Woordenschat groep 6 les 19

taalpic.gif

Vul de goede woorden in

A. Wie is het?
Een gastvrouw is iemand die
Een pechvogel is iemand die
Het feestvarken is iemand die
Een koploper is iemand die
Een uitblinker is iemand die

B. Waar komt het vandaan? (Denk aan de hoofdletters!)
Turkse kleden zijn kleden uit
Belgische bonbons zijn bonbons uit
Duits bier is bier uit
Portugese poppen zijn poppen uit
Zwitserse horloges zijn horloges uit
Poolse klederdrachten zijn klederdrachten uit

C. Dezelfde betekenis
Welk woord achter de streep betekent ongeveer hetzelfde als het woord voor de streep?

  week /

 zacht, sterk, duurzaam , dag

  aanvang /

einde, begin, periode, pauze

  seizoen /

 jaar, winter, lente, jaargetijde

  lente /

 zomer, voorjaar, herfst , winter

  herfst /

winter, zomer, voorjaar, najaar

  beroemd /

bekend, rijk, onbekend, kampioen

  etage /

 etalage, flat, zolder, verdieping

  historie /

 geschiedenis, verhaal, oorlog, roem




D. Een woord - twee betekenissen
rol 1. iets wat opgerold is; bijvoorbeeld een rol behang
rol 2.
roos 1. schilfers in je haar
roos 2.
meester 1. iemand die rechten gestudeerd heeft
meester 2.
munt 1. een plant die naar pepermunt smaakt
munt 2.
vak 1. een leervak op school
vak 2.