
fiets |
Werden gebruikt door
mensen die geen vast werkpunt hadden of tussendiensten. Fabrikant “Breuer en
Doesborg” gevestigd in Tegelen (Limburg) |
|
fietsenboeët |
Fietsenstalling |
|
flock |
Houten spie wordt
gebruikt door mijnmeters (richting en moetlijn te leggen) |
|
G |
|
|
Galerij op richting |
Een galerij is een in
de koollaag gedreven gang, waarbij nevengesteente wordt meegenomen. Galerij
op richting; dan wordt de richting aangegeven door de mijnmeters. Ze lopen in
een rechte lijn. Omdat de koollagen niet vlak liggen vertonen deze galerijen
hellingen en dalingen. Voorbeelden zijn bandgalerijen, afvoergalerijen,
toevoergalerijen en luchtgalerijen |
|
geleidebalken |
Balken waarlangs de
liften naar beneden worden geleid |
|
glück auf |
mijnwerkersgroet (kom
gezond en wel boven) |
|
gradenboog |
Om helling en
strekking te meten |
|
grondgalerij |
bochtige galerij
horizontaal voor kolenwagenvervoer en ligt op het niveau van de verdieping |
|
Gusto |
kolentransporteur,
zwaarder als de beien,werd gebruikt in mechanische
pijlers |
|
H |
|
|
Haarmankap |
Veel gebruikte
dakondersteuning in de half-mechanische pijlers. |
|
hak |
Houweel |
|
half mechanische
pijler |
Handmatig
ondersteuning plaatsen,rest doet schaaf en transporteur
|
|
halsplak |
Halsdoek |
|
handpijler |
volledige afbouw
handmatig |
|
hazeclever |
schraapbak om stenen
weg te schrapen |
|
hellen |
grootste invalshoek |
|
hohinco |
merk persluchthamer |
|
Hootsbaan |
toevoergalerij in de tijd
waar de pijlers voornamelijk met hout gestut werden. |
|
Houtbon |
Op deze bon kreeg men
bij de kolenboer (mijn)hout om de kachel mee aan te maken |
|
houwer |
gediplomeerd
mijnwerker |
|
hulphujer |
Hulphouwer |
|
I |
|
|
inbraak |
Ruimte ontstaan na wegschieten
kool/steenlaag |
|
injecteren |
onder grote druk water
in de koolwand persen Dient als stofbestrijding en kolen worden losser |
|
intrekkende schacht |
verse lucht wordt hier
naar beneden gezogen |
|
J |
|
|
jacobsstijl |
ijzeren pijlerondersteuning
(uitvinder Jacob Posma ingenieur Maurits) |
|
jojo |
Transporteur |
|
jukbouw |
trapeziumvormig bouwwerk .Naamsverklaring: vroeger hadden de
melkmeisjes een juk over de schouders. Dit is een schouderstuk
(hout) met daarin bevestigd aan elke kant een ketting met haak waaraan emmers
bevestigd werden. Tijdens het lopen duwden zij die van zich af. Kwamen zij je
tegemoet of liepen zij voor jou uit dan had het geheel de vorm van een trapezium. |
|
K |
|
|
Kanarie |
Werden vroeger en
later ook nog (door de veiligheidsdiensten) gebruikt om aan te tonen dat er
mijngas of koolzuurgas aanwezig was. Ook werden de huizen verwarmd door
kolenkachels en haarden. Het gebeurde vaker dat er sprake was van koolmonoxide
en dat leidt ongemerkt tot de dood. Viel de kanarie in de huiskamer (daar
komt ook het spreekwoord vandaan) van zijn stokje dan wist men hoe laat het
was en de ramen werden open gegooid. |
|
kap |
Dakondersteuning |
|
kerf maken |
Ruimte maken in pijler
of simpel om vandaar uit verder te kunnen werken |
|
kernboor |
Boor (widia - diamant) om te kernen (holleboren) |
|
kernbuis |
buis waarin de kern
opgevangen werd. Het gesteente werd niet vergruisd maar men kreeg ronde
patronen. Deze werden achter elkaar gelegd, Met de hoek en lengte kon men de
structuur van het gesteente en kolen bepalen. |
|
kiebel |
ondergrondse wc |
|
klammachs |
zie sylvester |
|
klauw |
Een verbindingsschalm
van ongeveer driekwart de omvang van een gewone schalm, met platte
uitsteeksels waarin gaten aanwezig waren. Een transporteur ketting bestond
uit korte stukken ketting 6 verticale schalmen en 5 horizontale schalmen,
d.m.v. een klauw werden deze aan elkaar gemaakt tot men de benodigde lengte had. (Als de pijler ongeveer 100 mtr. lang
was had men een ketting nodig van 200 mtr.) Onder en boven ketting
! |
|
klok |
kegelvormige steen in
dak |
|
kloppen |
Seinen aan de schacht |
|
Knoepeheujer |
Zo wordt de houwer
genoemd, die de aandrijving van schaaf en transporteur aan voet pijler
bediende. |
|
Koale in de roetsj |
|
|
Koel |
Mijn |
|
Koeldokter |
Mijnarts |
|
koelpastoeër |
Braaf iemand of
praatjesmaker |
|
Koelpiet |
Mijnwerker |
|
koelstamp |
ontgroening door
middel van klap op achterwerk (schop+hamer) De kinderen krijgen
allemaal de koelsjtamp in Zoetermeer na een voordracht “ Mijnbouw” op school
door Frits Aelmans |
|
kooi |
Lift |
|
Kophout |
; tijdelijke
ondersteuning,indien men gekerfd had( bestond
meestal uit een stuk houten kap van ongeveer 60 cm en een ondersteuning) |
|
koppijler |
begin pijler ligt aan
de toevoer |
|
kroepknijen |
pijnlijk opgezwollen
knieën |
|
L |
|
|
laadsteck |
Stok om springstof in
boorgaten te schuiven |
|
lampeboet |
Lampisterie, waar pet-
en benzinelampen worden geladen en uitgedeeld |
|
leemhujjer |
Kompel die in de tuin
werkt |
|
leempatronen |
zie waterpatronen |
|
leesband |
stalen banden waar het
te sorteren materiaal op ligt |
|
leesjongen |
degene die de stenen
en overig materiaal scheidt |
|
Lepel
|
rondje in een jo-jo
ketting, het rondje had een diameter van ongeveer 20 cm, was op een speciale
manier gebogen,zodat het de vorm van een lepel had teneinde de los gemaakte
kolen in hun vaart te remmen. De jo-jo werd
hoofdzakelijk in half steile of steile pijlers als transportmiddel gebruikt |
|
lezen |
bovengronds, stenen en
materiaal handmatig scheiden van de steenkool |
|
liekehuuske |
Mortuarium op de mijn
waar verongelukte mijnwerkers werden opgebaard Hoe zag het interieur
uit. Op de Staatsmijn Emma
was het huisje gelegen naast de verbandkamer. Was een koempel
opgebaard dan brandde binnen en buiten dag en nacht een lamp. Op de Staatsmijn
Wilhelmina was de vloer van groenachtige Noorse
leisteen De kist stond op een
leiplaat van 75 centimeter breed en 50 centimeter hoog. Midden in de vloer was
een schrobputje. Links van de ingang
was een wasbakje met kraan. In de zijgevel twee
ramen. De volgende vraag:
stonden binnen twee boompjes (soort Palm)? Kaarsenstaanders? Wie weet het antwoord? |
|
lingedook |
molton lendendoek |
|
losvloer |
vloer waar transport
plaatsvindt van en naar ondergronds |
|
lot |
buis om leeflucht naar
front te leiden |
|
M |
|
|
M.I.R
mijnindustrieraad |
|
|
Meenemer |
Is een plat stuk ijzer ,
ongeveer 3 cm dik en 7 cm hoog, met aan de uiteinden gaten die met de gaten
van de klauw over een kwamen. Indien de meenemer tussen de platte uitstekels van de klauw waren
gezet deed men er een bout door zodat de klauw weer een schalm vormde. De meenemer had een tweeledig doel: de
losgemaakte kolen meenemen en de ketting in de geleiding van de transporteur
te houden |
|
Meesbouw ondersteuning |
2 houten stijlen en 1
kap.De stijlen worden beneden iets aangespitst en boven rond ingezaagd. Het
transportmiddel hierboven is een schudgoot
en de ontginning een handpijler.
Steenkolenmijn Valkenburg |
|
Mijnbeambten embleem
Christelijke vereniging |
|
|
mijnmeter |
medewerker
ondergrondse opmetingen |
|
mijnschool |
opleidingcentrum voor
opzichter |
|
mijnvader |
Nieuwe ondergronders
kwamen bij de mijnvader in de leer die hen de kneepjes van het mijnwerkersvak
gedurende zes maanden bijbracht |
|
mijnworm |
mijnwerkersziekte.ontstaat
bloedarmoede |
|
milkboet |
winkeltje op de mijn
(melk,koek en rookwaren |
|
Moetlijn |
Geeft
de hoogte aan volgens welke een gang moet worden gedreven. Dus niet alleen ten
behoeve v het leggen van de spoorrails maar van groot belang bij het drijven
van dalingen of hellingen. |
|
moetlijn |
Punten
aangegeven op stijlen om aan te geven hoe het spoor moet worden gelegd |
|
moll-bouw |
aan beide kanten van
de galerij worden houten bokken geplaatst, daar op rusten
2 gebogen kappen waar aan de dakzijde rondhout wordt ingeklemd |
|
mvs |
mijnbouwkundige
vakschool |
|
N |
|
|
neerbraak |
ondergrondse schacht
verbinding tussen steengang en dieper gelegen steenkolenlaag |
|
nkmb |
Nederlandse katholieke
mijnwerkersbond |
|
Noavördere |
Transport na de
eigenlijke dienst |
|
nystagmus |
oogsidderen. Ziekte
ontstaat door het oog te richten naar licht en donker |
|
O |
|
|
O.R |
Ondernemingsraad |
|
oetvare |
vervroegd naar boven |
|
onderkabel |
platte kabel dient als
contragewichten onder liften |
|
ongerbandfördering |
Pijler met
transportband. Kolen werden afgevoerd op onderband (op Stm Wilhelmina
bijvoorbeeld afdeling Anna 253 meterverd |
|
onval |
Ongeval |
|
Op de sjup |
Stof op de schop en zogenaamd
de behoefte doen.Werd in de oude man gegooid |
|
opbraak |
schachtverbinding naar een hoger gelegen kolenlaag |
|
ophouw |
begin aanleg pijler |
|
otb |
ondergronds tijdelijk
bovengronds |
|
oude man |
Ruimte achter
ondersteuning in pijler welke men laat instorten of wordt opgevuld |
|
ovs |
ondergrondse vakschool |
|
P |
|
|
P.B.O |
Publiekrechtelijke
Bedrijfsorganisatie |
|
pand |
stuk in pijler of
simpel wat je moest afbouwen |
|
peadsstal |
paardenstal
ondergronds |
|
penning |
persoonlijk nummer ter
controle op aanwezigheid >Deze zijn van verschillende Engelse kompels 2086 ,given when going down the mine. Ontvangst bij betreden
mijn 1206, give back when returning out of
the mine. Ontvangst bij het verlaten 0896, pay check, shown to collect your
pay. Te tonen bij loonbetaling v7, a visitor to the mine would have
this. Bezoekerspenning |
|
penningeboet |
Portierslokaal |
|
pierewiet |
hulpstijl in hand- of
halfmechanische pijler |
|
pijler |
ontginningsplaats van
kolen |
|
plat |
half doorgezaagde stam
als daksteun |
|
Ploegaccoord. Zie ook eenmansakkoord |
Voordelen waren dat men veilig werkte omdat de gehele ploeg
verantwoordelijk was voor ontginning van de kool (denk hierbij ook aan
onderling helpen) het akkoord om de kool
over de gehele lengte van de pijler met een bepaald aantal mensen te
verwijderen b.v.met 50 man, kon men dat met 45 man doen dan werd goed
verdiend. |
|
poefen |
omhoog komen van de
vloer |
|
poekelen |
onderling de rug
wassen |
|
polt |
Dunne stam om stijlen
op juiste afstand te houden |
|
postsleper |
hulp van de houwer |
|
potlamp |
Lamp boven op de pot.
Voorloper van de petlamp. |
|
praam |
Hout om te remmen |
|
praam aantrekken |
harder werken: een praam is een soort neusknijper
voor een paard, daarmee dwing je het bijvoorbeeld om stil te staan Wordt nog
altijd gebruikt, vooral door dierenartsen |
|
pungel |
mijnkleding ingepakt
in een handdoek |
|
Q |
|
|
R |
|
|
Reactiebalk |
Zware, platte stalen
balk, aan kop en voet pijler met zware pen onder de aandrijving van de
transporteur bevestigt. Deze balk dient om de reactiekrachten op te vangen,
die ontstaan wanneer de schaaf door de kool wordt getrokken. Er werd ook mee
gestuurd. |
|
Respiratoren |
Ademhalingsapparaten (
stofmaskers) rond 1900 al voorgeschreven als men boorde men holle boren. Het
stofmeel werd door de lucht uit de gaten naar buiten geblazen. Zware
stofontwikkeling. Zie ook sponzen. |
|
richting trekken |
uitmeten en hangen van
richtingspunten |
|
richtinghujer |
moet er voor zorgen
dat de pijler over de hele lengte recht blijft |
|
richtingklemmen |
Klemmen met aan de
voorkant een kerf. In het kerf werd het lood
gehangen om de richting door te trekken. De klemmen werden aan de kap
bevestigd. Deze klemmen werden ook bevestigd aan de stijlen om de moetlijn te
hangen. In het verleden werden in de kappen of stijlen kerven gezaagd. Dit is
naderhand verboden omdat daardoor de stijl en kap werd verzwakt. Op dat punt
brak de kap en/of stijl. Langs de klemmen werden verfstrepen aan gebracht
zodat men direct kon zien of ze waren verschoven. Dienden ze als
theodolietpunt dan werd dat extra er bij vermeld. Foto volgt |
|
riffel |
steenbankjes in kool |
|
roetschetoer |
Schudgoot,heen en weer bewegend stalen goot |
|
roofhaak |
Stuk ijzer om stijlen
in de pijler naar je toe te trekken |
|
roven |
Wegnemen van stijlen
en kappen |
|
S |
|
|
S.O.D.M. |
Staatstoezicht op de
Mijnen |
|
sau |
Watergoot |
|
schacht |
verticale tunnel
(verbinding tussen ondergronds/bovengronds) |
|
schachtbok |
Mijn Wendel (Thans
museum) Houillieres Bassin de Lorraine (Foto Frank Glaubitz) |
|
schachtkolen |
kolen rechtstreeks uit
de schacht voor de mijnwerkers. vaak waren er meer stenen bij dan kolen. Ik
weet niet wanneer maar naderhand onder veel protest kregen de mijnwerkers ook
kolen uit de wassserij. |
|
schien |
Ziekenkaart |
|
schiethouwer |
Is belast en
verantwoordelijk voor de schietwerkzaamheden ondergronds |
|
schietkist |
bevat dynamiet (zie
foto hierboven) |
|
schietpin |
koperen pin 10cm die
in de laatste dynamietpatroon werd gestoken waarin de ontsteker geplaatst werd. |
|
schin |
Rail |
|
schlepper |
Sleper |
|
schlodderzeel |
platte onderkabel aan
lift (contragewicht en voorkoming slingeren) |
|
schreuëmhamer |
afbouwhamer
(perslucht) |
|
schwarzstijl |
ijzeren pijlerstijl
(moet opgevijzeld worden met 2 haringen) (Fabrikant Hermann Schwarz
Wattenscheid) |
|
silicose |
Stoflongen |
|
simpel |
Pijler met één ingang
mag slechts 40 meter lang zijn .De luchttoevoer geschiedt met luchtkokers |
|
sjiech |
Dienst |
|
sjiech |
ich han
sjiech (ik ben klaar) |
|
sjiechwessel |
Wisselen van de dienst Er waren 3 diensten
(dag-, middag- en nachtdienst) en het konden zelfs 4 diensten zijn als een
pijler of galerij in aanbouw, doorlopend bezet moest zijn
Hier neemt een kompel
van de middagdienst het stuk van mijn kompel (Wolfgang Schubert op dagdienst)
over |
|
sjiek |
Pruimtabak |
|
sjloep |
brug over de
balk aan kop en voetpijler, om de aandrijfinstallatie in de juiste koers te
houden |
|
Sjloep |
stijlen vasthouden brug
over de reactiebalk aan kop en voet pijler. Hierdoor kon de reactiebalk met
de voortgang van de productie mee schuiven. |
|
sjravelgeld |
Toeslag bij werken bij
hoogte minder dan 70 cm |
|
sjüttelbaas |
Ploegbaas |
|
skip |
bak in schacht voor
kolenvervoer 25 ton inhoud |
|
slangenboor |
gedraaide boorstangen (met en zonder gat) |
|
slede |
open wagen voor
transport lang materiaal |
|
sleepbak |
in bandgalerij
getrokken materiaalbak |
|
Snuiftabak |
Werd gestrooid op de
bovenkant van de hand en opgesnoven als middel tegen het stof |
|
somp |
water op de bodem van
de schacht |
|
spanketting |
ketting om de laatste
stijl aan het front vast te zetten |
|
Spits |
houtenlat voor op een
haarmankap ,afmetingen 120cm lang x 2 cm dik x 4 cm breed,teneinde
bouwwerk flexibel te maken of om mijnwerker te beschermen voor vallend
gesteente |
|
Splijtvlakken |
De aarde is altijd in beweging en
daardoor is de kolenlaag ook geen homogeen geheel. Er zullen dus (scheuren)
in voorkomen. Daar moet men bij de het loswrikken rekening mee houden. Het vergemakkelijkt het
werk iets. De geologische dienst heeft voor onderzoeken gedaan . Het beste
is de werkrichting loodrecht te stellen op de splijtvlakken |
|
sponzen |
Indien er geboord werd
met holle buizen (boormeel werd droog weggeblazen controleerde het
Staatstoezicht op de mijnen of men ook een spons als mondbedekking droeg. Zie
Rapporten Staatstoezicht al rond 1910. Zie ook boven (Respiratoren) |
|
spreekbuis |
bericht doorgeven door
holle buis (schacht) |
|
stal (bij pijler) |
uitbouw aan voetpijler
ruimteplaats voor motoren |
|
standpijp |
-
in dak geplaatst bij boring naar het dekterrein bij
doorbraak van drijfzand afsluiten -
Standpijp; is ook een holle pijp aangesloten op de
perslucht om het boorgat schoon te blazen alvorens de springstof werd
aangebracht.(bezetten) |
|
steenbreker |
Dikke brokken worden
iets verkleind |
|
steendam |
dam evenwijdig aan
galerij zie druk |
|
steenknuppel |
geplaatst achter
stijlen om ruimte op te vullen met stenen |
|
steenpost |
Steengang in wording |
|
Steenstofgrendel |
zijn twee buizen met
daarop losse planken,op de losse planken lag steenstof of gemalen mergel,de gehele
losse stellage was opgehangen aan kettingen tegen het plafond van een
steengang. De steenstof of mergel zou zich bij een mijngas ontploffing
vermengen met het opgedwarrelde kolenstof en zodoende kon het kolenstof niet
ontploffen. Mijngas ontploffingen houden op(door gebrek aan
ontplofbaar mijngas) Kolenstof ontploffingen gaan door de
gehele mijn(door het opdwarrelen van de koolstof bij iedere ontploffing) |
|
stielenteller |
noteert en controleert
aanwezig materiaal in pijler |
|
stijl |
ondersteuning tussen
dak en vloer |
|
stock |
steenlaag in galerij
tussen vloer galerij en vloer pijler |
|
stoeës |
Wand |
|
stoeltjeslift |
personen
transportmiddel |
|
storingen |
onregelmatigheden in
kolen of steenlagen |
|
storingshouwer |
werkte alleen in
storingen in de pijler laagverspringing |
|
strijken |
met gradenboog gemeten
horizontaal vlak in dak |
|
strossboom |
geleidebalk in de
schacht voor de kooi (pitchpine hout) |
|
sylvester |
Stijlentrekker |
|
T |
|
|
terugwaartse afbouw |
Galerijen worden
gedreven zover de kolenlaag wordt afgebouwd.Daarna komt men met de pijler
terug naar beginpunt bandengalerij.Toevoer wordt geroofd en de afvoer galerij
blijft open en wordt daarna gebruikt als toevoergalerij van de nieuwe
pijler.( Zie tekening mijnbouw algemeen). |
|
theodoliet |
hoekmeetinstrument (op
statief) |
|
theodoliet hang |
Hoekmeetinstrument.
Gebruikt op moeilijk te bereikbare plaatsen) |
|
tien meter teken |
Geschilderde lengtes in
(steen)gangen.Het nulpunt is hart schacht |
|
Titanstiel |
Inschuifbare stijl
voor pijlerondesteuning, uitgerust met een spieslot (vier vlakken
wrijving) en op de top een schroefkrik, die men kon vastslaan. De Titansstijl kan 40 ton
belasting hebben voordat hij inschuift. Schroefkriknoemden wij
opdeStaatsmijnen kroon en ook in andere mijnen wartel |
|
toevoer |
galerij waar het
pijlermateriaal wordt aangeleverd |
|
trek |
Op en neer laten van
de liftkooi |
|
tunnelbouw |
2 boven gebogen
stijlen die aan elkaar worden geschroefd |
|
tussengalerij |
Een galerij die in de
strijkrichting van een koollaag wordt gedreven tussen twee verdiepingen
in.omdat ze in de strijkrichting van de kool liggen deze nagenoeg horizontaal
en zijn daardoor bochtig |
|
tuut |
sirene geeft aan
begin/einde dienst |
|
tvs |
Technische vakschool |
|
U |
|
|
uittrekkende schacht |
Afgewerkte lucht wordt
door deze schacht uit de mijn gezogen |
|
ut brennt |
werd geroepen als men
ging schieten |
|
V |
|
|
vaarsteck |
hakje met steel van de
meesteropzichter hij kon er mee meten en controleren of het bouwwerk goed
staat |
|
vaarsjtieger |
Meesteropzichter |
|
vangkroon |
(spits – hol) om
boorstangen die in gat gevallen waren op te vangen |
|
verbandsboeët |
Verbandkamer |
|
verbandsdoeës |
ijzeren doosje 20 bij 12cm met de naam van de mijn met enkele
rolletjes verband, jodium etc. |
|
vieëdele |
Overwerken |
|
vlaggedienst |
dienst van 7.15 uur
tot 16.30 uur (bovengronds) |
|
vloerplaat |
voorkomt dat stijlen in
de pijlervloer worden gedrukt |
|
voeshammer |
hamer om spieën in de
stijlen vast of los te slaan |
|
voetpijler |
einde pijler. De kolen
worden afgevoerd in die richting |
|
Voorboren |
met een slangenboor ongeveer 15 meter in de
kool boren teneinde het eventuele mijngas
geleidelijk te laten ontsnappen. Er werd om de 10 meter een gat geboord |
|
voorwaartse afbouw |
galerijen worden
gedreven en zodra de af te bouwen kolenlaag is bereikt begint men met
aantrekken pijler |
|
vulpijler |
ter voorkoming mijnschade
wordt de oude man volgespoten met wasberger |
|
vuurpeule |
in storing
al enkele meters voor het transportmiddel ontkolen. |
|
vuurspanschinnen |
2 rails die door
beugels die aan de kappen zijn bevestigd naar voren worden geschoven om kappen
op te leggen |
|
Vúúrtrek |
personenvervoer
via een hoofdschacht voorafgaand aan het regulaire personenvervoer. |
|
W |
|
|
W.I.M. |
Werkplaatsen Invalide
Mijnwerkers: Officieel 'Werkverschaffing voor Invalide Mijnwerkers' in de volksmond
'Werkplaatsen Invalide Mijnwerkers', opgericht 18 juli 1927 door het FSI. Zie
ook aldaar |
|
wagenomloop |
Om steengang uit te
sparen werd bij grenzen met een andere mijn of om andere redenen een
wagenomloop gemaakt. Niet te verwarren met een “cul de sac” zie boven. Dit was als het ware
een halfronde (halve cirkel) tunnel in de steengang. Deze omloop werd
vervaardigd in beton. In de richting van de terugweg lag de laadkast waar de
wagens werden gevuld . Op de Staatsmijn Wilhelmina was de “familie Karstenberg“ in dit werk super gespecialiseerd en genoten grote faam
!!!! (Ik hoop dat ik de naam mag noemen)
|
|
wandelend bouwwerk |
zelf voortbewegende
ondersteuning (hydraulisch). Fabrikanten Westfalia, Klöckner ferromatiek |
|
Wartel |
zie titanstijl,
de schroefkrik aan de top van een titanstijl is de wartel |
|
wasberger |
gebroken stenen om
oude man op te vullen |
|
wassergeld |
Toeslag bij werken
waar veel water uit de berg (dakgesteente) kwam |
|
wasserij (kolen) |
waar de kolen via een
procédé worden gescheiden van de stenen |
|
watergalerij |
waar het water werd
opgevangen waarna het naar boven werd gepompt. |
|
waterpatronen |
worden achter de dynamiet geplaatst in boorgaten (ter voorkoming
uitstromen mijngas en druk volledig op gesteente te laten uitvoeren |
|
wentelkoker |
bij tussenschacht waar
de kolen naar beneden gingen |
|
weschkau |
badlokaal Koempel Wolfgang Schubert aangekomen in
het badlokaal. De kleren worden opgehangen aan de kettinghaken |
|
wetterdeur |
Luchtdeur |
|
Wetter-energit |
soort springstof dat gebruikt werd indien aantoonbaar kolen of
gas in de buurt was. Had n.l. geen ontstekingsvlam voorkwam dus dat gas of kolen
konden worden aangestoken. (mijngasveilig) |
|
widiaboor |
Boorkroon met widia
(hardstaal) |
|
X |
|
|
Y |
|
|
Z |
|
|
zaagtand |
in bepaalde
voorgeschreven wijze stijlen zetten in een pijler |
|
Zadelplaat
|
gegolfde plaat die
gelast was op de bovenzijde van een in een ondersteuning in een galerij of
steengang, in de golf paste de worstvormige rol die op de kap gelast was |
|
zinken |
het spoor dieper
leggen |
|
zoal |
Verdieping |
|
zollstock |
Duimstok |
|
zoutpil |
voor mijnwerkers die
werkten bij hoge temperaturen |
|
Zughub spreek
tsoeghoep |
Ratel-handtakel met
galsche ketting. 1,5 ton of 3 ton |
|
Zweetstüpke |
mouwloos onderhemd |
Bijnamen op de Staatsmijn Wilhelmina terug
|
|
Bijnamen zijn geen scheldnamen. Wij kenden ons door en door,
deelden lief en leed. Daardoor kreeg men ook wel eens een bijnaam aangemeten. |
|
beu jong, d’r |
als iemand iets uitgevreten had, zei hij: Beu jong, doe bis
bestroaft |
|
biechtvader, d’r |
sprak altijd heel
zachtjes, of het geheimen waren |
|
bier flasche de |
Bierflasch Klein van stuk met
drinkblik van 3 liter |
|
Blomkoeël |
Zeer groot hoofd (mijnpolitieman) |
|
bokser |
Ingevallen te Keulen als kampioen van Maastricht. Na de
eerste slag kwam hij tot bewustzijn in het ziekenhuis te Keulen |
|
buffel, der |
herkomst? |
|
centebeksjke |
onderlip stak verder uit
dan de bovenlip |
|
clown |
Was altijd zeer vrolijk en menselijk |
|
cowboy, der |
Kwam op carnavalsdinsdag verlof vragen verkleed als cowboy |
|
der remmel |
zijn kampioensremmel (konijn) was uitgenodigd op
superkampioenenshow in Julianahotel te Valkenburg waar een bruiloft plaats
vond |
|
Doeëf, de |
Hij was een duivenpiet |
|
Een-twee, een twee |
hij sloeg de trom bij de schutterij |
|
eëzel |
(ezel) waarom? |
|
elftrappengezicht |
meesterhouwer met een nors gezicht. De uitdrukking elftrappengezicht
komt oorspronkelijk van Aken. Als iemand voor 1800 in Aken werd veroordeeld " dood met de
strop" moest hij op de markt voor het raadhuis eerst op een klein podium
van elf trappen klimmen. In Vaals hebben ze daar een carnavalsslager over dit
onderwerp |
|
fleute sjong |
Bij wachten op kooi in
laadplaats, begon men te fluiten en persoon met deze bijnaam reageerde kwaad,
wat anderen weer deed besluiten van uit andere hoek te fluiten |
|
Geoff Duke |
Genoemd naar een bekende motorrijder in de 50 jaren. Mijnwerker met Solex had de outfit van Geoff Duke. |
|
Graaf, der |
had een adellijke achternaam |
|
grafsjenner |
Liep altijd verdacht op het kerkhof |
|
haas d’r |
een koempel
die aan het einde van de sjiech ondergronds de penningen
vedeelde om naar bovengronds te gaan. Van opzij gezien had hij net het
uiterlijk van een haas. Ging het verdelen van de penningen niet snel genoeg dan begonnen al die
koempels het liedje te zingen van “Op een groen, groen knollenland daar zaten
twee hazen heel parmant”. Of er werd geroepen .paaf .paaf.paaf. en dan werd
hij kwaad. |
|
Halve stalduur, de |
zijn broer die een stuk kleiner was (zie stalduur) |
|
handdoch d’r |
???? |
|
hilleje man |
Vroeg verlof om sinterklaas te kunnen
spelen. |
|
hoeës-eppeltje, ‘t
|
had rode wangen |
|
horst,der |
geleek op Horst uit de film Bonanza |
|
Isar zwölf |
Mijnpolitie: genoemd naar de Duitse politieserie |
|
jevelles |
zei telkens: jevelles |
|
kloek, de |
door bij het boetere gekookt ei onder zich te leggen en kloek,
kloek, kloek te zeggen |
|
knieën |
konijn gevangen op houtterrein. Bij de portier staken de poten
uit de pungel. Kerstmaaltijd bij der spitskool (mijnpolitie) thuis |
|
kniengs joep |
bekende fokker van raskonijnen |
|
Knoa, der |
Was helper bij de mijnmeters. Moest hij een gat geboord hebben
voor de richting of moetlijn te hangen dan vroeg hij: kun jij een gat boren
om der knoa (stuk rond hout in te slaan. |
|
knoebel, der |
herkomst? |
|
knutsch |
nam iedere dienst een beetje hout mee naar huis
|
|
küeningin |
voor dat hij startte met werken zei hij iedere dag : eerst 5 minuten voor de koningin |
|
loemele joep |
Had in de oorlog een deken gestolen. Bij controle tegen de mijnpolitie "het is toch maar inne loemel" |
|
Loemele joep 2 |
na
de nachtdienst gingen een groep kompels naar huis, onderweg zagen ze een
vrouw die de stoep was aan poetsen,daar stond een emmer water,der joep zag
dat en zij kiek ens doa, zijn kameraden zeiden dat durf je niet, o nee,hij
nam de emmer water en gooide de inhoud tegen de gebukte vrouw , die bedacht zich niet en
ging achter der joep. Die
kreeg van die vrouw met "der schroeploemel = dweil“ van langs Joep D..,
heeft lang die naam gedragen iedereen wist het
verhaal en van "der Loemele Joep |
|
lord Snowdon |
klein amateur fotograafje |
|
Mamma, de |
Hij was vrijgezel en enige zoon |
|
meesterhujjer, der |
beloofde iedereen die hem op vele biertjes tracteerde dat degene
meesterhouwer zou worden. |
|
metertsing d’r |
(metertien) kort van stuk |
|
monkie |
Zwaar behaard |
|
nienmasjieng |
handelde in van alles |
|
nuntsig d'r tusje |
opmerking als stutwerk niet op vereiste afstand stond. |
|
Oma, de |
Seingever op de 506 meterverdieping.Deze had verkering met een
meisje en trouwde met de moeder! |
|
pappa d’r |
op weg naar de mijn riep zijn vrouw hem een hele tijd na : adie pappa |
|
pater |
had een braaf gezicht |
|
paus Johannes |
hij kreeg deze bijnaam omdat hij bij een Missieoptocht de rol speelde
van de paus |
|
pauwhaan d’r |
Was een trots iemand en had een hoge stem |
|
peeëd, ‘t |
om prins Bernhard in Maastricht te ontvangen met zijn paard
kreeg hij een dag extra verlof |
|
peeëdsdskuttel |
in zijn jeugdjaren met karretje paardenvijgen verzameld voor
mest in de tuin |
|
peeëdskop |
Dik hoofd (geen uitleg nodig) |
|
piefje, ‘t |
zetten we daar een buisje tussen |
|
pierewiet, der |
vaarsjtieger die kwam van de Maurits die op de Wilhelmina de
hulpstijl in voerde met de naam pierewiet |
|
PLUTO ( hond). |
Voordat dat hij de bezetting van de post met dynamiet tot
ontploffing bracht stak hij een natte doek in de mond. |
|
Poepertje |
Nog in ondezoek |
|
polten joep |
Vaarstjieger Huyten. Moest altijd meer materiaal aanwezig zijn
dan nodig was. Vroeg je voor de kermis vier maanden van te voren verlof aan dan
zei hij: doe bis te vreüg. (je bent te vroeg. Was het dan een week voor de
kermis. Dan zie hij du bis te sjpieë, hawst du ieéder mosse vroage. (Je bent
te laat, had je eerder moeten vragen. Verder was het een geschikte peer. |
|
Pompeye |
Een koempel noemde ze der .Ik weet niet of de spelling goed is |
|
sjavouw |
Zijn vader had een groentezaak. Sjavou is kool |
|
Sjeef boks: ", |
Scheve
broek) die man had kromme benen en liep als een cowboy |
|
Sjiek , d’r |
Verder was hier een opzichter van het vervoer die aan iedereen
vroeg :jup hub's du sjiek (heb je pruimtabak). |
|
Sjlek (slak) |
was langzaam van aard Naam mij bekend |
|
sjlodderzeeël |
(onderkabel) was
lang en stuntelig |
|
Sjpioeën, d’r |
De spion: Verstopte zich altijd in lege wagens om te spioneren
of ook direct begonnen werd met werken. De mijnwerkers spoten de wagen -per toeval-vol met water. Wie
kroop doornat uit de wagen! D’r sjpioeën |
|
sjpitskooël |
was bij de mijnpolitie |
|
sjunne jong |
Was heel deftig |
|
Sjuppe boer |
Schoppen boer. Herkomst naam ? |
|
spaanse juf |
kwam altijd heel deftig gekleed naar de mijn met glacéhandschoenen |
|
spitse joep |
lang en smal : houten
spitsen in de pijler zijn smal |
|
stalduur |
Stevig gebouwd persoon en oer sterk |
|
stinke euëmke |
had slechte adem en
stond met de rug naar ons toe in de kooi. Er
was een meesterhouwer
en die had hij op maag en dan stond hij met de mond naar hem toe. |
|
tsing vuur zwei |
tien voor twee. Liep met de voeten naar buiten gekeerd |
|
tuinkabouter |
klein van stuk |
|
tuul, de |
Had een grote neus |
|
uitvinder |
had enkele praktische uitvindingen gedaan maar werden
achterhaald door de techniek. Een uitvinding heeft hij kunnen verkopen |
|
Uiver, de |
was sneller met de schop dan de eerste automatische laadmachine
die de naam uiver had |
|
voele poet d’r |
Buitengewone voetmaat |
|
voeshemmerke |
(vuisthamertje)
klein van stuk |
|
vuurvadder, der |
nam als enige het woord op een hoorzitting van mijnwerkers over
het pensioen met de woorden :onze voorvaderen
hebben het pensioen opgericht en wij hebben er totaal niets meer over te
vertellen |
|
vuurvot |
danste de ene wals na de andere |
|
wassere joep d’r |
D’r wassere joep was wielrenner bij de mijnwerkersronden. Na iedere ronde riep hij om drinkwater. Joep was van Vaals d.w.z. drinkwater is in Vaals wasser. |
|
zweivooftsig, der |
had zich als scheidsrechter in Nijswiller laten omkopen voor
twee gulden en vijftig cent (voor de oorlog) |
Bijnamen Willem Sophia
|
Boeboe d’r |
Dat was een koempel, die, als hij wilde imponeren en zich sterk
maakte tegenover de andere koempels, altijd begon met boeboe |
|
Hillige bimba |
als hij zich met een hamer op de vingers sloeg vloekte hij nooit
maar schreeuwde hij “ heilige bimba” |
|
Krakepoeët |
(lang en zeer smal. Als hij aan een vinger trok hoorde je de
botten kraken |
|
poeppa |
(poppetje) noemde
zijn meisje altijd de poeppa |
|
Reutereer. |
Op de W.S. was aan het laadpunt het spoor
ongeveer een meter onderbroken met de bedoeling de wagen te schudden zodat meer kolen in de
wagens gingen. Dat noemden ze een Reuter. Er was een sjtieger die stotterde en die had de bijnaam gekregen
de reutereer |
|
uul, der |
Was trots op zijn bijnaam. Had een cafe op de Bocholtzerheide.
In de volksmond bij der Uul. Carnavalswagen: der uulewaan en de Uulenbal etc. |
Bijnamen Laura
|
cilinderkuëb |
Als iemand langs
kwam zette hij de lucht aan op de cilinder |
|
eventueel |
Zei
altijd eventueel |
|
Joker, d’r |
daar kon men alle kanten mee op |
|
knieën, d’r |
had boventanden vooruitsteken |
|
Knoak, d’r |
Had een dikke buik
en liep voorover |
|
kuusj der |
Zijn naam was
kusters |
|
Mot ich ins huëre |
Zei altijd die zin. |
|
radauwkop |
Maakte altijd veel lawaai |
Bijnamen
Staatsmijn Hendrik
|
Caspar |
Vaarstieger Math.
Smeets van de Hendrik heeft eens een kerstverhaal in Steenkool
geschreven van een van de 3 koningen, Kasper, die op kerstnacht bij de
koempels verscheen. Sinsdien wordt hij in de wandelgangen "Kasper"
genoemd. Hij was bij de ondergronders een zeer
geliefde vaarstieger. |
|
Beul d’r |
Vaarstieger X en Y waren erg
gevreesd. Twee bullebakken die je letterlijk de grond in stampten. Ook de
jonge opzichters waren vaak onderwerp van spot en zij waren bevreesd voor die
twee. Een van die twee had
nevenstaande naam |
|
Sjlappe trekhònk (hundj) |
Werd geschreeuwd als je het pand (de voorgeschreven aantal meters kolen niet gedolven kreeg) |
Bijnamen Domaniale
|
|
Voor een uitgebreid
overzicht van de bijnamen van deze mijn gaat u naar de site van mijn
kompel : De Domaniale Mijn in beeld zie aldaar feiten en
cijfers |
|
memmenstieger |
had een beetje toezicht op de poetsvrouwen |
|
kierrölke |
(keerrol) einde band hij was even breed als dat hij lang
was |
|
sjwatze
marie |
einde dienst zei hij altijd nu ga ik naar het
schwartz marie die zwart haar had en marie heette |
Bijnamen Staatsmijn Emma
|
joemie, der |
zei tegen het transportband der joemie |
|
koelsjong |
(mijnschoenen) hij was klein van stuk |
|
naas, de |
Had een grote neus |
|
neus, de |
Meesteropzichter als hij de pijler op kwam werd altijd gezegd ,wat ruikt mijn neus |
|
zoef de haas |
sjtieger kroop de pijler op en
af sneller dan een haas |
|
zeërmoos |
Keek
altijd heel nors |
Bijnamen Oranje
Nassau I
|
duustere, der |
keek altijd heel nors |
|
mummie |
leek op een mummie |
|
pluto, der |
als hij sprak bromde hij als een hond
(woew, woew) |
|
tomaat, de |
had een kogelrond en rood
gezicht |
Bijnamen Oranje
Nassau II
|
|
Stuurt u maar in Dank U!!! |
Bijnamen Oranje
Nassau III
|
Buul, der |
Was altijd
nors |
|
1717 d’r |
Opzichter die altijd zei : 1717 + 2
gulden punkten dan heb je inne gowwe loeën. |
|
communiebenkske |
Ging voor dat hij naar de mijn kwam ter communie in de kerk |
|
D’r naze
joep |
Had een fikse neus |
|
Der ouwe ervarene en der sjneuzel |
Twee opzichters (broers). een met langere ervaring en de ander
nog in het beginstadium |
|
Genearaal snuffel |
Was altijd zeer nieuwsgierig en
vroeg: hoe staan de zaken |
|
hobby d’r |
De koel is mienge enige hobby |
|
Jumbo d’r |
|
|
Kiebelmajoor, d’r |
Zorgde voor de wc tonnen |
|
Lange d’r |
Groot iemand |
|
Mike Molten, d’r |
Leek op die televisie ster |
|
Piefekop |
Had de gehele dag de pijp in de mond |
|
pletske |
Koekje. Hij had altijd koekjes
op de boterham |
Bijnamen Oranje
Nassau IV
|
grieënieëzer |
was een zeurpiet |
|
Mòdder goades |
Moeder Gods. Had het daar
altijd over |
Bijnamen Staatsmijn Maurits
|
geitje,‘t |
Een bekende figuur op de Maurits was een klein mannetje met een heel
dun (iel) stemmetje die mekkerde als een geitje. Daarom de naam geitje. Op
een Zaterdag, einde dagdienst, kwam het
toezichthoudend personeel gelijk met de mannen boven. Een bekend
hoofdopzichter ontmoette het geitje en wilde blijkbaar de populaire figuur
uithangen. Hoe is het geitje? Antwoord: slecht, ik heb ruzie met mijn
vrouw. Hoofdopzichter: Hoe komt dat dan?, Geitje: Ze zegt" Doe (jij) mekkert
(zeurt) als een hoofdopzichter en doe verdeens (jij verdient) zo veel als een
sjlepper. (Laagst betaalde baan) |
|
|
|
Uit: Zeven eeuwen mijnen en mijnwerkers in Limburg
van WIM van den Eelaart
De
Staatsmijn Wilhelmina te Terwinselen was de oudste van de 4 Staatsmijnen in
Limburg. Zij kwam in exploitatie in een tijd, waarin plotselinge en snelle
opkomst van de mijnbouw als grootindustrie een ordeloze toevloed van buitenlandse
arbeidskrachten veroorzaakte.
Deze
werkzoekende mannen kwamen uit alle delen van Europa, maar vooral uit
Duitsland, Polen en de vroegere Donaumonarchie. Er waren vreemde types bij.
Hoogst
merkwaardige snaken.
Daarin
ligt de oorsprong van het wonderlijk verhaal over de
“duvelskaerel”van de Staatsmijn Wilhelmina.
Het moet
gebeurd zijn in het prille begin van de ontginning van de mijn. Als stutter
ondergronds werkte er een buitenlander, die uit het oosten van Duitsland kwam;
het gedeelte dat nu tot Polen behoort.
Werken
dat hij kon - fantastisch! In zijn eentje deed hij drie keer zoveel als andere
koempels.
Het vreemde was echter dat hij
bij het eigenlijke stutten in de mijngangen niemand bij zich wilde hebben.
Anders
vertikte hij een hand uit te steken.
Zelfs de
jongen die de stutten van mijnhout aansleepte, moest dan verdwijnen.
De man
die in accoord werkte, werd door de opzichter op de proef gesteld nadat
mede-arbeiders hadden geprotesteerd omdat deze vreemdeling – spelenderwijs naar
het scheen – zo veel meer verdiende dan zij. Het accoordloon werd verlaagd. De
zonderling protesteerde met geen woord. Hij grijnsde geringschattend. En
verzette om financieel toch aan zijn trekken te komen voortaan tien maal zoveel
werk als andere ploegmakkers. Onbegrijpelijk wat eerst een vreemde uitdaging
was geweest, werd een verontrustend raadsel.
Een
opzichter en een schietmeester die verzekerde dat zij ook voor de duivel in
eigen persoon niet bang waren, besloten zich zekerheid te verschaffen. Zij
verborgen zich ondergronds op een plek waar zij de man tijdens het aanbrengen
van de stutten konden gadeslaan zonder zelf gezien te worden. Dat dachten zij tenminste. Maar niet zodra verscheen de “duvelskaerel”of het
was of hij door een inwendige stem gewaarschuwd werd. Hij keek zoekend rond. En
dan liep hij rechttoe, rechtaan naar de schuilplaats van de beide mannen en
vertelde hun woedend dat zij moesten verdwijnen. Eerder zou hij niet aan het
werk gaan…
Het raadsel is nooit opgelost. Kort na dit
incident kwam de man niet meer op het werk. Hij was uit zijn kosthuis verdwenen
na prompt betaald te hebben wat hij nog betalen moest. Men had er hem ook niet
naar gevraagd; inwendig blij dat men deze zonderling, die in zijn vrije tijd
zijn kamer in het kosthuis niet verliet en met niemand sprak, met goed fatsoen
kwijt was.
Naar
boven terug
Auteur: wim
schoenmaekers staatsmijn wilhelmina nummer 300 home