Woordenschat les 21 b en c

Vul het juiste woord in , druk daarna op -controle- om je antwoorden te controleren .

B. Compleet maken   Je hebt de keus uit: mars, pet, oren, akkoord, mouw, net

1. Dat wil mijn broer beslist horen.  Hij spitst zijn
2. Toen ik binnenkwam waren de dropjes op.  Ik viste achter het
3. Daar ben ik het mee eens.  Daar ga ik mee
4. Mijn nicht kan heel goed leren.  Ze schudt het uit haar
5. Zij kan heel veel.  Zij heeft veel in haar
6. Ik snap die sommen niet.  Dat gaat boven mijn

C. Dieren bij elkaar :
kies uit    bijen , vissen, schapen, wolven
een kudde
een school
een zwerm
een troep